dinsdag 31 juli 2018

300. Column over ouderdom: Oud worden en vooral oud zijn is niet leuk

Onderwerp: oud worden - Alzheimer - dualisme in filosofie - privé

 

Ouderdom komt met gebreken

Ouderdom komt met gebreken is vooral zo’n vreselijk cliché omdat het klopt als een bus. In mijn werk ontmoet ik regelmatig (zeer) oude mensen met uiteenlopende gebreken die mij meer dan eens toevertrouwen dat oud worden en vooral heel oud zijn niet leuk is. Voor het geval ik nog niet besef wat mij nog te wachten staat mocht ik net zo oud worden, zullen we maar zeggen. Wat meteen een van de redenen is om mij serieus af te vragen of ik niet ander werk moet gaan doen. Bijvoorbeeld met een doelgroep die nog optimistisch kan uitkijken naar de toekomst: kinderen en jongeren.
 

Mensonterend tafereel

Van de week moest ik voor de zoveelste keer weer aan het cliché denken toen ik met mijn hoogbejaarde moeder van 88 jaar op bezoek was bij mijn inmiddels zwaar demente oom van 75 die sinds kort permanent in een verpleeghuis is opgenomen.
Mijn oom is de vijftien jaar jongere broer van mijn in 2010 overleden vader die toen ook dementerende was (Alzheimer). Daar waar mijn vader destijds nog het “geluk” had dat hij overleed op een moment dat hij ons nog herkende en er met hem nog vrij normale gesprekken konden worden gevoerd - en hij bovendien nog niet in een verpleeghuis was opgenomen (wat hij absoluut had gehaat) - heeft mijn oom dat geluk niet.
Met de voor mij bekende verwarde blik van een dementerend persoon was mijn oom continu in zichzelf aan het praten en vrijwel alles wat hij zei, raakte kant noch wal. Tegen beter weten in hoopte ik dat mijn tante nog wel ergens chocola kon maken van wat hij zei (als een ouder bij de brabbeltaal van zijn peuter), maar dat bleek niet zo te zijn.
 

Understatement van jewelste

Triest maar waar moet ik concluderen dat er van mijn ooit zo grappige, intelligente en scherpzinnige oom weinig tot niets meer over is. Dat ouderdom met gebreken komt, is in dit geval een understatement van jewelste.
Alle respect trouwens voor mijn tante. Waar mijn moeder het absoluut niet kon handelen dat haar man/mijn vader dementerende was (met als verzachtende omstandigheid dat ze, laat ik het zo zeggen, geen ideaal huwelijk hadden), zorgt mijn tante zonder enig geklaag in alle voor- en nu vooral tegenspoed voor mijn oom.
Zelfs in dit verpleeghuis wijkt ze het grootste deel van de dag niet van zijn zijde. Iets wat nog versterkt wordt door haar constatering dat de zorg in dit tehuis rampzalig is. Mede door het bekende personeelsgebrek in de zorg blijken ze daar de patiënten het grootste deel van de dag aan hun lot over te laten met alle voorspelbare onhygiënische situaties tot gevolg. Een mensonterend tafereel wat je niet in Nederland zou verwachten. 
 

Dualisme lichaam versus ziel

Filosofisch gezien doet de situatie van mijn oom me meteen denken aan het dualisme van bekende filosofen als Plato, Aristoteles en Descartes waarmee zij al eeuwen geleden onderscheid maakten tussen lichaam/materie en ziel/geest. Tot op de dag van vandaag gelooft een grote meerderheid van de mensheid nog steeds dat de mens bestaat uit een lichaam en een ziel waarbij het lichaam op een dag doodgaat maar de ziel elders zal blijven voortbestaan. Zelf ben ik daarentegen meer een aanhanger van het fysisch monisme dat er van uitgaat dat alles wat is, bestaat uit materie.
Bij dementerende mensen zie ik voor mijn fysisch monistisch standpunt al een bewijs: de persoon die jij bent met al jouw goede en slechte karaktereigenschappen ligt vast in jouw brein (lees “Wij zijn ons Brein” van Dick Swaab). Als er wat in je brein verandert of beschadigt - door bijvoorbeeld een ongeluk of een ziekte als Alzheimer - kan dat grote gevolgen hebben voor jouw hele persoonlijkheid. Een lief, zachtaardig persoon kan opeens veranderen in een vervelend en agressief persoon en vice versa. Materie bepaalt wie je bent.
Aanhangers van het dualisme zullen hier waarschijnlijk
iets tegenin brengen in de richting van dat een mooie ziel door een ongeluk of ziekte nog steeds mooi is, maar dat dit niet meer “doorkomt” omdat er in het lichaam iets stuk is gegaan waardoor er ruis is ontstaan. Maar persoonlijk vind ik het nogal zwak om er wel van uit te gaan dat materie ogenschijnlijk iets stuk kan maken aan iemands persoonlijkheid. Terwijl je er andersom geen rekening mee wenst te houden dat materie in staat is tot het mede (nature/genen én nurture) creëren van iemands persoonlijkheid.
Hoe je het ook wendt of keert is de wetenschap inmiddels al lang zover dat het bewezen is dat de persoonlijke eigenschappen die iemand heeft door een combinatie van erfelijkheidsfactoren (die vanzelfsprekend al een rol spelen vóór het moment van de geboorte) en nurture-omstandigheden zich genesteld en verder ontwikkeld hebben in bepaalde gebieden in de hersenen.
Daar waar vroeger wetenschappers verketterd werden op een moment dat ze durfden te beweren dat de hersens van zware criminelen toch echt significant anders waren dan die van een gemiddeld mens, weten we inmiddels gelukkig wel beter. Nee, we komen niet - zoals vroegere filosofen als Thomas van Aquino en John Locke dachten - op de wereld als een ongeschreven blad (tabula rasa). Met dank aan de materie verschillen we al bij geboorte van elkaar en kunnen we alleen maar hopen dat we niet de hersenen van bijvoorbeeld een seriemoordenaar of pedofiel hebben.
 

