maandag 30 september 2013

93. Over hoe dom een slim mens kan zijn

Privé - Filosofie vs. Spiritualiteit - Intelligentie - Wetenschap

 

Verschillen tussen filosofie en spiritualiteit

Elke zaterdag tijdens het hockeyseizoen moedig ik mijn kinderen aan. Zoek de groep ouders langs de kant en je zult mij altijd een tiental meters verderop zien staan. Je kunt me een einzelgänger of loner noemen, maar zo ben ik altijd geweest. Niet dat ik iets tegen de ouders heb, maar ik ben gewoon niet goed in small talk-gesprekken. Ik voel me er ongemakkelijk bij en dan zonder ik me liever af.
Maar heel soms kijk ik niet goed uit, kom ik blijkbaar te dichtbij en geraak ik opeens in gesprek met andere ouders. Laatst overkwam me dat weer. Ik raakte in gesprek met een vader waarmee ik vorig jaar ook al eens had gepraat over filosofie. De precieze aanleiding weet ik niet meer, maar ongetwijfeld kwam toen ter sprake dat ik een eigen filosofiegroep heb en dat wekte zijn interesse.
Wat me toen al opviel, werd nu sterker benadrukt: hij is in de eerste plaats spiritueel ingesteld. Nu kun je al eindeloos met mij discussiëren over de overeenkomsten en verschillen tussen filosofie en spiritualiteit, maar ik zie toch vooral de verschillen.
Daar waar filosofie op zich weliswaar geen wetenschap mag worden genoemd, kun je wel stellen dat de wetenschap in de filosofie een voorname rol speelt. Zonder wetenschap geen filosofie. Bij spiritualiteit ligt dat anders. Tussen spiritualiteit en wetenschap zie ik weinig verband. Gevoel is waar het bij spiritualiteit vooral om draait. Afgezien van recente wetenschappelijke onderzoeken die aantonen dat meditatie daadwerkelijk positieve effecten heeft, zijn en blijven de meeste spirituele uitgangspunten gespeend van wetenschappelijke onderbouwing. Het is en blijft een gevoelskwestie en gevoel valt (net als geloof) nu eenmaal moeilijk, zo niet onmogelijk, wetenschappelijk te toetsen (zie over dit onderwerp mijn column 194!).
 

Geloven in waanideeën

De man begon enthousiast te vertellen dat hij de afgelopen tijd allerlei opzienbarende spirituele ervaringen had meegemaakt en ik merkte dat hoe fijn ik dat ook voor hem vond, ik zijn verhaal en zijn enthousiasme niet kon volgen laat staan delen. Maar proberen deed ik het wel, omdat ik als liefhebber voor alles wat maar mysterieus en geheimzinnig aan het leven is, altijd open zal blijven staan voor verhalen en meningen van spirituele mensen. Toch sloeg het gesprek op een gegeven moment dood toen de man aan me vroeg of ik óók in complottheorieën geloofde.
Deze vraag vond ik op zich al vreemd, aangezien ik me niet kan voorstellen dat iemand van zichzelf beweert in complottheorieën te geloven. Dat is voor mij net zoiets als dat je van jezelf zegt dat je in fantasiewezens als kabouters gelooft.
Mijn overtuiging dat de term complottheorie al iets absurds in zich heeft, werd even later bevestigd toen ik het woord in de Van Dale opzocht: “(waan)idee dat achter iets een complot schuil gaat”. Ik mag dan een afwijkend persoon zijn, maar ik prijs mezelf gelukkig dat ik niet in waanideeën geloof.
 

Bekendste complottheorieën

Van de bekendste complottheorieën (UFO in Roswell, moord op Kennedy, maanlanding 1969 etc.) bleek deze man ervan overtuigd te zijn dat de aanslagen van 9/11 door de Verenigde Staten zelf waren geënsceneerd.
Mijn vraag of hij op internet ook de tegenargumenten van deze complottheorie had bekeken, moest hij ontkennend beantwoorden. Waarop ik hem adviseerde dat eerst maar eens te doen. Met mijn mededeling dat het mij speet maar dat ik verder niets kon met zijn geloof in complottheorieën, bloedde het gesprek langzaam dood.
De man bleek dit echter niet prettig te vinden, want een week later kreeg ik van hem vier getypte A4-tjes in mijn handen gedrukt waarin hij uiteenzette dat hij het jammer vond dat ik alles wetenschappelijk benaderde en dat mijn denkwereld zou worden verruimd als ik meer open zou staan voor andere inzichten. 
 

Wat is intelligentie precies?

Het meest fascinerend vind ik de vraag die dit incident bij mij opriep: wat is intelligentie precies? Wanneer beschouw je iemand als slim? Als hij een hoog IQ heeft of is dat te simplistisch?
Neem de Amerikaanse schaker Bobby Fischer. Fischer was een genie met een IQ dat waarschijnlijk niet onderdeed voor dat van Albert Einstein. Toch was Fischer het prototype van iemand wiens genialiteit grensde aan waanzin. Vooral in de herfst van zijn leven bleek Fischer behalve een briljant schaker ook een paranoïde, antisemitische, Amerika-hatende gek te zijn die overal om zich heen complotten zag (pikant detail: behalve dat Fischer uit Amerika kwam, was hij ook joods).
Fascinerend hieraan is dat ik vermoed dat als je Fischer tijdens een van zijn tirades tegen al die samenzweerders zou hebben onderbroken voor het maken van een IQ-test de beste man waarschijnlijk zonder probleem boven de 160 zou hebben gescoord. Oftewel, zijn logisch verstand stelde hem wel in staat om moeilijke IQ-vragen correct te beantwoorden, maar zijn ratio bleek verder niet toereikend om te beredeneren dat een joods complot om de wereldmaatschappij te veroveren zachtjes gezegd niet waarschijnlijk was en in elk geval op geen enkel feit gebaseerd.
Over hoe dom een slim mens kan zijn. Vraag je mij naar mijn persoonlijke definitie van slimheid dan zit daar ook het vermogen in besloten om onderscheid te kunnen maken tussen, gechargeerd gezegd, werkelijkheid (objectieve feiten) en fantasie (subjectieve vermoedens, geloof, gevoel etc.).
 

Bovengemiddeld stug

Nou zal ik de man van het hockeyveld niet vergelijken met een Bobby Fischer - die duidelijk zowel geniaal als psychisch ziek was - maar ook bij hem vraag ik mij af hoe het komt dat een hoogopgeleid persoon (hij had economie gestudeerd) de voorkeur geeft aan het geloven van vage complottheorieën boven het gebruiken van zijn gezonde verstand waarmee hij deze theorieën al snel naar het land der fabelen zou kunnen verwijzen.
Ondanks dat meer onderzoek naar dit fenomeen vereist is, lees ik in de conclusies van onderzoeken tot nu toe dat mensen die in complottheorieën geloven onder andere: vaak lager opgeleid zijn; een chronisch gebrek aan vertrouwen in anderen hebben; meestal geloven in meer dan één complottheorie; een groot wantrouwen richting de overheid hebben; meer interesse hebben in spiritualiteit (!); bovengemiddeld stug zijn; door tegenargumenten alleen maar worden bevestigd in hun geloof, aangezien tegenargumenten vaak logisch zijn terwijl hun geloof dat niet is. 
 

Sterke behoefte aan controle over je leven

Een belangrijke functie die de complottheorieën voor hun volgers lijkt te hebben, is dat ze geruststellend werken. Mensen die het gevoel hebben geen controle te hebben over hun leven, krijgen door complottheorieën het idee dat alles wat gebeurt een reden heeft. Hierdoor ervaren ze weer wat meer grip en controle op de werkelijkheid en dat maakt hun leven stabieler.
In feite kun je overigens stellen dat genoemde functie - de sterke behoefte aan controle over je leven - behalve voor complottheoriegelovigen ook voor alle “gewone” gelovigen en spirituele mensen geldt. De meeste mensen willen niet horen dat alle schadelijke gebeurtenissen om hen heen door toeval bepaald worden. In het belang van het geloof in een enigszins eerlijke, rechtvaardige en dus voorspelbare en controleerbare wereld horen sommigen dan nog liever dat een bepaalde groep samenzweerders hiervoor verantwoordelijk is.
De man had gelijk dat ik graag alles wetenschappelijk benader. Zo ook hier. Als ik iets geloof dan is het wel dat de mens wil geloven en dat de verschillen in de mate waarin mensen geloven zullen voortkomen uit onderlinge verschillen in ons brein. Ik ben er dan ook van overtuigd dat op een dag de wetenschap zover zal zijn dat zij definitief kan vaststellen dat ik een meer wetenschappelijk brein heb en de andere vader een meer gelovig/spiritueel brein.

Ik denk dat ik zaterdag op het hockeyveld maar weer eens wat meer afstand ga nemen van de overige ouders.
 

 

Tonko

 

Wil je reageren op deze column? Ik hoor graag jouw mening!
Klik onderaan dit blog op "(Geen) opmerkingen" en plaats je reactie.

 
Foto: Tonko
 

zaterdag 31 augustus 2013

92. Het toppunt van cynisme

Actualiteit - Oorlog - Liegen en bedriegen/Hypocrisie 

 

Bittere waarheid

Iedereen kent wel van die moppen van “Wat is het toppunt van geduld? Op je kop gaan staan en wachten tot je sokken afzakken.” Ik weet niet of er een dergelijke variant bestaat met het onderwerp cynisme, maar ik kan er wel een paar bedenken. Alleen zou ik het dan geen mop willen noemen, maar meer bittere waarheid: wat is het toppunt van cynisme? Beelden uit Syrië zien van dode mannen, vrouwen en kinderen na een gifgasaanval en denken dat het allemaal in scène is gezet om “de vijand” in een kwaad daglicht te stellen.
Ondanks dat inmiddels duidelijk lijkt dat er in Syrië daadwerkelijk een gifgasaanval heeft plaatsgevonden waarbij veel onschuldige burgers zijn gedood, klonken in de media veel wantrouwige geluiden toen vorige week de eerste beelden opdoken. De getoonde lijken zouden geen tekenen van gifgas vertonen. Deze "dode" mensen leken rustig te slapen terwijl je krampachtige uitdrukkingen zou verwachten na hun doodstrijd tegen het gas; het schuim uit de mond van slachtoffers was wel erg wit en zou meer geel en bruin moeten zijn, Assad zou aan de winnende hand zijn dus zou een gifgasaanval wel heel dom en onlogisch zijn etc.
Hoe vreselijk het ook is dat mensen zo cynisch denken, is het wel begrijpelijk. We leven tenslotte in een tijd waarin de macht van de media zo groot is dat je je kunt afvragen hoe vaak het voorkomt dat je iets uit het nieuws voor waarheid aanneemt wat helemaal niet waar blijkt te zijn. Ik vrees dat je het antwoord op deze vraag liever niet wilt weten, omdat je dan pas beseft hoe erg je wordt beetgenomen waar je bij staat.
 

Rambam

Ik zag ooit een uitzending van Rambam, een programma van de VARA waarin de makers “op creatieve en soms komische wijze zaken aanpakken die volgens hen niet kloppen of onrechtvaardig zijn”.
De redactie had zich voorgenomen om een aantal nieuwsitems te verzinnen en deze via de media te verspreiden om te zien of ze, zonder verdere verificatie en journalistieke hoor en wederhoor, werden overgenomen. Tot hun grote verbazing lukte dat wonderwel en kon de televisiekijker binnen no time genieten van nieuwtjes die van A tot Z uit de duim waren gezogen maar nu opeens als feit werden gepresenteerd.
Toegegeven, het ging hier slechts om triviale verzinsels en niet om serieuze politieke onderwerpen. Maar vervang de jongelui van de redactie van Rambam door een groep gehaaide spindoctors van een of andere kwaadaardige dictator (een pleonasme) en het in scène zetten van een gifgasaanval lijkt opeens niet meer zo vergezocht.
 

Wag the Dog

Al in 1997 maakte regisseur Barry Levinson de satirische film “Wag the Dog” waarin Robert de Niro als spindoctor de hulp inroept van een filmproducent (Dustin Hoffman) om voor de Amerikaanse president, die in een seksschandaal verwikkeld zit, een oorlog te verzinnen met een fictieve vijand zodat het publiek wordt afgeleid.
Nou zal ik niet beweren dat ik zo’n idiote complottheoriefreak ben die bijvoorbeeld gelooft dat de maanlanding in 1969 nooit heeft plaatsgevonden en dat dat allemaal in een studio in scène was gezet om de Russen een hak te zetten. Maar ik geloof wel dat de mens op het gebied van leugens, bedrog en manipulatie tot veel in staat is.
 

Het toppunt van hypocrisie

Wellicht zal de toekomst uitwijzen wat de waarheid is geweest rondom de gifgasaanval in Syrië, maar ik waag te betwijfelen of we bij dit soort complexe politieke gebeurtenissen ooit zullen weten wat er precies heeft plaatsgevonden. Ik vind het al triest en cynisch genoeg om te constateren dat je in deze wereld gerust onschuldige burgers kunt doden op een “normale” manier zo lang als je dat maar niet doet met behulp van chemische wapens. Want dan ga je blijkbaar pas over de grens en ontstaat er onder de internationale gemeenschap enorme verontwaardiging.
Wat is het toppunt van cynisme? Ik ken er nog een, al is die misschien meer het toppunt van hypocrisie: aan dictatoriale landen grondstoffen leveren die nodig zijn voor het maken van chemische wapens en er flink geld aan verdienen en dan vervolgens deze landen als straf bombarderen op het moment dat ze die chemische wapens gebruiken. Echt "lachen", maar helaas iets wat allesbehalve ondenkbaar is als je kijkt naar waargebeurde voorvallen uit het verleden. Kijk maar eens naar de rol van de Verenigde Staten en ook die van de Nederlandse zakenman Frans van Anraat bij de gifgasaanval van Saddam Hoessein in 1988 op de Koerden in de Iraakse stad Halabja.
 

Tonko

Wil je reageren op deze column? Ik hoor graag jouw mening!
Klik onderaan dit blog op "(Geen) opmerkingen" en plaats je reactie.

 


woensdag 31 juli 2013

91. Zu spät oder nicht zu spät...

Actualiteit - WOII - Rechtspraak - (On)Rechtvaardigheid 




Hoop op opsporing en berechting zestig oorlogsmisdadigers

“Spät aber nicht zu spät”, met deze slogan is het Simon Wiesentahl Centrum in Duitsland afgelopen week gestart met een postercampagne om de laatste onberechte oorlogsmisdadigers uit de Tweede Wereldoorlog berecht te krijgen.
Volgens berekening van de directeur, de Amerikaans/Israëlische nazi-jager Efraïm Zuroff, werkten er tijdens de Tweede Wereldoorlog ongeveer 6000 mensen in de concentratiekampen en doodscommando's waarvan men schat dat inmiddels 98% dood is. Van de 120 mensen die nog leven, zal ongeveer de helft door ziekte niet meer in staat zijn om terecht te staan en dus is de hoop op opsporing en berechting gericht op de overgebleven zestig personen.

Zu spät oder nicht zu spät, das ist die Frage.
 

Criminele daden verjaren nooit

Menigeen zal vinden dat je deze hoogbejaarde mensen (van minimaal 93 jaar) met rust moet laten omdat het al zo lang geleden is en het nu geen zin meer heeft; zu spät kortom. Ik heb een andere mening, maar wel een met gemengde gevoelens.
Dat ik het niet en nooit te laat vind, komt omdat in mijn ogen criminele daden nooit verjaren (vreselijk tenenkrommend woord overigens: zie column 10). Ik wil leven in een wereld waarin mensen die misdaden begaan en die ermee weg lijken weg te komen, de boodschap meekrijgen dat ze de rest van hun leven - liefst met zoveel mogelijk gewetenswroeging - in onzekerheid zullen blijven verkeren, omdat als de kans zich eenmaal voordoet ze alsnog gepakt en berecht zullen worden. Waardoor gerechtigheid uiteindelijk toch zal zegevieren.
Dat deze campagne anno 2013 nog steeds nodig is, geeft echter al aan dat we helaas niet in zo’n wereld leven. Anders waren alle oorlogsmisdadigers natuurlijk al lang opgepakt en veroordeeld.
 

Vaker dan dat kwaad kwaad bestrijdt, dekt het elkaar

Je kunt lang en kort discussiëren over de vraag waarom de mensheid na haar overwinning op Adolf Hitler’s Derde Rijk zo laks en lamlendig is geweest als het gaat om het aan- en oppakken van de betrokken oorlogsmisdadigers. Met als vervelend gevolg dat uiteindelijk slechts een klein deel hiervan voor de rechter verantwoording heeft hoeven afleggen voor de begane misdaden.
Maar ik denk dat een lange discussie overbodig is: zo lang het kwaad zich in en om ons heen bevindt en we ons realiseren dat kwaad kwaad behalve bestrijdt misschien nog wel veel vaker dekt, is het moeilijk zo niet ondoenlijk om alle schuldigen van oorlogsmisdaden op te sporen laat staan ze rechtvaardig te straffen.
Zo wisten bijvoorbeeld vele duizenden nazi-misdadigers na de oorlog te ontkomen door naar Latijns-Amerika te vluchten. Dat dit lukte, was ten eerste te danken aan de Katholieke Kerk die de nazi’s voorzag van de benodigde papieren en nieuwe identiteiten.
Wellicht onder het mom van “Heb uw naaste lief als uzelf”, al is het wel jammer dat de Katholieke Kerk dit gebod van Jezus iets minder scherp op het netvlies had toen de joodse medemens in de jaren daarvoor zo dringend om hulp verlegen zat. Dat de nazi’s niet aan naastenliefde dachten toen ze al die joodse mannen, vrouwen en kinderen een kogel door het hoofd schoten of hen de gaskamers in joegen moge duidelijk zijn, maar van de kerk had men toch misschien wat meer compassie mogen verwachten.
Tweede reden waarom de naar Latijns-Amerika gevluchte nazi’s uit de handen van justitie wisten te blijven, heeft te maken met het feit dat ze daar met open armen werden ontvangen door dictators die droomden van een carrière à la Hitler (maar dan met een Happy End uiteraard). Tegen de bescherming die zij de nazi-voortvluchtigen boden, viel weinig uit te richten.
Een ander bekend voorbeeld van hoe men omging met oud-nazi’s is de geheime Amerikaanse Operatie Paperclip. Deze operatie had tot doel om aan het eind van de Tweede Wereldoorlog zoveel mogelijk Duitse wetenschappers die voor Hitler hadden gewerkt op te pakken en naar de Verenigde Staten over te brengen. Niet om ze te berechten, maar om ze te gebruiken voor hun eigen militaire doeleinden (of voor de ruimtevaart). De bekendste nazi-wetenschapper die met zijn gehele team van ingenieurs en geleerden zo’n voorkeursbehandeling kreeg in de VS was Wernher von Braun.
 

Zu spät für Gerechtigkeit

Mij maakt het niet uit hoe oud en krakkemikkig misdadigers zijn: wie een misdaad heeft begaan, moet boeten.
Ongetwijfeld zal deze overtuiging mede zijn ingegeven door het feit dat ik niet gelovig ben. Als ik nou nog zou geloven dat alle nazi-oorlogsmisdadigers na hun dood de rest van de eeuwigheid mogen doorbrengen in een hel waarmee vergeleken Auschwitz een gezellig ontspanningsoord was, dan zou mijn wens (en haast) om misdadigers bij leven gestraft te zien wel een stuk minder zijn. Maar helaas geloof ik er meer in dat een nooit veroordeelde nazi-oorlogsmisdadiger als bijvoorbeeld wijlen “Engel des Doods” Jozef Mengele (kamparts in Auschwitz) opgelucht ademhaalde (?) toen hij na zijn dood in 1979 boven kwam en constateerde dat er helemaal niets was. Was für ein Gluck: zu spät für Gerechtigkeit!
 