Een zeer realistisch scenario

Terugkomend op mijn arme oom kan ik alleen maar hopen dat hij snel vredig in zijn slaap sterft. Maar wat er ook gebeurt, ik zal hem in elk geval herinneren zoals hij was en niet zoals hij nu geworden is.
Mijn kinderen weten overigens al dat ik het proces van dementeren nooit wens mee te maken. Iets wat kijkend naar mijn vader en oom en de statistieken helaas een zeer realistisch scenario is. Dus rest mij niets anders dan mijn hoop te vestigen op een nabije toekomst waarin in dergelijke situaties een pilletje heel snel (legale) uitkomst biedt. Ik blijf het absurd vinden dat ik mijn kat kan laten inslapen als hij op is en lijdt, maar dat dat voor een naaste een heel ander, ingewikkeld verhaal is.
Ja, de oude mensen van mijn werk hebben natuurlijk helemaal gelijk: zo oud worden is niet leuk. Met een oom aan de ene kant die alleen maar in zichzelf zit te brabbelen en een moeder aan de andere kant die allemaal triviale verhalen over zichzelf vertelt die ik al voor de tiende keer hoor omdat zij inmiddels ook al zover is dat ze niet meer weet wat ze gisteren of vijf minuten geleden heeft gezegd, werd me dat voor de zoveelste keer weer duidelijk.
En mocht ik ooit worden verweten dat ik tactloos ben, dan weet ik weer van wie ik het heb. Mijn moeder: “Ik weet nog goed dat ze vroeger op de kleuterschool zeiden dat je zoveel kwaliteiten had… Tja, dat is er niet helemaal uitgekomen hè?”  
 

Tonko

Wil je reageren op deze column? Ik hoor graag jouw mening!
Klik onderaan dit blog op "(Geen) opmerkingen" en plaats je reactie. 

 
 

zaterdag 30 juni 2018

299. Column over vriendschap opzeggen per app: (hoog) gevoeligheid is een bitch

Onderwerp: opzeggen vriendschap - privé

 

Anno 2018 zeg je een vriendschap op per app

Kort geleden kreeg ik een whatsapp van een goede vriend van vroeger waarin hij zeg maar onze vriendschap opzegde. Hij gaat mee met zijn tijd. Als je vroeger geen zin meer had in een vriendschap of relatie maar je had het lef niet om dat direct face-to-face te zeggen, dan stuurde je een brief. Anno 2018 zeg je een vriendschap op per app. Dat is binnen een paar minuten gepiept en wel zo efficiënt. Lang leve de techniek!
 

Zo gaan die dingen soms

Ondanks dat het natuurlijk niet leuk was om te lezen, was ik niet verbaasd. De vriend had jarenlang niets meer van zich laten horen en op een aantal appjes (!) van mij in de afgelopen jaren had hij niet gereageerd. Dat hij zich nu gedwongen voelde om die opzeggingsapp te sturen, kwam doordat ik had besloten hem nog één keer te bellen. Met slechts één doel: ik wilde direct uit zijn mond horen waarom hij mij die laatste jaren had genegeerd.
Het doel werd niet bereikt. Uit zijn mond heb ik de reden niet gehoord. Toen ik belde zat hij in de auto en nam hij duidelijk op zonder het besef dat ik het was. Geschrokken mompelde hij snel dat het nu niet uitkwam en dat hij me zou terugbellen. Dat hij loog, hoorde ik meteen. Een paar uur later ontving ik zijn app waarin hij als eerste meldde dat het hem verbaasde dat ik hem had gebeld.
Vervolgens schreef hij dat hij niet meer de behoefte voelde om ons contact te onderhouden omdat verre vriendschappen (ik woon in Amstelveen, hij in Gelderland) voor hem niet meer werkten. We waren van elkaar verwijderd geraakt en dat was oké voor hem. “Zo gaan die dingen soms.” Wel excuseerde hij zich voor het feit dat hij daarin naar mij toe niet eerder duidelijk was geweest (een understatement). Hij sloot af met “Ik koester de leuke herinneringen uit het verleden en wens jou en je familie het allerbeste toe. Maak er iets moois van.”
 

Gevoeliger en dus ook kwetsbaarder

Op zich was het best een vriendelijke app natuurlijk. Maar toch voelde ik mij zeer gekwetst. Ik kon die nacht moeilijk slapen en droomde zelfs dat ik moest huilen omdat hij onze vriendschap had beëindigd. Je kunt er lang of kort over praten, maar in feite krijg je met zo’n app te horen dat iemand jou niet de moeite waard vindt om nog contact mee te blijven onderhouden en zo’n afwijzing doet pijn.
Toch is er ook een andere kant van het verhaal. Een kant waarbij ik besef dat de reden dat dit mij zo raakt een boel zegt over mij. Om te beginnen bevestigt het iets wat ik al lang weet: dat ik vergeleken met de meeste mensen om mij heen veel gevoeliger ben en dus automatisch ook kwetsbaarder.

Ik baal gigantisch van die gevoeligheid. Of om in termen van nu te spreken: voor mij is (hoog) gevoeligheid een bitch. Gevoeligheid mag dan zeker mooie kanten hebben, maar uiteindelijk werkt het veel meer tegen me dan voor me.
Zo ben ik mede door mijn hoge gevoeligheid veel idealistischer en romantischer dan een gemiddeld persoon waardoor ik bijvoorbeeld op het gebied van relaties en vriendschappen vaak veel te hoge verwachtingen heb. En wie (te) hoge verwachtingen heeft, maakt vanzelf een grotere kans om teleurgesteld te raken en dat is kut.
 

De ze-komen-en-ze-gaan regel voor menselijke relaties

Als je mijn gevoeligheid voor het gemak even weglaat, is nuchter bekeken wat er met de vriendschap met deze vriend is gebeurd echter volstrekt normaal. Wat voor alle menselijke relaties geldt, geldt dus ook voor vriendschappen: ze komen en ze gaan. Ik las dat een volwassen vriendschap gemiddeld zeven jaar duurt en dat het aantal vriendschappen dat een volwassene gedurende zijn leven heeft gemiddeld ongeveer gelijk blijft. Alleen wíe die vrienden zijn, verandert dus in de loop der tijd.
Waarmee ik overigens niet wil zeggen dat dit patroon voor alle vriendschappen geldt en dat vriendschappen “voor het leven” dus per definitie een illusie zijn. Net als dat er hele goede huwelijken voorkomen waarin men gelukkig bij elkaar blijft tot de dood hen scheidt, bestaan er ook hele goede “levenslange” vriendschapen. Maar het zijn wel de uitzonderingen op de ze-komen-en-ze-gaan regel voor menselijke relaties. En je mag je zeer gelukkig en bevoorrecht voelen als je ze hebt (gehad). Al kun je je afvragen in hoeverre geluk hier een factor is. Als je zelf trouw en loyaal bent en je zoekt goed naar trouwe en loyale vrienden dan is de kans op levenslange vriendschappen vanzelf natuurlijk een stuk groter. Oftewel, wellicht zoek ik gewoon niet goed genoeg...  
 