Tonko

Wil je reageren op deze column? Ik hoor graag jouw mening!
Klik onderaan dit blog op "(Geen) opmerkingen" en plaats je reactie.


 

woensdag 24 juli 2013

90. Verhalen van klokkenluiders lopen vrijwel altijd slecht af (2/2)

Actualiteit en privé - Klokkenluiders - Eerlijk en integer 

 

Indruisen tegen je geweten

Stel, je werkt bij een bedrijf en je komt erachter dat bepaalde collega’s er praktijken op nahouden die niet door de beugel kunnen. Er wordt fraude of diefstal gepleegd, men is corrupt, er worden grove fouten verzwegen of men verricht ernstige inbreuk op de privacy van mensen zonder dat ze dat weten. Ook buitenproportioneel verrijkingsgedrag past natuurlijk in dit rijtje. Alleen is dat gedrag inmiddels zo ingeburgerd dat alleen in tijden van crisis sommigen de moeite nemen om zich erover op te winden. Om te voorkomen dat de arme zelfverrijkers in de war raken, moeten ze de simpele regel onthouden dat wat ze doen geaccepteerd wordt zo lang als de rest het maar niet te slecht heeft (zie ook column 51).
Omdat genoemde praktijken indruisen tegen je geweten, maak je er op een dag melding van. Waarschijnlijk niet binnen je bedrijf, omdat de kans groot is dat op de plek waar je het officieel moet melden nou net die mensen zitten die óf zelf schuldig zijn aan deze misstanden óf van de aangeklaagde personen afhankelijk zijn. Dus je meldt het ergens anders en even later is het nieuws algemeen bekend en wordt al snel duidelijk dat jij de klokkenluider bent.
 

Uitblijven van steun

Op zich zou je mogen verwachten dat de meeste mensen net als jij niet gediend zijn van dergelijke misstanden en daarom blij zullen zijn dat iemand dit niet alleen heeft geconstateerd, maar het ook heeft gemeld waardoor er hopelijk iets aan gedaan kan worden.
Dat vooral de hoge piefen niet blij met je zullen zijn - omdat dergelijke missstanden nu eenmaal het meest voorkomen in de top waar de belangen het grootst zijn - zal geen verrassing zijn. Zij deden tenslotte iets waar ze beter van werden totdat ze zich door jouw verraad gedwongen zagen ermee te stoppen en ze tot overmaat van ramp ook nog risico lopen op vervelende juridische gevolgen.
Maar gelukkig zal het feit dat je met je actie een boel vijanden hebt gemaakt ruimschoots worden gecompenseerd door de enorme steun van al die mensen die net als jij ontzettend verbolgen en teleurgesteld zijn over de criminele activiteiten die hebben plaatsgevonden. Nietwaar?

Mis.

In de praktijk gebeurt dat niet. Verhalen van klokkenluiders lopen vrijwel altijd slecht af voor de betreffende klokkenluider.

Velen van hen verzuchtten na afloop dat als ze van tevoren hadden geweten welke ellende er allemaal op hen was afgekomen, ze met hun handen van de klok waren afgebleven. En nee, dat komt echt niet alleen door alle (te verwachten) negatieve reacties van de gecreëerde vijanden, maar dat heeft voor een groot deel ook te maken met het uitblijven van steun uit hoeken waar de klokkenluider die wel had verwacht.
 

Wat een eikel!

Het meest fascinerende hieraan vind ik te bedenken waarom klokkenluiders toch zo weinig steun krijgen van hun directe omgeving. Ik vermoed dat dat, zoals wel vaker het geval is, vooral met angst te maken heeft.
Mensen houden er niet van als iemand de status quo van hun dagelijks leven komt verstoren. Ook al zijn de redenen ervoor nog zo plausibel en nobel. De mens is een egoïst en zal in een situatie op het werk waarbij een collega misstanden aan de kaak stelt, vooral vrezen voor zijn eigen positie.
Het valt ook niet mee. Je werkt voor een bedrijf, alles gaat zijn gangetje, je krijgt maandelijks je salaris en opeens voelt een collega zich geroepen om de klok te luiden over een aantal misstanden daar. Ondanks dat de kans groot is dat je niet gek opkijkt van de aanklachten en je er zelfs niet aan twijfelt dat ze waar zijn, erger je je vooral aan de ontstane situatie. De rust is verstoord en wie weet wat er nu allemaal gaat gebeuren binnen het bedrijf. Je ergernis richt zich gek genoeg niet op de schuldigen, maar vooral op degene die het nodig vond om de beerput open te trekken: wat een eikel!
 

Besmettelijke ziekte

Het doet me een beetje denken aan mijn ontslag ooit vanwege, zoals dat zo mooi heet, een verstoorde arbeidsrelatie met mijn leidinggevende. Ondanks dat ik een prima relatie had met de rest van mijn collega’s op de afdeling veranderde hun houding op de dag dat bekend werd dat ik ontslag  aangezegd had gekregen.
Alhoewel negeren een te groot woord is, heb ik vanaf dat moment vrij weinig steun ervaren en in elk geval een stuk minder dan ik had verwacht. Op de afdeling leek het net alsof ik een soort van besmettelijke ziekte had gekregen. Net als dat mijn moeder me ooit vertelde dat ze merkte dat bekenden afstand van mijn vader namen toen bij hem dementie was geconstateerd. Veel mensen weten zich geen raad met situaties waarin bekenden iets overkomt dat appelleert aan hun eigen angstgevoelens. Door deze personen te negeren en te ontwijken, hopen ze kennelijk gevrijwaard te blijven van wat hen is overkomen.
 

Enorme bewondering

Bij klokkenluiders speelt zich een vergelijkbaar proces af: de klokkenluider doet iets waarmee hij in de problemen gaat komen en elke associatie van jou met de klokkenluider moet dan ook wel het risico op problemen voor jou vergroten. Uit angst en zelfbescherming kun je dan maar beter gewoon je mond houden en afstand bewaren.
Ik houd daar niet van. Mits een klokkenluider vanuit integere motieven handelt, zal hij altijd mijn steun krijgen. Voor mensen die het lef hebben om tegen de stroom in te zwemmen met alle risico’s van dien, kan ik niets anders dan enorme bewondering hebben. Dus zeg maar hoe ik kan helpen tegen deze exorbitante zelfverrijkingspraktijken mijnheer de klokkenluider en I’ll be your man. Gewoon uit principe.

Tenzij mij een zwijggeldbedrag wordt aangeboden waar ik niet omheen kan natuurlijk.


Tonko

Wil je reageren op deze column? Ik hoor graag jouw mening!
Klik onderaan dit blog op "(Geen) opmerkingen" en plaats je reactie.


Foto: Tonko


zondag 21 juli 2013

89. Vluchten in de armen van Poetin (1/2)

Actualiteit - Klokkenluiders - Eerlijk en integer




Cynisch over de mensheid

Zoals algemeen bekend is voormalig medewerker van de Amerikaanse veiligheidsdiensten CIA en NSA Edward Snowden momenteel op de vlucht voor de Verenigde Staten die hem willen veroordelen (ik schreef hier bijna “vermoorden” wat waarschijnlijk niet ver benevens de waarheid is),  omdat hij onlangs bekend heeft gemaakt dat deze diensten hun burgers afluisteren via het omvangrijke spionageprogramma PRISM.
Afgelopen week heeft de Amerikaanse klokkenluider tijdelijk asiel aangevraagd in Rusland. Als deze wordt goedgekeurd, kan Snowden daar minimaal een jaar verblijven. Behalve in Rusland zou Snowden ook terecht kunnen in Midden- of Zuid-Amerika waar Nicaragua, Venezuela en Bolivia hem asiel hebben aangeboden.
Om verschillende redenen word ik weer cynisch over de mensheid als ik het nieuws over Edward Snowden volg. Ten eerste weet ik vrijwel zeker dat Edward Snowden, kijkend naar een eventuele veroordeling, beter een moord had kunnen plegen in zijn land dan zijn medeburgers te waarschuwen dat hun overheid hen als een echte “Big Brother” in de gaten houdt en men (nog) minder privacy heeft dan men denkt.
Wie misstanden van de Amerikaanse overheid openbaar maakt, kan er (wat betreft diezelfde overheid: letterlijk graag!) gif op innemen dat hij een moeilijke tijd tegemoet gaat, om maar een understatement te gebruiken. Afhankelijk van wat je openbaar hebt gemaakt, kan ik me zelfs voorstellen dat je je leven niet zeker meer bent. Of kijk ik misschien teveel films?
 

Voordeel van de twijfel

Meest opvallend aan de hele ophef vind ik de vraag wat er nou precies zo opzienbarend is aan Snowden’s onthullingen. Hoe naïef ik soms ook kan zijn, ben ik toch niet zo naïef om te denken dat ik als burger ervan uit mag gaan dat mijn gangen op de sociale media door geen enkele autoriteit worden gevolgd of nagetrokken. Zeker in de Verenigde Staten van na 9/11 mag je als Amerikaans burger zulke praktijken toch juist verwachten.
Ik zou ook cynisch kunnen zijn over de werkelijke motieven van Snowden. Eenvoudigweg omdat ik ervan overtuigd ben dat er ook klokkenluiders zullen zijn die zich profileren als altruïstische held maar in feite alleen maar uit zijn op aandacht en roem.
Vooralsnog geef ik Snowden echter het voordeel van de twijfel en beschouw ik hem als een integere klokkenluider die puur uit gewetenswroeging zich genoodzaakt voelde om in het belang van de Amerikaanse burger aan de bel te trekken. Wat hem in mijn ogen een echte held zou maken, omdat ik wel waardering kan opbrengen voor een Amerikaanse burger met zoveel lef dat hij het durft op te nemen tegen zijn eigen overheid. En dat alles enkel om te strijden voor meer open- en eerlijkheid; prachtig!
 

The enemy of my enmey is my friend-mentaliteit

Waar ik als Snowden echter het meest moeite mee zou hebben in zijn situatie is de cynische constatering dat de hulp uit hoeken komt waarvan je je kunt afvragen of je daar nou zo blij mee moet zijn.
Natuurlijk is het fijn dat Rusland en een paar Latijns-Amerikaanse landen bereid zijn om je asiel te verlenen. Maar als ik in mijn strijd voor meer open-, eerlijk- en rechtvaardigheid mezelf genoodzaakt zie om te vluchten in de armen van een mijnheer Vladimir Poetin dan zou ik me toch eens flink achter de oren krabben en me serieus afvragen of ik wel zo goed bezig ben.
Zeker als je daarbij bedenkt dat Latijns-Amerika je enige alternatief is. Ik zou me dan net een nazi voelen die aan het eind van de Tweede Wereldoorlog opgelucht constateert dat er in Zuid-Amerika nog genoeg boeven aan de macht zijn die uit bewondering voor Adolf Hitler je met open armen ontvangen in hun land. Ondanks dat ik besef dat de huidige leiders in Latijns-Amerika over het algemeen democratisch verkozen zijn en dus niet vergeleken mogen worden met de dictators van decennia geleden. Maar dat de scheidslijn tussen democratisch leider en dictator daar veel dunner is dan hier, is geen gewaagde uitspraak.
Hoe zou Edward Snowden zich nou voelen: als een held of als een opgejaagde crimineel die het geluk heeft door partners-in-crime en/of mensen met een “the enemy of my enemy (de VS) is my friend”-mentaliteit gedekt te worden?
Mijn God, ik zie mezelf als Edward Snowden al praten met een begripvolle Poetin die verontwaardigd reageert op mijn onthullingen over afluisterpraktijken in de Verenigde Staten. Ik denk dat als Poetin de banden van het gesprek later afluistert hij er hartelijk om zal lachen.
 


Tonko

Wil je reageren op deze column? Ik hoor graag jouw mening!
Klik onderaan dit blog op "(Geen) opmerkingen" en plaats je reactie.


Foto: Tonko
 

zaterdag 13 juli 2013

88. De comeback van de wolf

Actualiteit -  Dieren - Filosofie



Vrees van alle dieren op aarde de mens het meest

Tussen alle ellende in het nieuws zit er af en toe iets bij waar ik echt blij van word: de wolf is terug in Nederland. Helaas was mijn blijdschap van korte duur. Niet zozeer omdat het beest eenmaal in Nederland aangekomen meteen leek te zijn doodgereden door een automobilist die de wolf een eenmalige les leerde: vrees van alle dieren op aarde de mens altijd het meest. Maar vooral omdat inmiddels het vermoeden is gerezen dat het hier gaat om een practical joke van Oost-Europeanen die de dode wolf bij wijze van grap langs de weg zouden hebben neergelegd.
Ik vraag me af wie de humor hiervan inziet. Een Geert Wilders vermoedelijk niet, want die zal met dit nieuws ongetwijfeld zijn beeld bevestigd zien dat alle Oost-Europeanen oplichters zijn (uitgezonderd zijn eigen vrouw dan mag ik hopen). Maar de VVD bewijst dat er meer domme politici rondlopen: de partij liet al snel weten dat als er binnenkort in Nederland wolven komen wonen er serieus moet worden overwogen om deze dieren af te schieten. Wellicht dat ze bang zijn voor krassen op hun BMW of zo.
 

Geloven in sprookjes

Wolven zijn echter schuwe dieren en hebben sinds hun terugkeer in buurland Duitsland nog geen mens aangevallen. Mensen hebben nog altijd meer te vrezen van bijtgrage honden en vooral van het gevaarlijkste ras ter wereld dat deze bijtertjes op de wereld heeft gezet: het eigen mensenras (zie column 12).
Blijkbaar zijn VVD’ers meer geneigd om sprookjes te geloven dan bijvoorbeeld hun PvdA-collega’s die geen problemen hebben met een terugkeer van de wolf. Met dank aan traditionele sprookjes als Roodkapje en De Wolf en de zeven geitjes heeft de wolf tenslotte (onterecht) een zeer negatief imago verworven.
 

Een negatief imago kan dodelijk zijn voor een dier

Een negatief imago kan letterlijk dodelijk zijn voor een dier. Zo vraag ik me wel eens af of de wereldberoemde regisseur Steven Spielberg spijt zal hebben van het maken van zijn kaskraker “Jaws” (1975). 
Want behalve dat Spielberg verantwoordelijk is voor het maken van diverse wereldberoemde films als “E.T.” en “Schindler’s List” is hij door “Jaws” - hoe onbedoeld en indirect dan ook - tevens medeverantwoordelijk voor de moord op vele honderden miljoenen haaien.
Sinds “Jaws” de haai het negatieve imago meegaf als bloeddorstige killer is het haaienbestand niet toevallig met zeventig procent afgenomen. Terwijl kenners weten dat van de vierhonderd haaiensoorten hooguit één procent gevaarlijk kan zijn voor de mens. Waar in 2011 een record aantal van twaalf mensen door haaien werd gedood, is de wraak van de mens zoet: naar schatting worden jaarlijks honderd miljoen (!) haaien door mensen omgebracht. De witte Jaws-haai behoort inmiddels tot een van de meest bedreigde diersoorten ter wereld. 

Naschrift: in een interview in 2022 met de BBC heeft Spielberg inderdaad aangegeven dat hij het betreurt dat zijn film zo'n negatieve impact heeft gehad op de haaienpopulatie.
 

Dat alles in de natuur een functie heeft is een misvatting

Natuurlijk kun je je net als de Nederlandse filosoof Bas Haring in zijn boek “Plastic Panda’s” (2011) afvragen of het nou zo erg is dat bepaalde dieren uitsterven. Ook cabaretier Herman Finkers heeft zo zijn bedenkingen: “Het aantal bedreigde diersoorten neemt hand over hand toe. Er is zelfs sprake van een enorme plaag.”
Haring kan best een punt hebben in zijn standpunt dat het een grote misvatting is dat alles in de natuur een functie heeft en het er dus niet voor niets zal zijn. En tja, als hij gelijk heeft dan is dat wel een heel wijdverbreide misvatting. Kijk alleen al naar al die miljarden religieuze en spirituele mensen die van mening zijn dat hun eigen soort héél bijzonder en uniek is en dat ze dus wel met een functie, reden en/of doel op de wereld moeten zijn gezet.
Zelf geloof ik daar overigens niet in. In mijn visie bestaat het leven voor het grootste deel gewoon uit willekeur, geluk en pech. Maar de meeste mensen zullen deze visie alleen al uit zelfbescherming nooit kunnen en willen accepteren, omdat het natuurlijk een hele beangstigende gedachte is dat het leven op zich compleet zinloos is. De voorkeur geven aan een leven waarin - in meer of mindere mate - krampachtig wordt gezocht naar een bepaalde orde, logica én zin, vind ik dan ook niet zo vreemd (zie ook column 52).
In dit opzicht kan ik dus met de gedachtegang van Haring mee dat er in de natuur soms dingen zijn simpelweg omdat ze er zijn en niet omdat ze een bepaald nut zouden hebben. Dat hierdoor volgens de filosoof dan ook diverse diersoorten “gerust” kunnen uitsterven zonder dat dit ernstige gevolgen heeft voor het ecosysteem, betwijfel ik echter. En wel om de eenvoudige reden dat ecosystemen heel complex zijn. Hierdoor kunnen de gevolgen van het uitsterven van een bepaald diersoort op het eerste oog niet waarneembaar zijn, maar op de langere termijn wel. Bijvoorbeeld door factoren die indirect invloed uitoefenen, maar waar totaal niet aan gedacht is. 
 

Twee redenen waarom uitsterven diersoorten wel erg is

Waar ik zeker met Bas Haring over van mening verschil is de vraag of we het uitsterven van diersoorten zo erg moeten vinden. In tegenstelling tot Haring vind ik dat wel degelijk verschrikkelijk en wel om twee redenen.
Ten eerste omdat ik ervan walg dat de mens haar superieure positie op deze aarde meent te moeten gebruiken en misbruiken om vanuit puur egoïstische motieven en zonder enkele noodzaak natuur en dier(soorten) te gaan vernietigen en uit te roeien. Dieren (en planten en natuur) hebben evenveel bestaansrecht als mensen, punt.
Daarnaast was de wolf veel eerder in Europa - en dus ook in Nederland - dan de mens. En niet zo'n klein beetje eerder ook. Noem dit maar het recht van de eerste! Daar waar de eerste wolven al miljoenen jaren geleden hier aankwamen tijdens het Pleistoceen, verschenen de eerste moderne mensen (Homo sapiens) pas zo'n 50.000 jaar geleden.   
Hoe willekeurig het leven ook mag zijn, heeft er in de natuur altijd een bepaald evenwicht bestaan dat in feite alleen maar door de mens dramatisch is verstoord. En dat vind ik een kwade en kwalijke zaak.
De tweede reden is - over het ego gesproken - een esthetische reden: ik heb iets met dieren en vind bijvoorbeeld haaien, tijgers en wolven zulke prachtige beesten dat ik het doodzonde zou vinden als die er op een dag niet meer zouden zijn.
De vraag over een eventueel nut van deze dieren vind ik hierbij irrelevant. Het is een puur esthetische kwestie en ik ben de eerste die toegeeft dat dit ontzettend oppervlakkig en subjectief is. Als variant op de Calvé Pindakaas reclame "Ik vind het gewoon lekker" kan ik er niet veel meer van maken dan: ik vind (bepaalde) dieren gewoon mooi. 
Dat mensen meer empathie voelen voor charismatische diersoorten die als schattig, mooi of aaibaar worden gezien, is overigens een bekend fenomeen. Ook dáárin ben ik helaas niet uniek. Om die reden worden dieren als panda's, dolfijnen en tijgers natuurlijk ook veel eerder gebruikt in campagnes van natuurbeschermingsorganisaties dan minder aantrekkelijke diersoorten als reptielen, insecten of vissen. Wat wel een groot probleem is, aangezien er onder de minder aantrekkelijke dieren soorten zitten die essentieel zijn voor ecosystemen en die dus veel meer aandacht verdienen, zoals bijvoorbeeld bijen, mieren, gieren, steuren, kikkers en padden.