Mijn God wat hebben wij wat afgelachen

Natuurlijk ben ik niet achterlijk en was ik al lang op de hoogte van de relativiteit van het begrip vriendschap. En natuurlijk wist ik al lang dat het negeergedrag van mijn vriend erop wees dat onze vriendschap wat hem betreft ten einde was.
Wederom nuchter bekeken heeft een mens fases in zijn leven waarin hij bepaalde vrienden heeft. Eenmaal als die vriendschappen in die fases over het hoogtepunt heen zijn en men terecht is gekomen in een andere levensfase verdwijnen veel van die oude vriendschappen om te worden vervangen door nieuwe.
Ook mijn vriendschap met deze vriend speelde zich af in een bepaalde levensfase en wel in een hele duidelijke afgebakende waarin op dat moment onze levens behoorlijk synchroon liepen. In deze fase kwamen hij en ik tegelijkertijd op een nieuwe tennisclub waar wij elkaar én onze toekomstige vrouwen zouden leren kennen. In de jaren die volgden trouwden we allebei, kregen we allebei drie kinderen en zouden we allebei uiteindelijk ook weer scheiden.
Het moge duidelijk zijn dat in deze periode van ruim tien jaar onze vriendschap op het hoogtepunt zat. Waarbij ook ik de herinneringen zal koesteren aan de ellenlange gesprekken die wij met elkaar hebben gevoerd over het wel en wee van onze relaties met onze lastige kinderen en nog veel irritantere vrouwen en over onze worstelingen met werk. Mijn God, wat hebben wij met onze vergelijkbare ironische en cynische humor wat afgelachen over onze levens.
Onvermijdelijk volgde na onze scheidingen echter de fase waarin ook onze vriendschap vrij vlot bergafwaarts ging. Mede ook omdat hij naar Gelderland verhuisde en heel snel een nieuwe baan én vriendin kreeg. Een vriendin die ik tot op de dag van vandaag overigens nooit heb gezien, wat ook “nogal” veelzeggend is…
 

Hints geven

Uiteraard had ik de laatste jaren hetzelfde kunnen doen wat hij ook heeft gedaan: onze vriendschap vanzelf laten verwateren (niet voor niets de meest gebruikte methode om vriendschappen te beëindigen). Waarbij niets doen en negeren de beste tactiek of "hint" is. Dat mijn vriend in de app zijn verbazing uitsprak over het feit dat ik hem had gebeld, kwam enkel voort uit zijn veronderstelling dat ik zijn “hints” in de vorm van het negeren van mijn appjes inmiddels wel had opgepikt.
Maar daarmee komen we op een groot verschil tussen hem en mij. Ik kan en wil dat niet; een eens zo goede vriendschap vanzelf laten verwateren en doodbloeden. Ten eerste vanwege het simpele feit dat ik zulk gedrag onaardig, bot en respectloos vind en ik van mening ben dat een goede vriend zoiets niet verdient. En ik dus ook niet door mijn vriend in dit geval. Zeker als je bedenkt dat wij ooit echt beste vrienden waren en hij notabene mijn getuige was geweest op mijn huwelijk. Heb dan gewoon het lef om direct tegen mij te zijn in plaats van me compleet te negeren (voor mij het toppunt van respectloosheid) en erop te vertrouwen dat ik de “hints” wel begrijp. Waarbij de ironie wil dat ik moet denken aan de vele keren dat wij samen hard hebben moeten lachen om dat typische vrouwengedrag om richting mannen niet direct te communiceren maar in plaats daarvan maar hints te geven en boos te worden als die niet worden opgepikt…
Toch heeft zijn botte gedrag mij absoluut niet verbaasd. Daarvoor ken ik hem te goed. Mijn vriend zal bijvoorbeeld niet bekend staan als de meest attente en empathische man op deze wereld. Mede doordat hij enorm grillig is. Grillig in die zin dat hij een type is dat vrij snel verveeld raakt en dan weer wat anders en nieuws wil. Ironisch genoeg herken ik dit, althans tot op een zekere hoogte. Daar waar ik dit net als hij enorm op werkgebied heb, heeft hij het ook bij menselijke relaties. En daarin verschil ik van hem.

Als ik met iemand een goede band heb gehad en er is verder niets extreems gebeurd waardoor ik anders over die persoon ben gaan denken, dan blijf ik altijd oprecht nieuwsgierig en geïnteresseerd in hoe het verder met hem of haar gaat in het leven. Ongeacht of ik in een andere levensfase terecht ben gekomen, ongeacht of onze vriendschap over het hoogtepunt heen is en ongeacht het besef dat het natuurlijk nooit meer zo zal worden als dat het ooit was. Daar waar ik de afgelopen jaren me nog regelmatig heb afgevraagd hoe het met mijn vriend en zijn kinderen gaat, weet ik vrijwel zeker dat hij dat andersom niet zal hebben gedaan.
En ter verduidelijking: tussen die vriend en mij is nooit een vervelend incident of een ruzie geweest wat een reden zou kunnen zijn om onze vriendschap te beëindigen. Toen we elkaar een jaar of vier geleden voor het laatst face-to-face zagen, was het naar mijn weten gewoon gezellig en spraken we na afloop zelfs het voornemen uit om elkaar voortaan in elk geval eens per jaar te zien om bij te kletsen.
 