Ik kijk uit naar de comeback van de wolf in Nederland. Sinds de opmars van de wolf in Duitsland de afgelopen decennia is het niet meer de vraag of hij komt, maar wanneer. Elke keer als ik de Donald Duck lees, blijkt weer hoe pro-wolf ik ben: ik blijf de hoop hebben dat Midas op een dag eindelijk die irritante Knor en zijn broertjes te pakken krijgt. De VVD heeft vast wel suggesties hoe.


Tonko


Wil je reageren op deze column? Ik hoor graag jouw mening!
Klik onderaan dit blog op "(Geen) opmerkingen" en plaats je reactie.

 
De grote boze wolf Midas (foto Tonko uit de Donald Duck)

 

zondag 30 juni 2013

87. Tijd is prioriteit

Privé - Liefde/Vriendschap - Actief/Passief

 

Selectief lui en laks

Ik heb een luie en lakse kant maar naarmate ik ouder word, raak ik steeds meer gerustgesteld: ik ben lang niet de enige. Wel zou ik het selectief lui en laks willen noemen: hoe minder iets me interesseert, hoe passiever ik word. Al zal dat voor (vrijwel) iedereen gelden. Wie altijd lui en laks is, kan volgens mij nooit iets leuk vinden aangezien ik ervan uit ga dat een mens nooit te lui is om iets te doen wat hij echt leuk vindt.
Maar bij mij speelt nog een andere factor een belangrijke rol in het veroorzaken van passief gedrag: mijn gemoedstoestand. Hoe slechter ik me voel, hoe minder ik doe.
Mijn ex-zwager had ooit een depressieve vriendin die thuis twee vuilniszakken vol ongeopende post bleek te hebben. Ik kan me daar wel iets bij voorstellen. Je zit niet lekker in je vel en waarom zou je dan dat beetje energie wat je nog in je hebt steken in allerlei vervelende, negatieve klusjes als het betalen van rekeningen en zo? Dat je met zulke struisvogelpolitiek alleen maar je problemen vergroot waardoor je nog depressiever raakt en in een negatieve spiraal belandt, is rationeel misschien simpel te beredeneren. Maar in hoeverre een depressief persoon nog in staat is om rationeel te denken, is een heel ander verhaal.
 

Gruwelijke hekel aan Inside the Box

Toch heb ik gelukkig ook nog wel een andere kant: als iets me interesseert en mijn gemoedstoestand staat het toe dan kan ik op mijn tijd ook nog wel eens iets actief initiëren (ongetwijfeld een pleonasme: ooit gehoord van passief initiëren?).
Zo heb ik de afgelopen jaren een Filosofiegroep opgericht en via LinkedIn een groep voor Outside the Box-denkers met creatieve ideeën.
Aan de term "outside the box" heb ik 
inmiddels overigens een gruwelijke hekel gekregen sinds dit als mode'woord' de top tien is binnengestormd van meest irritant taalgebruik bij managers. Opeens schijnt Jan en alleman opeens te menen dat hij/zij Outside the Box denkt terwijl als ze de precieze betekenis ervan zouden kennen ze zouden beseffen dat hun conformistisch trendvolgersgedrag nou juist zo typerend is voor het binnen de doos denken. Met al die drukte buiten de doos zou ik me nu juist weer veel meer thuis voelen in een Inside the Box-groep.
Tot slot heb ik vorig jaar ook nog een HSP-vriendengroep trachten te formeren, waarover ik al eerder schreef (zie
column 18).
 

Te druk is onzinnige drogreden

Het meest verrassende van het proces van het oprichten en beheren van deze groepen was dat het veel moeilijker bleek te zijn dan ik dacht.
Hoofdreden: veel mensen blijken dermate passief te zijn dat ze niet of nauwelijks op communicatieboodschappen reageren waardoor je als initiator continu overal achteraan moet zitten om de boel op gang te krijgen en te houden. Wat me daarbij vooral verbaast, is dat het om volwassen mensen gaat die geheel uit vrije wil aan zo’n groep meedoen en er dus bewust voor hebben gekozen. Dat ik niet of laat reageer op mails vanuit sportclubs van mijn kinderen of op mails van mijn ex-vrouw valt misschien niet goed te praten, maar dat vind ik zelf toch nog altijd iets anders dan als ik me zo zou gedragen tegenover een groep waarvoor ik mezelf heb aangemeld.
Fascinerend is te bedenken wat er achter dat passieve gedrag van deze mensen zit. Een simpele verklaring zou kunnen zijn dat het aan mij en mijn onvermogen om mensen te motiveren ligt. Dat kan. Maar toch zou het naar mijn mening een beetje vreemd zijn als de motivatie van een groepslid bepaald zou moeten worden door de motivatietechnieken van de groepsleider. Intrinsieke motivatie zou toch altijd meer de drijfveer moeten zijn dan extrinsieke motivatie lijkt mij.
Als men naar de werkelijke beweegredenen zou doorvragen, zou de eindconclusie wel eens nóg simpeler kunnen zijn: men heeft het gewoon te druk. Ondanks dat we dit argument allemaal wel eens in meer of mindere mate gebruiken, vind ik het eigenlijk een onzinnige drogreden. Ik kan me wat dat betreft heel goed vinden in de wijze uitspraak “Tijd is prioriteit”.
 

Alles draait om prioriteiten stellen

Niemand op deze wereld heeft het zo druk dat hij bijvoorbeeld nooit een paar minuten van zijn tijd kan missen om een mailtje te beantwoorden of iemand terug te bellen. Ook president Obama zit wel eens thuis op de bank voor de televisie of slaat met wat vrienden een balletje af op de golfbaan. Het draait natuurlijk allemaal gewoon om prioriteiten stellen.
Als iemand tegen je zegt dat hij het te druk had om je terug te bellen, zegt hij in feite: “Ik had van alles te doen en in de vrije tijd die overbleef vond ik andere zaken belangrijker en/of leuker dan jou terug te bellen.” En ja, dat kan ook voortkomen uit simpele lui- en laksheid. Je hebt gewoon geen zin om te reageren, je schuift het even opzij en voordat je het weet, komt van het uitstellen ook nog eens afstellen.
Op deze wijze ben ik de afgelopen decennia diverse vrienden kwijt geraakt. Zo lui en laks als ik kan zijn, zo trouw ben dan wel weer ik op het gebied van vriendschappen, maar zo koppig ben ik ook: als ik degene ben die de laatste contactpoging(en) heeft gedaan, dan blijf ik daar niet mee doorgaan en houdt het op een dag op. Want vriendschappen moeten wel van twee kanten komen.
Hoe geruststellend de constatering ook is dat er veel meer mensen zijn met een luie en passieve kant, is het tegelijkertijd ook jammer om te zien hoe ver onze prioriteiten soms uit elkaar kunnen liggen. Maar dat is een kwestie van accepteren en het leven nemen zoals het komt. Bovendien leert een andere wijze les ons dat alle nadelen ook weer hun voordelen hebben. Ook wat luiheid betreft: “Ik heb een zelfmoordenaar gekend die uit pure luiheid een natuurlijke dood is gestorven.” (journalist Hans van Straten 1923-2004).
 

  

Tonko

Wil je reageren op deze column? Ik hoor graag jouw mening!
Klik onderaan dit blog op "(Geen) opmerkingen" en plaats je reactie.

 

vrijdag 28 juni 2013

86. Een meester in zelfoverschatting

Actualiteit - Politiek/Macht - Dictators - WOII




De man van de bunga-bunga feestjes

“Rare jongens die Romeinen” riep Obelix al meer dan tweeduizend jaar geleden. Tenminste dat zou hij best gezegd kunnen hebben als hij, net als Julius Caesar (de gezworen vijand van Asterix en Obelix), echt had bestaan.
Nu denk ik hetzelfde over de nazaten van het eens zo glorieuze Romeinse Rijk: de Italianen. Met dank aan hun Julius Caesar van de laatste decennia: Silvio Berlusconi. Tenminste zo zou hij maar al te graag gezien worden, maar ik vrees voor Berlusconi dat hij toch meer de geschiedenisboeken in zal gaan als de man van de bunga-bunga-feestjes, de corruptie en het machtsmisbruik dan als de man van de Julius Caesar-achtige daden en overwinningen. Al moet worden benadrukt dat Caesar natuurlijk ook bepaald geen lieverdje was.
 

Hoe vergankelijk roem kan zijn

Nee, als Berlusconi mij dan toch aan iemand doet denken uit de Italiaanse geschiedenis dan is dat toch meer aan zijn eigen grote voorbeeld: Benito Mussolini. Al kan de nog steeds immens populaire Berlusconi er gerust op zijn dat hij niet zo zal eindigen als de Italiaanse fascist en dictator die aan het eind van zijn carrière nog maar weinig populariteit genoot.
Mussolini en zijn maîtresse werden op 28 april 1945, twee dagen voor de zelfmoord van Adolf en Eva, doodgeschoten door Italiaanse partizanen waarna hun lichamen aan de voeten werden opgehangen aan een balk bij een benzinestation ("Shell helpt") op het Piazzale Loreto-plein in Milaan. De details over wat de woedende menigte vervolgens met de lijken deed, zal ik de lezer besparen. Maar het was in elk geval een gedenkwaardig voorbeeld van hoe vergankelijk roem kan zijn.
 

Ein Klotz am Bein

Net als Berlusconi nu was Mussolini in zijn tijd een meester in zelfoverschatting. Iets waar Adolf Hitler tot zijn grote ontzetting in de loop van de Tweede Wereldoorlog ook achter zou komen.
Mijn God, wat moet die arme Adolf zich hebben doodgeërgerd aan zijn voormalig idool die achter zijn militair uniformpje en pedante, theatrale gebaren en gekke bekkentrekkerij werkelijk geen enkele kwaliteit bleek te bezitten. “Ein Klotz am Bein” (een blok aan zijn been) zal Hitler ongetwijfeld meerdere keren over Mussolini hebben verzucht.
Schrale troost voor Mussolini is dat hij de führer in elk geval op één punt overtrof, jawel: zelfoverschatting. Een prestatie die, kijkend naar de toch ook niet bepaald onbescheiden Hitler, geen geringe prestatie mag worden genoemd.
 

Hoeveel keer levenslang moet je krijgen voor écht levenslang?

Dat Berlusconi ondanks zijn criminele gedrag tot zijn dood toe buiten de gevangenis zal blijven, is eveneens geen geringe prestatie. Daar zal zijn prachtige doch inhoudsloze veroordeling tot zeven jaar cel verder niets aan veranderen.
Ten eerste leven we helaas in een tijd dat in de juridische wereld geen enkele gerechtelijke uitspraak letterlijk kan worden genomen. Zo weten we allemaal al lang dat wie tot tien jaar cel wordt veroordeeld gemiddeld na een jaar of zes weer vrij rondloopt en dat levenslang meestal helemaal geen levenslang betekent. Alhoewel Nederland hierop wel weer een positieve uitzondering vormt.
In andere landen kun je echter niet voor niets tien, twintig, dertig keer levenslang krijgen waarbij het heel fijn zou zijn als iemand mij antwoord kan geven op de ietwat rare vraag hoeveel keer je nu precies levenslang moet krijgen om levenslang te krijgen. Dat steeds weer uitrekken en devalueren van grenzen en begrippen doet mij denken aan van die mensen die roepen dat ze zich voor 110 procent zullen inzetten. Jammer denk ik dan, want waarom geef je geen 150 of 200 procent?
 

I rest my case

De tweede reden waarom Berlusconi nooit vast zal komen te zitten, komt omdat hij zo slim is geweest om net als de Bijbelse Jozef tijdens zijn goede, machtige jaren al rekening te houden met eventuele mindere jaren daarna. Met misschien niet zozeer een risico op een vergelijkbare val als Mussolini, maar dan toch zeker wel met een reële kans op juridische aanklachten.
Helaas voor Berlusconi werd in 2009 de eerder door hem als premier ingevoerde wet op (zijn) onschendbaarheid en immuniteit voor juridische vervolging door de hoogste rechters teniet gedaan (zie ook column 9). Maar “gelukkig” staat daar tegenover dat er in Italië sinds 2006 een regel bestaat dat veroordeelden van boven de zeventig jaar niet naar de gevangenis hoeven te gaan, maar hun straf thuis mogen uitzitten. Pikant detail: deze amnestiewet is door Berlsuconi in 2006 ingevoerd. Hij was toen 69 jaar oud. I rest my case...
 

De maffiabaas is dood, lang leve de maffiabaas

Mocht onze vriend Silvio het hoger beroep tegen zijn veroordeling verliezen dan is er voor hem natuurlijk nog geen man overboord. Een straf uitzitten in een van zijn paleizen zal door Berlusconi zelf, laat staan door wie dan ook, als een erge straf worden beschouwd. Bovendien kan hij van daaruit nog probleemloos een nieuwe carrière beginnen. Een carrière waarvoor hij eigenlijk geboren is en waarvoor hij ook al de nodige ervaring heeft: maffiabaas.
James Gandolfini, de acteur die maffiabaas Tony Soprano speelde in de succesvolle maffiaserie The Sopranos, is net begraven. De (nep) maffiabaas is dood, lang leve de (echte) maffiabaas! Ik hoor het Don Corleone Berlusconi zo tegen de rechter zeggen: “I will make you an offer you can’t refuse…” (beroemd citaat uit de film "The Godfather")

  

Tonko

Wil je reageren op deze column? Ik hoor graag jouw mening!
Klik onderaan dit blog op "(Geen) opmerkingen" en plaats je reactie.

  

Julius Caesar (uit Asterix & Obelix)

donderdag 30 mei 2013

85. Winnen is belangrijker dan rechtvaardigheid

Actualiteit - Rechtspraak - (On)Rechtvaardigheid - Goed/Kwaad 




Publieksgeile en narcistische advocaten

Advocaat Gerard Spong was op televisie druk bezig zijn nieuwe boek "De Breuk" te promoten. Eerst bij DWDD en een dag later bij Sven Kockelmann in het KRO-interviewprogramma “Oog in Oog”.
Ik heb het niet zo op publieksgeile mensen en zeker niet op narcistische advocaten die geen gelegenheid onbenut laten om hun ego nog meer te laten kietelen. Met zijn boek hoopt Spong twee vliegen in één klap te slaan: hij wil iedereen laten zien wat voor fantastische advocaat hij toch is en daarbij verdient hij in een moeite door ook meteen een aardig zakcentje. Altijd handig, want iedere geld beluste advocaat weet inmiddels dat levenslange garantie op het mogen uitoefenen van je beroep niet bestaat.


Guilty as hell

Ik ergerde me dood aan Spong. Niet zozeer vanwege zijn zure uitstraling en pijnlijke ingestudeerde poging om grappig te zijn (“Dokter De Bond, niet James Bond maar De Bond”), maar vooral omdat ik door hem deze doorgedraaide wereld weer eens niet begrijp.
Centraal in het boek staat zijn successtory van de Nuenense Moordzaak waarbij onze held Spong een moordverdachte op vrije voeten heeft weten te krijgen. Omdat Peter R. de Vries deze zaak jaren op de voet heeft gevolgd, zat ook hij aan DWDD-tafel. Volgens De Vries is de verdachte, arts Edwin ten Winkel, duidelijk “guilty as hell” ook al zegt hij dit heel tactvol niet hardop.
 

Manipulatieve leugenaar

Bebe Pãna, de Filippijnse vrouw van Ten Winkel, verdween in 2001. Haar lichaam werd jaren later ingemetseld teruggevonden onder de toiletpot in het huis van zijn tweelingbroer.
Ten Winkel verklaarde dat hij zijn vrouw op een dag dood op bed had aangetroffen. Ze zou volgens hem zelfmoord hebben gepleegd door een plastic zak over haar hoofd te trekken. Iets wat overigens door Peter R. de Vries helemaal niet kan: mensen die dat proberen, raken door de ademnood in paniek en trekken uit een soort overlevingsreflex die zak toch gewoon weer van hun hoofd.
Uit liefde en verdriet kon hij geen afstand van haar nemen en daarom had hij haar eerste begraven in zijn tuin en later overgebracht naar het huis van zijn broer. Omdat van het lichaam van Bebe Pãna weinig meer over was, kon met hulp van verklaringen van door Spong ingeschakelde forensische experts de precieze doodsoorzaak niet meer worden vastgesteld en werd Ten Winkel bij gebrek aan bewijs vrijgesproken.
Pikant detail: een jaar na de verdwijning van Bebe Pãna werd de eveneens Filipijnse kinderoppas Beth Urbi ook dood op bed gevonden in het huis van Ten Winkel. Waaraan zij is overleden is toch de dag van dag vandaag onopgehelderd gebleven (misschien ligt het wel aan het bed?). Waar Spong Ten Winkel omschrijft als een innemend persoon, vertelt De Vries dat hij in zijn 35-jarige carrière vrijwel niemand is tegengekomen die zo’n grote manipulatieve leugenaar was als deze man.
 

De rechtspraak deugt niet

Natuurlijk kun je nu vaststellen dat het de taak van een advocaat is om koste wat het kost zijn cliënt vrij te krijgen en dat Spong dus uitstekend werk heeft geleverd om van een hopeloze zaak een winnende te maken. Maar hier zit dus mijn grootste ergernis. Naar mijn mening deugt de rechtspraak gewoon niet.
In mijn ogen zou het uitgangspunt van rechtspraak moeten zijn om met behulp van zoveel mogelijk feiten (“waarheidsvinding”) te komen tot een oordeel dat leidt tot een rechtvaardige uitspraak.
Dit klinkt logisch, maar ik wil nog een stap verder gaan. Als dat het uitgangspunt is, zouden zowel openbare aanklagers als advocaten deze eigenlijk moeten hanteren. Want laten we eerlijk zijn: geen weldenkend mens, en zeker niet binnen de juridische wereld, zou toch tegen een maatschappij moeten zijn waarin alle veroordeelden een rechtvaardige straf krijgen die passend is bij hun misdaad.
En toch is de realiteit dat advocaten zich niet (hoeven te) bezighouden met waarheidsvinding omdat dat hun taak niet is, terwijl openbare aanklagers dat weliswaar wel behoren te doen maar je je serieus kunt afvragen of dat ook daadwerkelijk altijd gebeurt.
 