Ingebouwde overlevingsstrategie

Het doet me allemaal opnieuw denken aan de drie soorten vriendschappen waar Aristoteles ruim 2300 jaar geleden al over sprak (zie column 172): je hebt vrienden met een nut, vrienden waarmee je hobby’s deelt en “last but not least” de échte vrienden (ik vermoed dat de eerste twee groepen zeker 95% van alle vriendschappen bevatten). En in tegenstelling tot de meeste mensen om mij heen ben en blijf ik – gevoelige romanticus die ik ben - eigenlijk alleen maar geïnteresseerd in échte vrienden. Waarbij ik goed besef dat dat vaak niet wederzijds is, zoals ik in dit geval ook kan constateren dat mijn vriend mij andersom zag als een vriend met een nut: in een bepaalde fase van je leven heb je gewoon een vriend nodig en in een andere fase heb je om uiteenlopende redenen (andere woonomgeving, andere baan, andere relatie etc.) weer een andere vriend nodig en stap je over. Net als dat je soms overstapt op een nieuw telefoonabonnement.
Al eerder constateerde ik dat de meeste mensen net als mijn vriend op het gebied van menselijke relaties veel flexibeler en praktischer ingesteld zijn dan ik. Vermoedelijk gaat het hier om een soort van ingebouwde overlevingsstrategie waardoor deze mensen heel makkelijk in staat zijn om in te springen op veranderende omstandigheden. Iets wat handig is om je te redden in deze best wel harde maatschappij.
Misschien verrassend, maar ik benijd dit soort mensen enorm. Ik ben er zelf namelijk van overtuigd dat van al mijn eigenaardigheden en afwijkingen (extreem nadenken en analyseren, extreem rechtvaardigheidsgevoel, non-conformistisch etc.) vooral mijn hoge gevoeligheid ervoor zorgt dat ik moeite heb met het aangaan én loslaten van menselijke relaties. Waarbij dan weer het voordeel is dat als ik eenmaal een relatie aanga ik veel trouwer en loyaler ben dan een gemiddeld persoon. Maar als ik alle voordelen afzet tegen de nadelen blijf ik bij mijn eerder genoemde conclusie: (hoog) gevoeligheid is een bitch.
 

Mooie anekdote

Voor het geval de vriend denkt dat hij nu van mij af is, heeft hij het overigens mis. Ervan uitgaande dat ik - de vriend is tien jaar jonger dan ik - eerder dood zal gaan dan hij zal ik ervoor zorgen dat mijn kinderen hem tegen die tijd uitnodigen voor mijn crematie. Logisch want hij zal altijd behoren tot het selecte groepje goede vrienden(innen) dat ik heb gehad.
Ik vertrouw erop dat hij op dat moment puttende uit de gekoesterde herinneringen aan mij een mooie anekdote zal vertellen. Maar wel eentje met humor graag! Bijvoorbeeld zoals John Cleese deed op de begrafenis van zijn Monty Python vriend Graham Chapman in 1989: “Good riddance to him, the freeloading bastard! I hope he fries.”
 

Tonko

Wil je reageren op deze column? Ik hoor graag jouw mening!
Klik onderaan dit blog op "(Geen) opmerkingen" en plaats je reactie. 

 
 

donderdag 26 april 2018

298. Column over wat mij opviel uit de actualiteit (eind april-begin mei) - Natalie Portman weigert Israëlische prijs: Mijn God, ik word zo moe van Israël

Onderwerp: Israël - Natalie Portman - weigeren "Genesis Prize"

 

Israël is niet saai

Je kunt veel zeggen over Israël, maar saai is het er niet. Regelmatig komt het land in het nieuws, dan wel door het opnieuw doodschieten van ongewapende Palestijnse demonstranten (waaronder kinderen en journalisten) dan wel door een nieuwe poging van premier Benjamin Netanyahu om de wereld ervan te overtuigen dat Iran toch echt bezig is met het ontwikkelen van een atoombom.
Dat laatste zou me waarschijnlijk moeten verontrusten maar eerlijk gezegd doet het me helemaal niets. Een wereld waarin Rusland, Verenigde Staten, Frankrijk, China, Groot-Brittannië, Frankrijk, Pakistan, India, Israël en Noord-Korea officieel (al geeft alleen Israël dat nooit toe) kernbommen hebben, lijkt me al verontrustend genoeg. De ene leider is nog gestoorder dan de andere, wat ironisch genoeg dan ook meteen weer geruststellend is aangezien dat nodig is om de boel weer een beetje in evenwicht te houden.
De leider die ooit zo gek is om op de knopjes te gaan drukken, weet in elk geval dat hij daarmee zijn eigen (en - voor hem persoonlijk een klein detail - dat van zijn burgerbevolking) graf graaft. Dus wat dat betreft kan Iran daar ook nog wel bij, al zal Israël daar iets anders over denken.
Toch komt het nieuws uit Israël dat mij in de afgelopen periode het meest is opgevallen niet van premier Netanyahu maar van een beroemde Amerikaanse actrice.
 

Trots op Israëlische afkomst

Actiefilms zijn niet mijn favoriete genre maar soms springt er eentje tussenuit die ik echt goed vind. Zo is de ontroerende actiefilm “Léon” uit 1994 mij altijd bijgebleven en dat komt voor een groot deel door het geweldige spel van een twaalfjarig meisje: Natalie Portman.
Inmiddels uitgegroeid tot een grote filmster kwam dezelfde Natalie Portman vorige week in het nieuws toen ze aankondigde niet naar Israël te zullen komen voor het in ontvangst nemen van de prestigieuze "Genesis Prize", een prijs die jaarlijks wordt uitgereikt aan “buitengewone individuen die een inspiratie vormen voor de volgende generatie Joden vanwege hun uitstekende professionele prestaties en toewijding aan de Joodse waardes en het Joodse volk.”
Geboren in Jeruzalem als Neta-Lee Hershlag verhuisde de Joodse Portman een paar jaar later met haar ouders naar de Verenigde Staten. Portman, die bekend staat als een uitermate intelligente en sociaal zeer betrokken vrouw (zo is ze veganist en steunt ze diverse goede doelen), heeft nooit onder stoelen of banken gestoken dat ze trots is op haar Israëlische afkomst en dubbele nationaliteit. Om die reden heeft ze de ontwikkelingen in haar geboorteland dan ook altijd nauwlettend gevolgd, én steeds kritischer. Zo liet Portman in 2015 weten ontdaan en teleurgesteld te zijn over de herverkiezing van premier Benjamin Netanyahu die ze onder andere racisme verwijt.
 