Uiteindelijk draait het om ego's

Rechtspraak lijkt soms meer op een wedstrijdje tussen aanklagers en advocaten waarbij de een erop uit is om de verdachte zo hard mogelijk te straffen en de ander tot doel heeft om hem met alle middelen vrij te krijgen, ongeacht de schuld of onschuld van de betrokkene. Winnen lijkt belangrijker dan rechtvaardigheid. 
Uiteindelijk draait het allemaal weer eens om ego’s. Hoe Spong doet en is, heeft werkelijk niets te maken met wat een jurist in mijn ogen zou moeten zijn: iemand die vanuit een idealistisch standpunt zijn steentje wil bijdragen aan rechtvaardige(re) samenleving.
Al ben ik heus niet zo naïef te denken dat rechtenstudenten puur vanuit ideële motieven tot hun studiekeuze zijn gekomen zonder daarbij naar de aantrekkelijke salarissen te hebben gekeken. De vraag of een Bram Moszkowicz jurist is geworden om de wereld te verbeteren of om er zelf beter van te worden, is wat mij betreft dan ook een retorische vraag.
 

Het gaat niet om futiliteiten als waarheid of gerechtigheid

Als een kind zo blij en trots is Spong dat hij door zijn sluwheid zoveel twijfel en verwarring heeft gezaaid bij de rechters dat zij zich gedwongen zagen Ten Winkel vrij te spreken.
Dat zijn cliënt naar alle waarschijnlijkheid zo schuldig is als O.J. Simpson destijds en dat Spong dat zelf ook heus wel weet, deert hem niet. Het gaat Spong niet om futiliteiten als waarheid of gerechtigheid of wie wie zou hebben vermoord. Het gaat hem slechts om vrijspraak van zijn cliënten. Want dan heeft hij gewonnen en weet de hele wereld weer wat voor fantastische advocaat hij is.
Het ergste van alles vind ik nog wel dat de heren Van Nieuwkerk, De Vries en velen met hen enorme bewondering hebben voor dergelijke gewetenloze advocaten. Terwijl ik alleen maar denk: geef mij maar mensen die strijden voor rechtvaardigheid.
Chapeau mijnheer Spong, u heeft -  zoals het ernaar uitziet - een moordenaar op vrije voeten gekregen. Met mensen als u Draait De Wereld gewoon weer Door. Helaas wordt de Wereld er echter geen haar beter van. Integendeel.
 


Tonko

Wil je reageren op deze column? Ik hoor graag jouw mening!
Klik onderaan dit blog op "(Geen) opmerkingen" en plaats je reactie.

 
 

maandag 20 mei 2013

84. Dieper kan een mens niet zinken

Actualiteit en privé - Drama/Tragedie - Scheiden - de Dood


 

Een einde aan verschrikkelijke onzekerheid

Dat de verdwenen broertjes Ruben en Julian na de zelfmoord van hun vader Jeroen Denis hetzelfde lot zou zijn beschoren als de zesjarige tweelingzusjes Alessia en Livia na een vergelijkbaar drama in Zwitserland in 2011, was te verwachten.
“Gelukkig” zijn de lichamen van de broertjes echter wel gevonden en is er voor de familie een einde gekomen aan de verschrikkelijke onzekerheid. Van de tweeling in Zwitserland ontbreekt tot op de dag van vandaag nog elk spoor. Dat ze dood zijn, is wel bekend. Nadat hun vader Matthias Schepp zich voor de trein had geworpen, werd een afscheidsbrief gevonden waarin hij liet weten dat de meisjes niet meer leefden, maar dat ze in elk geval niet hadden geleden. Jeroen Denis had in zijn afscheidsbrief niets los gelaten over het lot van zijn zoons.
 

Not done

Typerend voor deze tijd is dat veel mensen op internet weer een uitgesproken mening hebben over de zaak en precies weten hoe het allemaal zit. Uiteraard zijn inmiddels ook al de eerste complottheorieën verschenen.
Principieel waag ik me niet aan het uitspreken van een oordeel over gebeurtenissen waar ik veel feiten en details niet van ken. Behalve “not done” vind ik dat ook gewoon dom. Wel kan ik deze gebeurtenis aangrijpen om het in het algemeen te hebben over iets dat wél een feit is, namelijk dat bij beide drama’s de scheiding tussen vader en moeder een essentiële rol heeft gespeeld.
 

Vechtscheiding

De afgelopen weken zijn verschillende zaken over het drama in het nieuws gekomen. Jeroen Denis zou onlangs tijdens een rechtszaak te horen hebben gekregen dat zijn omgangsregeling met zijn zoontjes verder zou worden beperkt; het gebroken gezin zou al jarenlang door diverse hulpverleningsinstanties zijn bijgestaan; de Raad voor Kinderbescherming zou kort voor het drama hebben besloten om Ruben en Julian onder toezicht van Bureau Jeugdzorg te stellen en "last but not least" zou Jeroen Denis binnenkort door de politie worden gehoord als verdachte van kindermishandeling.
Wat er feitelijk ook allemaal mag zijn gebeurd, is in elk geval duidelijk dat hier sprake was van een zeer problematische scheiding, ook wel vechtscheiding genoemd.
Ondanks dat ik als gescheiden vader helaas ook de nodige (?) vervelende incidenten met mijn ex-vrouw heb meegemaakt, is die term bij ons gelukkig nooit van toepassing geweest. Met een co-ouderschap zoals wij die hebben, zou dat eenvoudigweg ook nooit hebben gekund. 
Maar toen mijn ex en ik nog bij elkaar waren, zagen wij al vechtscheidingen om ons heen waar de honden geen brood van lusten. Met “geintjes” als wederzijdse beschuldigingen van seksueel misbruik tot aan het laten opsluiten van de ex-partner wegens niet nakomen van alimentatieverplichtingen toe. “Als wij ooit gaan scheiden, doen we dat wel op een normale manier”, wierp ik mijn vrouw toen al profetisch toe. En gelukkig waren we het op dat essentiële punt wél eens.
 

Moeders hebben bij scheidingsrechtszaken streepje voor

Scheidingen kunnen het slechtste in de mens naar boven brengen (zie ook column 80). Helaas werken hierbij juridische of hulpverleningsinstanties soms ook als een lap op een rode stier door de situatie niet goed in te schatten en grote fouten te maken. Zonder daarbij naar welke specifieke zaak dan ook te wijzen, is het in Nederland bijvoorbeeld geen geheim dat in scheidingsrechtszaken moeders een streepje voor hebben ten opzichte van vaders.
Toen mijn vrouw en ik gingen scheiden, zorgde ik meer voor de kinderen dan zij en was de keus tot een co-ouderschap snel en logisch gemaakt. Toch is het veelzeggend dat ik absoluut geen geld had ingezet op een goede afloop als mijn ex-vrouw een rechtszaak tegen me zou hebben aangespannen met als inzet om de kinderen grotendeels bij haar te laten wonen. Alleen al vanwege het simpele gegeven dat zij de moeder van onze kinderen was/is en ik “slechts” de vader zou ik met een 0-1 achterstand zijn begonnen. En dat vind ik heel oneerlijk.
 

Dubbel gestraft

De gemiddelde vader ziet zijn kinderen na een scheiding om de week een weekend en betaalt daarbij ook nog alimentatie. Iets wat op mij persoonlijk als zeer onrechtvaardig overkomt. Je wordt tenslotte dubbel gestraft: én je ziet je kinderen nog maar heel weinig én dat kost je ook nog eens geld.
Natuurlijk zijn er (helaas) genoeg vaders die helemaal niet de behoefte voelen om hun kinderen vaker te zien en zo’n regeling dus prima vinden omdat ze zo bijvoorbeeld alle vrije tijd overhouden voor hun nieuwe vriendin en hobby’s.

En natuurlijk zijn er ook vaders die hiermee akkoord gaan om de eenvoudige reden dat ze door hun drukke baan even geen alternatief zien.
Maar dan nog blijven er zat gewone, liefhebbende vaders over die hun kinderen wel degelijk vaker zouden willen zien en daartoe ook de mogelijkheid hebben, maar die dat niet mogen omdat de moeder de rechter ervan heeft overtuigd dat het voor de kinderen toch echt beter is dat ze vaker bij haar blijven in verband met de (on)rust, de vertrouwde omgeving etc.
 

Wraak

Uitgezonderd die essentiële (extreme) gevallen waarbij de vader daadwerkelijk tekort schiet richting de kinderen en het voor hen dus absoluut noodzakelijk is om altijd of vaker bij moeder te verblijven, draait het hier in feite meestal slechts om één ding: wraak. Niets, werkelijk helemaal niets heeft dit te maken met het belang van de kinderen.
Bij een scheiding met normale, liefhebbende ouders is het altijd in het belang van de kinderen om met beide ouders een goede band op te bouwen door beiden regelmatig te zien. Een sobere omgangsregeling met welke ouder dan ook is naar mijn mening in niemands belang, aangezien het alleen maar het risico op een verhoogde spanning vergroot.

Eerlijke omgangsregeling in belang van de kinderen

Drank maakt meer kapot dan je lief is, maar voor scheidingen geldt door de wraakzuchtige emoties helaas vaak precies hetzelfde. Ik ken teveel verhalen van exen die er alles aan doen om elkaar kapot te maken onder het mom dat ze handelen vanuit het belang van de kinderen. Grote bullshit natuurlijk en dat weten ze zelf ook wel.
De enige manier om dit soort praktijken te voorkomen is te streven naar het tot stand brengen van een eerlijke en rechtvaardige omgangsregeling die écht in het belang van de kinderen (en dus ook de ouders) is.

Geen goed woord

Voor wie nu denkt dat ik met deze column een lans breek voor de Jeroen Denisen en Matthias Schepps in deze wereld maakt een grote vergissing. Voor gefrustreerde, wanhopige, eenzame en suïcidale gescheiden vaders kan ik alle begrip opbrengen; voor vaders die hun kinderen met zich meeslepen in hun val als ultieme wraak richting hun ex heb ik geen goed woord over. Dieper dan dat kan een (gescheiden) mens niet zinken.

Lieve Robin en Julian, rust in vrede.



Tonko

Wil je reageren op deze column? Ik hoor graag jouw mening!
Klik onderaan dit blog op "(Geen) opmerkingen" en plaats je reactie.


 

zaterdag 11 mei 2013

83. Alsof je Jezus door het water ziet zakken...

Actualiteit - Liegen en bedriegen/Hypocrisie - Dictators




Dictators vallen nooit

Afgelopen week kwam Gurbanguly Berdymukhamedov in het nieuws. Wie kent ‘m niet? De dictator van een van die vele landen die topografie op school tegenwoordig zo lastig maken sinds het uiteenvallen van de Sovjet-Unie: Turkmenistan. De beste man was tijdens een paardenrace van zijn paard of, beter gezegd, voetstuk gevallen.
Wie zich nu afvraagt of dit nieuws is, maakt een gigantische denkfout. Dictators vallen namelijk nooit. Tenzij het natuurlijk zo bedoeld is, omdat ze bijvoorbeeld een parachutesprong maken waar Felix Baumgartner het van in zijn broek zou doen. Iets wat voor een beetje dictator een fluitje van een cent zou zijn.
De reden waarom dictators niet zomaar vallen is simpel: vallen duidt op een fout en een vorm van imperfectie en aangezien dictators perfect zijn en nooit fouten maken, kunnen ze ook nooit vallen.
 

Iets zien gebeuren wat niet kan

Dat onze Turkmenistaanse vriend desalniettemin iets overkwam dat verdacht veel leek op het vallen van een paard is dan ook een raadsel.
Geluk bij een ongeluk was dat het incident plaatsvond vlak na de finish, die de dictator met zijn paard overigens net als winnaar was gepasseerd. Wat natuurlijk een overbodige opmerking is, want wie heeft ooit een perfect mens niet als winnaar een sportwedstrijd zien verlaten?
Toch moet het voor alle aanwezige onderdanen een vreemde gewaarwording zijn geweest om iets te zien gebeuren wat niet kan.
Het incident vroeg om een snelle actie en zo geschiedde: het stadion werd meteen hermetisch afgesloten en alle bezoekers moesten hun mobieltjes en andere opnameapparatuur afstaan aan het beveiligingspersoneel. Pas nadat alle opnames van het incident-dat-eigenlijk-niet-had-plaatsgevonden gewist waren, konden de bezoekers weer naar huis.
Helaas voor de autoriteiten was daarmee de kous niet af, want er bleek één slimmerd door de mazen van het net te zijn gekropen. Met dank aan die persoon en de falende beveiliging is het filmpje van de vallende dictator inmiddels wereldwijd op internet te bewonderen. Het is te gênant voor woorden: het is alsof je Jezus door het water ziet zakken... 
 

Broodje aap-verhaal

Het doet me denken aan een bekend broodje aap-verhaal over een man die pech krijgt met zijn Rolls Royce. Omdat de plaatselijke monteur geen Rolls Royce-onderdelen heeft, belt de man de Rolls Royce-fabriek. Kort daarna landt er een helikopter waar een zwijgende man uit stapt die de benodigde onderdelen overhandigt en snel weer verdwijnt.
Een paar weken later belt de man de Rolls Royce-fabriek op met de vraag waar de rekening blijft voor de geboden hulp toen hij met zijn Rolls pech had. “Er moet sprake zijn van een misverstand”, krijgt hij te horen. “Rolls Royces hebben nooit pech!” 
 

Wereldrecord vader aller Koreanen

Wat voor geweldige mensen én atleten dictators zijn, liet Kim Jong-il al in 1994 op de golfbaan zien. De inmiddels overleden vader van de huidige Noord-Koreaanse dictator Kim Jong-un nam voor het eerst van zijn leven een golfclub ter hand en vestigde meteen een wereldrecord. Slechts 34 slagen had het dictatortje nodig voor de achttien holes, waarbij hij en passant elf holes-in-one sloeg.
Het is dat “de vader aller Koreanen” geen ambitie had om profgolfer te worden anders zou hij Tiger Woods zeker hebben gedegradeerd tot een simpele beginneling. Gelukkig voor Woods bleef het bij een eenmalig optreden van het genie en wie twijfelt aan dit verhaal moet ik teleurstellen, want maar liefst zeventien veiligheidsmensen waren getuige van deze weergaloze prestatie! 
 

Werkelijkheid en fantasie niet van elkaar kunnen onderscheiden

Het meest fascinerende hieraan vind ik de vraag wat er bij dergelijke gebeurtenissen door het hoofd van zo’n dictator gaat.
Volgens mij kunnen dat twee dingen zijn (of een combinatie ervan). Of hij is dermate psychotisch dat hij werkelijkheid en fantasie niet van elkaar kan onderscheiden en iedereen om hem heen gelooft die hem (letterlijk) de meest fantastische prestaties toedicht. Of hij beseft drommels goed dat het één groot toneelspel is, maar hij geniet met volle teugen van de kick die het geeft om te zien hoeveel macht hij over al die kruiperige, onderdanige hielenlikkers heeft.
Ik heb medelijden met de jockeys die zenuwachtig achter Gurbanguly Berdymukhamedov aan galoppeerden en die goed moesten uitkijken dat ze de dictator niet per ongeluk inhaalden. Dan is een partijtje golf verliezen van een despoot toch een stuk makkelijker.
Rest mij nog één kritische kanttekening bij de mythische prestatie van Kim Jong-il: wat ging er mis op de overige zeven holes? Waarom sloeg hij geen achttien holes-in-one? Misschien wordt het tijd voor de zoon om ook eens een golfbaan te betreden. Eén advies: verbied opnameapparatuur!
 

Tonko

Wil je reageren op deze column? Ik hoor graag jouw mening!
Klik onderaan dit blog op "(Geen) opmerkingen" en plaats je reactie.

 
(deel van) Vlag van Turkmenistan
 

zaterdag 4 mei 2013

82. Wow, mam, dad: a rifle, thanks Santa!

Actualiteit - Drama/Tragedie - Wapenbeleid VS 

 

Your first rifle

Picture this: Christmas Day, a living room, a cosy warm Fireplace, a happy American family sitting around the Christmas tree. Mom and dad with their son (4) and daughter (1) who are busy opening all the beautiful presents. “WOW, mom, dad: a rifle, thanks Santa!” “Yes my son, Santa Claus thinks at your age you should get your first rifle: Merry Christmas!”

Een halfjaar later: “Vijfjarig jongetje in Kentucky in de Verenigde Staten (VS) schiet tweejarig zusje dood met ‘kindergeweer’”.
 

Peutergevangenissen

“Het ventje had het geweer vorig jaar cadeau gekregen en kon er goed mee overweg.” Ja dat blijkt. Ik vraag me af wat de aanleiding was. Misschien had zijn zusje hem wel gestoord toen hij naar “The Expendables II” of “Saw 5” zat te kijken. Of zat ze te zeuren dat zij nu achter de computer wilde terwijl hij juist heel geconcentreerd “Wargame” aan het spelen was. We weten tenslotte allemaal hoe irritant zusjes kunnen  zijn.
Een geluk bij een ongeluk voor het knulletje is dat de politie dit ook zo zal behandelen: als een ongeluk. De peuter hoeft dus niet bang te zijn voor vervolging. Dat is maar goed ook, want anders krijg je heuse “peutergevangenissen” in de VS wat misschien een leuke zondagavond-documentaire voor SBS6 oplevert maar voor de rest vrij triest is natuurlijk.
Nog geen maand geleden overleed nog een zesjarig jongetje uit New Jersey nadat een vierjarig vriendje hem met een geweer in zijn hoofd had geschoten. De jongetjes bevonden zich op ongeveer vijftien meter van elkaar, wat het beeld lijkt te bevestigen dat de ouders de kindertjes op deze leeftijd behalve schieten ook al vrij aardig gericht schieten leren. Heel cru gezegd had het jongetje meer kans op overleven gehad als ik hem had geprobeerd te raken op die afstand (zie ook column 18).
 

Enough is enough

Het bericht van het doodgeschoten zusje kwam slechts een paar uur na het schrijven van mijn vorige kritische column over de VS in het nieuws.
Hoe ik mijn best ook doe om Amerikanen niet generaliserend als dom te bestempelen, wordt het mij niet bepaald gemakkelijk gemaakt door dit land. Wie een ander woord heeft voor de ouders én de gehele Amerikaanse politiek op (onder andere) dit gebied mag het zeggen, maar ik weet er even geen.
Hoeveel peuters moeten er nog door elkaar worden afgeknald voordat de VS zegt van “Enough is enough!”? Hoeveel schietdrama’s moeten er nog plaatsvinden voordat de Amerikanen gaan bedenken dat als ze zo doorgaan er straks geen God meer overblijft die America nog bereid is te “blessen”?
Over dom gesproken kan ik al raden naar een voor de hand liggend voorstel voor de oplossing van dit probleem vanuit hét bolwerk van de Amerikaanse wapenlobby, de zeer conservatieve en machtige National Rifle Organisation (RFA): “Als dat zusje nou ook gewapend was geweest, had ze zichzelf kunnen verdedigen en was het een stuk beter afgelopen.”
Zoals Asterix zou zeggen als hij de Romeinen met Amerikanen had kunnen vergelijken: “Rare jongens die Amerikanen”. Al zou ik een ander woord dan "raar" gebruiken...

Schiet mij maar lek. Figuurlijk gesproken dan.
 


Tonko

Wil je reageren op deze column? Ik hoor graag jouw mening!
Klik onderaan dit blog op "(Geen) opmerkingen" en plaats je reactie. 


Amerikaans bedrijf Crickett dat wapens voor kinderen verkoopt: My First Rifle. Het roze exemplaar zal wel de meisjesuitvoering zijn, vermoed ik. (foto: internet)