Motivatie Portman

Het besluit van Portman om de Genesis Prijs te weigeren, is ingegeven door recente gebeurtenissen in Israël die haar extreem verontrusten. Hierdoor voelt zij zich ongemakkelijk bij deelname aan publieke activiteiten in Israël en kan ze deelname aan de plechtigheid niet in overeenstemming brengen met haar geweten, aldus een woordvoerder van Portman.
Op haar instagram-account verwoordde Natalie Portman zelf haar motivatie om de prijs niet in ontvangst te nemen als volgt:

“My decision not to attend the Genesis Prize ceremony has been mischaracterized by others. Let me speak for myself. I chose not to attend because I did not want to appear as endorsing Benjamin Netanyahu, who was to be giving a speech at the ceremony. By the same token, I am not part of the BDS movement (Boycott, Disvestment and Sactions - een wereldwijde beweging die oproept tot vreedzaam verzet tegen Israël vanwege schendingen van mensenrechten tegenover de Palestijnse bevolking) and do not endorse it. Like many Israelis and Jews around the world, I can be critical of the leadership in Israel without wanting to boycott the entire nation. I treasure my Israeli friends and family, Israeli food, books, art, cinema, and dance. Israel was created exactly 70 years ago as a haven for refugees from the Holocaust. But the mistreatment of those suffering from today’s atrocities is simply not in line with my Jewish values. Because I care about Israel, I must stand up against violence, corruption, inequality, and abuse of power. Please do not take any words that do not come directly from me as my own. This experience has inspired me to support a number of charities in Israel. I will be announcing them soon, and I hope others will join me in supporting the great work they are doing.”
 

Verongelijkte kleuters

Natuurlijk zou Israël Israël niet zijn geweest als het land niet furieus op dit besluit van Portman zou hebben gereageerd. En aldus geschiedde. Diverse vooraanstaande Israëlische politici van de Likud-partij van Netanyahu reageerden als een stel verongelijkte kleuters. Zo waren ze onder andere van mening dat Portman als rijp fruit in handen van BDS-activisten was gevallen, dat ze de kant had gekozen van diegenen “die het succes en de miraculeuze wedergeboorte van Israël als een duister verhaal voorstellen” en dat ze was beïnvloed door de campagne van desinformatie en leugens over Gaza door de terroristen van Hamas.
Uiteraard werd ook nog het voorstel gedaan om het Israëlische paspoort van Portman in te trekken. Het enige wat er nog aan ontbrak was een Trump-achtige tweet van Netanyahu waarin hij liet weten dat hij Natalie Portman toch altijd al een overschatte actrice had gevonden. 
 

Alleen jullie religie is de enige ware

Mijn God, ik word zo moe van Israël.
En voor een ieder die nu zin heeft om mij te gaan beschuldigen van antisemitisme of anti-Israël of pro-Palestina gevoelens: leef je vooral uit, ik sta daar gelukkig boven. Net als de God van Israël overigens. Althans dat mag ik hopen. Waarbij ik er voor het gemak maar even van uitga dat Hij daadwerkelijk bestaat.
Nee, je kunt veel van mij zeggen maar als het gaat om religies maak ik echt totaal geen onderscheid of iemand nou een jood, een christen, een moslim, een Palestijn, een boeddhist, een hindoe of whatever is. Ik vind de ene religie echt niet beter of heiliger dan de andere, al zullen de betreffende aanhangers daar heel anders over denken. Maar wees niet bang hoor: alleen jullie religie is de enige ware, al die andere religies zijn gewoon verzinsels! 
 

Simson en Delila

Waar ik vooral door ben gefascineerd is de wijze waarop (sommige) religieuze mensen zich vanuit hun geloofsbelijdenis gedragen en dan met name richting andersdenkenden. Nieuwsgierig als ik ben, vraag ik me altijd af of hun God blij zou zijn met wat zij in Zijn naam doen.
Zoals bijvoorbeeld in dat videofilmpje dat op 10 april in omloop verscheen waarin je kunt zien hoe Israëlische sluipschutters - na wat overleg met elkaar - een onbewapende Palestijnse demonstrant die rustig rondloopt van grote afstand een kogel door het hoofd schieten en vervolgens hard gaan juichen bij de voltreffer: “Wauw, wat een video! Son of a bitch! (…) Ren maar en haal hem weg (gericht tegen de Palestijnse omstanders). Natuurlijk filmde ik het. (…) Wat een geweldige video!”
Dat de betreffende soldaten die dit soort executies uitvoeren gesteund worden door de Israëlische leiders verbaast mij niets. Opvallend daarbij is wel dat hun Joodse normen en waarden totaal verschillend zijn van de Joodse normen en waarden van bijvoorbeeld een Natalie Portman waarin géén plaats is voor geweld, corruptie, ongelijkheid en machtsmisbruik. Fascinerend toch hoe binnen één en dezelfde religie de normen en waarden zo uiteenlopend en subjectief kunnen worden geïnterpreteerd…
Meest interessantere vraag is natuurlijk of de Joodse God - waarbij ik er nogmaals voor het gemak even van uitga dat Hij echt bestaat - ook zo in Zijn sas zal zijn met dit soort gewelddadige acties van het Israëlische leger. Zou deze God óók dolenthousiast “Yes!” hebben uitgeroepen op het moment dat die ongewapende Palestijn levenloos ter aarde stortte nadat hij op grote afstand een kogel door zijn hoofd gejaagd kreeg van een Israëlische soldaat?
Kijkend naar de prachtige doch behoorlijk gewelddadige en wraakzuchtige verhalen uit de Tenach en het Oude Testament zou dat niet eens ondenkbaar zijn. Was het tenslotte niet diezelfde God van de Joden die in mijn lievelingsverhaal Simson en Delila Simson nog één keer zijn kracht teruggaf om hem in de gelegenheid te stellen om duizenden Filistijnen om te brengen?
Wat dat betreft zie ik een grote overeenkomst tussen het huidige Israël en de behoorlijk wraakzuchtige God uit de Tenach en het Oude Testament: met beide valt niet te spotten.
 

Ik dank God op mijn blote knieën dat ik niet gelovig ben

Moraal van het verhaal: ik dank God op mijn blote knieën dat ik niet gelovig ben…
 

Tonko

Wil je reageren op deze column? Ik hoor graag jouw mening!
Klik onderaan dit blog op "(Geen) opmerkingen" en plaats je reactie. 

 
Natalie Portman in Léon (1994)
 

dinsdag 27 maart 2018

297. Column actualiteit afgelopen week, om over na te denken - Martina Navratilova is boos: Shut alsjeblieft de f..k up Martina Navratilova!

Onderwerp: inkomen Navratilova versus inkomen McEnroe

 

Arme multimiljonair

Ach gossie, de legendarische oud-tennisster Martina Navratilova blijkt voor haar werk als commentator voor de BBC tien keer zo weinig te verdienen als haar legendarische mannelijke collega John McEnroe. Tennisliefhebber of niet, ik kan er niets aan doen maar het eerste wat ik dacht toen ik de boze Navratilova hierover hoorde klagen was: “Shut alsjeblieft the fuck up Martina!”
Arme multimiljonair Navratilova verdient voor twee weken parttime commentaar leveren bij tenniswedstrijden op Wimbledon slechts € 17.500 tegenover de € 175.000 waar multimiljonair John McEnroe het mee moet doen. Al schijnt McEnroe voor dat iets minder bescheiden bedrag wel iets meer uren te moeten werken dan Navratilova. "Maar niet tien keer zoveel als ik!", benadrukt de voormalig tennisster. 
 

Heb ik geen rechtvaardigheidsgevoel?

Nu is het natuurlijk de bedoeling dat ik medelijden krijg met Martina. Omdat het niet om het geld gaat maar om het principe en ik dit dus onrechtvaardig zou moeten vinden. Maar vreemd genoeg gebeurt dat niet. Ik erger me juist dood aan Navratilova.
Heb ik dan geen rechtvaardigheidsgevoel? Nee, dat zou ik nou niet bepaald zeggen. Integendeel zelfs: ik weet van mezelf dat ik vergeleken met de mensen om mij heen juist een extreem rechtvaardigheidsgevoel heb. Eentje waarvan bijvoorbeeld mijn kinderen wel eens moe worden: “Daar heb je papa weer met zijn levensles nummer 1 dat het leven niet rechtvaardig is.” En precies dáár zit nou het probleem: ik heb juist een te sterk rechtvaardigheidsgevoel om met de verongelijkte houding van Navratilova mee te kunnen gaan. 
 

Vrouwen, weest aan uw man onderdanig

Ik wil niet slijmen maar als iemand voor gelijke rechten tussen mannen en vrouwen is (én tussen mensen in het algemeen) ben ik het wel. Ik kan eenvoudigweg geen goed rationeel argument bedenken waarom een man meer of “more equal” zou moeten zijn dan een vrouw (andersom idem).
De ongelijkheid tussen man en vrouw op deze wereld is natuurlijk vooral een uitvloeisel van een van de meest opvallende uitvindingen van de mens: religie. “Vrouwen, weest aan uw man onderdanig als aan den Here, want de man is het hoofd van zijn vrouw, evenals Christus het hoofd is zijner gemeente. (...) Welnu, gelijk de gemeente onderdanig is aan Christus, zo ook de vrouw aan de man, in alles.” (Efeziërs 5: 22-33)
Dan kan CDA-leider Sybrand Buma nog zo ijverig eindeloos blijven herhalen dat gelijkheid een typisch christelijke waarde is, maar het enige wat hij daarmee bereikt is dat je kunt concluderen dat de leider van "onze" grootste christelijke partij een stuitend gebrek aan kennis heeft op het gebied van de Bijbel en van de geschiedenis van het christendom. Al draait een beetje christen er natuurlijk zijn hand niet voor om om alles wat scheef staat in de Bijbel weer recht te lullen. Door bijvoorbeeld met “alternatieve interpretaties” te komen waardoor de lezer het natuurlijk allemaal verkeerd begrepen heeft en er in de Bijbel eigenlijk precies het tegenovergestelde staat van wat je denkt te lezen.
 

Toppunt van ironie

Toen mijn (inmiddels ex-) vrouw met mij trouwde en aangaf dat ze mijn achternaam niet zou gaan dragen omdat ze de vanzelfsprekendheid waarmee al die domme, ouderwetse en vooral volgzame vrouwen maar klakkeloos de achternaam van hun man aannamen echt bespottelijk vond, gaf ik haar groot gelijk. En dat ze alleen onder huwelijkse voorwaarden wenste te trouwen omdat ze vond dat ieder mens een individu is dat na een eventuele scheiding (die er ook kwam) voor zichzelf moet kunnen zorgen zonder financiële steun van de ex-partner, vond ik ook niets anders dan logisch.
Toppunt van ironie is overigens dat daar waar ik deze standpunten tot op de dag van vandaag nog steeds heb, mijn ex-vrouw ze al vrij snel na ons huwelijk weer liet varen. Binnen vijf jaar na onze scheiding was mijn ex opnieuw getrouwd. Maar ditmaal besloot ze alles 180 graden anders te doen: ze trouwde met een niet al te slimme man met een beetje kort lontje (aardig gezegd), in - jawel - gemeenschap van goederen. Overbodig te zeggen dat ze daarnaast in één moeite door ook maar heel volgzaam zijn achternaam aannam. Het mocht allemaal overigens niet baten: binnen vijf jaar was ze opnieuw gescheiden. 
 

Shit, mijn gras is groener dan aan de overkant

Terugkomend op mijn ergernis over Martina Navratilova: er is niks makkelijker dan je kwaad maken omdat je buurman meer heeft dan jij. Maar o jee wat is het toch verdomd moeilijk om je kwaad te maken omdat jij meer hebt dan je buurman. Ooit iemand horen zeggen: “Shit, mijn gras is een stuk groener dan aan de overkant”?
Daar waar mensen zich vergelijken met anderen, doen zij dat vanuit hun ego en hun afgunst vrijwel altijd met mensen die meer hebben dan zij. Voor deze mensen werkt rechtvaardigheid één kant op: het is wel rechtvaardig dat ik evenveel krijg als degenen die meer verdienen dan ik, maar het is niet rechtvaardig dat degenen die minder verdienen dan ik evenveel krijgen als ik. Zo zullen er ook zat commentatoren zijn - waaronder ook mannen - die voor twee weken Wimbledon een stuk minder verdienen dan Navratilova.
Waarmee ik weer terugkom op een van mijn stokpaardjes: mensen vinden altijd dat ze - letterlijk én figuurlijk - meer verdienen dan ze verdienen waarbij ze de vervelende neiging vertonen om alles wat in hun leven mee heeft gezeten normaal te vinden omdat dat zou zijn voortgekomen uit hun inzet en/of kwaliteiten en vaardigheden. Terwijl ze alles wat hen tegen heeft gezeten vooral zullen toeschrijven aan pech of externe omstandigheden waar zij zelf niets aan kunnen doen.
Natuurlijk kan ik ook de hele dag gaan klagen over het feit dat ik door een combi van allerlei nature en nurture-omstandigheden minder verdien dan de meeste mensen om mij heen. Iets wat helaas ook klopt. En natuurlijk - niets menselijks is mij vreemd - klaag of baal ik hierover wel eens.
Maar gelukkig staat daar tegenover dat er bij mij echt geen dag voorbij gaat waarin ik niet besef dat ik het in mijn situatie nog steeds veel beter heb dan meer dan vijfennegentig procent van de wereldbevolking. Kortom, een beetje nederigheid van mijn kant is wel op zijn plaats en gelukkig heb ik die ook.
Een beetje nederigheid tonen is iets wat een multimiljonair als Martina Navratilova ook zou moeten doen. Ik ken haar niet maar het zou mij niet verbazen als zij hetzelfde doet wat veel rijke mensen plegen te doen: ze vindt dat ze al die miljoenen verdiend heeft omdat ze er keihard voor heeft gewerkt. Ja, alsof er op deze wereld geen mensen rondlopen die in hun leven veel en veel harder hebben gewerkt dan mevrouw Martina Navratilova en daar slechts een habbekrats voor hebben gekregen. En dan praat ik nog niet eens over het feit dat de meeste van deze mensen wel wat nuttiger werk deden dan het spelen van wat tennispotjes. 
 

Nog een hoop te leren over het begrip rechtvaardigheid

Het is maar hoe je naar de wereld kijkt. Of je kijkt om je heen en je ziet vooral degenen die het beter hebben dan jij of je kijkt wat verder dan je neus lang is en je ziet - zeker als je in het rijke Westen woont - vooral degenen die het een stuk minder hebben dan jij. Het is net even het verschil tussen een egoïst zijn en iemand met een empathische en altruïstische inslag.
Wie kijkt naar deze wereld en begint over onrechtvaardigheid omdat jij als vrouw bijna twintigduizend euro voor twee weken parttime werken krijgt terwijl je mannelijke collega daar bijna twee ton voor krijgt, heeft nog een hoop te leren over het begrip rechtvaardigheid.
Laten we het eerst maar eens gaan hebben over wat simpele feiten: een klein groepje mensen (de aantallen variëren van 8 tot 42) heeft evenveel geld als de armste helft van de wereldbevolking (3,7 miljard mensen). Tussen 2016 en 2017 werd de wereld 9 biljoen (9.000.000.000.000) dollar rijker waarvan maar liefst 82 procent (7,38 biljoen dollar) in handen kwam van de rijkste 1 procent. De armste 50 procent van de wereldbevolking ging er geen cent op vooruit. Met die 7,38 biljoen dollar zou de armoede in de wereld zeven keer kunnen worden verholpen. Sinds eind jaren 1970 zijn de belastingtarieven voor de rijkste mensen gedaald in 9 van de 10 landen. Dit is ten koste gegaan van de armen en de middenklasse. Ongeveer 70 procent van de wereldbevolking leeft van een inkomen van minder dan 7 euro per dag.
Vergelijk dit salaris eens met het salaris of - nog beter - met het vermogen van multimiljonair Martina Navratilova en dan begrijp je waarom ik niet snel onder de indruk ben van het verongelijkte gedrag van (voormalige) proftennissters of bijvoorbeeld beroemde actrices uit Hollywood als ze klagen over hun mindere salarissen ten opzichte van hun mannelijke collega’s. Wie echt indruk op mij wil maken, moet eens gaan klagen over het feit dat hij/zij zoveel meer geld verdient dan de rest van de wereldbevolking.
 
Besef verdomme eens hoeveel groener ons gras is dan aan de overkant...
 
 

En dan nog dit...

Afgezien van alles heb ik nog meer slecht nieuws voor Martina Navratilova: John McEnroe is als commentator een stuk beter en vooral grappiger. Want ook al zijn mannen en vrouwen voor mij gelijk en moeten ze gewoon gelijk worden behandeld, wil dat natuurlijk nog niet zeggen dat ik ook denk dat mannen en vrouwen precies hetzelfde zijn. Zo kan ik er bijvoorbeeld met geen mogelijkheid omheen dat ik mannen over het algemeen veel grappiger vind dan vrouwen. Een mening die overigens door diverse vrouwen in mijn omgeving wordt gedeeld. Maar wat mij er niet van weerhoudt om verzuurde feministes op te roepen om kwaad op mij te reageren en daarmee opnieuw mijn gelijk te bewijzen…
 

Tonko

Wil je reageren op deze column? Ik hoor graag jouw mening!
Klik onderaan dit blog op "(Geen) opmerkingen" en plaats je reactie. 


 

dinsdag 20 maart 2018

296. Column actualiteit afgelopen week, om over na te denken - overlijden Stephen Hawking: En dáárom is een natuurkundig genie mijn 'droombaan'

Onderwerp: overlijden Stephen Hawking

 

Noem het toeval

Toen ik van de week tijdens het autorijden moest denken aan het overlijden van Stephen Hawking zette ik op mijn mobiel het bestand met mijn favoriete muzieknummers aan. Noem het toeval of niet maar het eerste nummer wat klonk was de prachtige soundtrack van de film “The Theory of Everything” over het leven van Hawking.
Natuurlijk noem ik het toeval en ik mag gerust aannemen dat Hawking dat met mij eens zou zijn geweest. Als natuurkundige, wiskundige, pure wetenschapper én agnost zal Hawking net als ik niets hebben gehad met mensen die ervan overtuigd zijn dat toeval niet bestaat. Natuurlijk bestaat toeval. Sterker nog, zonder toeval zouden het heelal, het leven en ons bestaan niet zijn geweest wat het nu is.
Maar mensen die niet in toeval geloven, zullen ongetwijfeld weer dingen aangrijpen waarmee ze bevestigd worden in hun overtuigingen zoals bijvoorbeeld de datum waarop Hawking is overleden: 14 maart. Behalve dat op deze datum toevallig Albert Einstein is geboren (14-3-1879), is het op 14/3 - of zoals Amerikanen schrijven 3/14 - ook internationale Pi-dag, zeg maar een soort feestdag voor wiskundigen. Dit heeft te maken met het feit dat de eerste drie cijfers van het wiskundige mythische getal 3, 1 en 4 zijn.

Ach, de mens is altijd goed in het vinden van verbanden die er niet zijn. Wie in een willekeurige tekst een code wil vinden, zal ‘m ook vinden: zoekt en gij zult vinden.
 

De ideale baan

“The Theory of Everything” was een goede film met mooie filmmuziek maar net als de televisieserie “Genius” over Albert Einstein om dezelfde redenen een beetje teleurstellend: de film richt zich vooral op het privéleven van Hawking waar ik had gehoopt op een focus op zijn fascinerende wetenschappelijke theorieën.
Laatst had ik het met iemand nog over het wel of niet bestaan van de ideale baan waarbij ik aangaf dat ik het allerliefst een natuurkundig genie zou zijn geweest.
Waar de meeste anderen in dat geval waarschijnlijk voor een “ideale” baan zouden kiezen die je nog enigszins realistisch zou kunnen noemen, is dat met een “baan” als natuurkundig genie natuurlijk allerminst het geval. Een natuurkundig genie word je tenslotte niet, zo word je geboren (nature). Waarna het met de nurture-omstandigheden natuurlijk nog wel "even" mee moet zitten om je ook daadwerkelijk daar te brengen waar je je genialiteit volledig tot bloei kunt laten komen.
Waarbij ik me overigens afvraag of de vervelende omstandigheid van het op 21-jarige leeftijd horen dat je de vreselijke ziekte ALS hebt Stephen Hawking misschien niet juist geholpen heeft om te kunnen uitgroeien tot de meest briljante wetenschapper van onze tijd. Want als je lichaam het niet meer doet maar je briljante hersens gelukkig nog wel en je leeft in de veronderstelling dat je niet lang meer te leven hebt, zou dat best eens kunnen leiden tot een enorme drive die je zonder die ziekte niet of minder zou hebben gehad. Misschien een controversiële gedachte - omdat anderen juist zullen denken dat Hawking zonder die ziekte nog veel meer briljante theorieën zou hebben voortgebracht - maar wel een interessante om over na te denken. Al zullen we natuurlijk nooit weten of er een kern van waarheid in zit.
 

Zinloze bezigheidstherapie

Als ik kijk naar onze wereld en ik denk na over wat ik uiteindelijk het meest boeiend van alles vind dan kom ik toch “gewoon” uit bij de grote wetenschappelijke levensvragen en mysteriën rondom het ontstaan van alles, het heelal, ruimte en tijd, het leven enzovoort. En laat dat nou precies datgene zijn waar Stephen Hawking zijn hele leven aan heeft gewijden en waar ik hem om heb benijd.
Ik kan er niets aan doen maar hoe meer ik de wereld om mij heen observeer en analyseer hoe nietszeggender ik ‘m vind. We kunnen er lang of kort over praten maar vrijwel alles waar wij mensen zo druk mee bezig zijn, wordt gedreven door ons ego en daar word ik als ik erover doordenk nou niet bepaald blij of opgewonden van.
Of het nou gaat om het najagen van flitsende carrières met zoveel mogelijk status, macht en geld of om - nóg erger - het uitvechten van oorlogen omdat men zichzelf, bijvoorbeeld vanuit religieuze motieven, superieur acht aan de vijand, ik beschouw het allemaal als een soort zinloze bezigheidstherapie waar de wereld niet beter of mooier van wordt.
Het komt op mij een beetje over alsof wij mensen druk bezig zijn met het creëren van een illusie waarin we onszelf wijsmaken dat we uiterst zinvol bezig zijn terwijl de harde waarheid is dat vrijwel alles wat wij doen geen verschil maakt (hooguit voor ons zelf en ons ego). Ja, wij willen allemaal zo dolgraag denken dat we uniek zijn, maar in feite kunnen we er niet omheen dat wij (bijna) allemaal compleet vervangbaar zijn en leven in een wereld waarin alles vergankelijk is. 
 

Survival of the fittest

Natuurlijk ben ik nou ook weer niet zo wereldvreemd dat ik niet besef dat dit menselijke gedrag volstrekt logisch en normaal is aangezien ook wij mensen gewone dieren zijn die op onze manier slechts met elkaar een “survival of the fittest” strijd aan het uitvechten zijn. Maar desalniettemin kan ik er niet omheen dat als ik dit alles van een afstand observeer en analyseer ik het uiteindelijk allemaal zo onbenullig en nietszeggend vind. Noem mij gerust cynisch maar als ik mensen hoor praten over waar ze allemaal mee bezig zijn en welke mooie prestaties ze leveren (bijvoorbeeld op Facebook), betrap ik mezelf steeds vaker op gedachten als “So what?” of "Who cares?"
Bij het werk van natuurkundige genieën als een Stephen Hawking denk ik zoiets echter NOOIT. Wat zij doen, vind ik machtig interessant om de eenvoudige reden dat zij op zoek zijn naar de essentie van ons bestaan en wat is er nou boeiender en zinvoller dan dat? Weg met alle ruis en ego’s en bezigheidstherapieën: de zoektocht naar antwoorden op de grootste levensvragen uit de wetenschap, dát is pas het échte werk!
 

Chimpansee

En dáárom is een natuurkundig genie mijn "droombaan”. Een functie waarin je daadwerkelijk een steentje kan bijdragen aan het verkrijgen van meer begrip van de werkelijkheid past perfect bij mij.
Enig “klein” minpuntje voor mij is dat ik hooguit in hoofdlijnen iets kan begrijpen van de onderwerpen waar dit soort genieën zich mee bezighouden. Vergeleken met briljante mensen als Newton, Einstein en Hawking voel ik me echt een chimpansee. Wat ik zeg naar aanleiding van een opmerking die ik ooit een hoogbegaafde vrouw op Facebook zag maken. Zij gaf aan het niet te begrijpen waarom niet-hoogbegaafde mensen toch zo beledigd raakten als zij uitlegde dat het voor iemand met een IQ van boven de 130 het leven met “gewone” mensen (gemiddeld IQ 100) net zo is als wanneer “gewone” mensen de hele dag tussen chimpansees (gemiddeld IQ 70) moeten rondlopen. Waarbij ik me toen al bedacht hoe ik mij dan wel niet zou moeten voelen tussen genieën van het niveau van een Albert Einstein of een Stephen Hawking.
 
Ik sluit af met een grappige gedachte die door mijn hoofd ging naar aanleiding van de dood van Stephen Hawking. Ik vroeg me af of Hawking inmiddels persoonlijk kennis zou hebben gemaakt met zijn Schepper en zo ja, wat dat dan met hem zou hebben gedaan. Ik denk in elk geval dat Stephen Hawking van verbazing van zijn stoel zal zijn gevallen… 
 
(maar eerlijk gezegd denk ik niet dat dit gebeurd is; Hawking was tenslotte niet voor niets een genie...)
 

Tonko

Wil je reageren op deze column? Ik hoor graag jouw mening!
Klik onderaan dit blog op "(Geen) opmerkingen" en plaats je reactie.