maandag 20 april 2015

188 Wie het kwaad ontkent, ontketent het

Actualiteit - Oorlog - Genocide 

 





Inleiding

Op 24 april zou in de Vrije Universiteit Amsterdam (VU) een debat plaatsvinden over de Armeense genocide.
Op die dag wordt herdacht dat de genocide precies honderd jaar geleden in gang werd gezet met de moord op honderden Armeense intellectuelen. Tenminste de VU scheen in de veronderstelling te zijn dat er een debat zou plaatsvinden en dat daarvoor door de Turkse studentenvereniging SV Anatolia twee mensen zouden worden uitgenodigd: de Amerikaanse professor Justin McCarthy en de Leidse hoogleraar Erik-Jan Zürcher. De eerste is van mening dat er helemaal geen genocide heeft plaatsgevonden; de laatste heeft een andere mening.
Nu blijkt echter dat SV Anatolia helemaal nooit het plan heeft gehad om over dit gevoelige onderwerp een debat te gaan organiseren. De vereniging was alleen maar geïnteresseerd in de visie van de heer McCarthy en had om die reden (alleen) hem uitgenodigd voor het geven van een lezing. Waarmee het standpunt van de Turkse studentenvereniging in deze (Armeense) kwestie ook meteen duidelijk is.
Heel jammer, want juist van studenten mag je toch een open, zelfkritische, nieuwsgierige houding verwachten waarmee je - bijvoorbeeld door middel van het voeren van een debat -
 je hoeveelheid kennis én de kans op het achterhalen van "de waarheid" vergroot.
Ook de paus kwam afgelopen week in het nieuws met een uitspraak over de Armeense genocide. Net als de Turkse president Erdogan die liet weten dat Armenië moet stoppen met die beschuldigingen over de "zogenaamde" genocide.
 

Respect voor paus

Hele kritische columns heb ik geschreven over de paus en de katholieke kerk en daar ga ik nog wel even mee door. En zeker zo lang als we met een instituut te maken hebben waarmee vergeleken de FIFA een jonge frisse, vooruitstrevende organisatie lijkt. Toch blijf ik ook het uitgangspunt hanteren dat wie kritiek geeft, ook van zich moet laten horen als er iets positiefs te melden valt.
Al eerder in een column (zie 157) liet ik weten respect te hebben voor paus Fransiscus omdat hij aangaf dat de kerk niet bang moet zijn voor veranderingen en hij deze woorden meteen kracht bijzette door hervormingen voor te stellen op het gebied van acceptatie van homoseksualiteit. Nou zal ik Fransiscus niet meteen de redder willen noemen waar de katholieke kerk al zo lang op zit te wachten. Maar afgezet tegen zijn voorgangers is deze paus in elk geval een stuk vooruitstrevender en toont hij ook meer lef.
Zo had de paus afgelopen week de moed om tijdens een mis ter nagedachtenis aan de massamoord op de Armeniërs in het Ottomaanse Rijk (het huidige Turkije) van tijdens de Eerste Wereldoorlog dit drama te omschrijven als de eerste genocide van de twintigste eeuw. “Het verbergen of ontkennen van kwaad is alsof je een wond laat bloeden zonder haar te genezen.”
Prachtige woorden van de paus, al moet ik daarbij natuurlijk wel meteen denken aan al die misbruikte kinderen die door de katholieke kerk jarenlang met de mantel der liefde zijn bedekt (om het maar wat ongelukkig te formuleren). Laat ik het zo zeggen: de katholieke kerk heeft zelf ook altijd wel iets met doofpotten gehad. Over ontkennen van het kwaad gesproken…

Namibische genocide

Turkije reageerde furieus op de uitlatingen van de paus en riep prompt zijn ambassadeur bij het Vaticaan terug voor spoedoverleg. Nou zou het de Turken sieren als ze zo boos waren omdat we allemaal (?) weten dat niet zij maar de Duitsers (überaschend) de twijfelachtige eer hebben om de eerste genocide van de twintigste eeuw op hun conto te mogen schrijven.
Deze zogenaamde Namibische genocide vond plaats in de periode 1904-1908 in de Duitse kolonie Duits-Zuidwest, het huidige Namibië.
Nadat de plaatselijke bevolking bestaande uit de Herero’s en de Nama’s of Hottentotten in opstand waren gekomen tegen de Duitse overheersers sloegen deze hard en meedogenloos terug. Mede door een “Vernichtungsbefehl” van generaal Von Trotha vond het merendeel van de Herero- en Numabevolking de dood, zo’n 80.000 mensen. Door geweld of door ondervoeding en slechte hygiëne in speciaal voor deze gelegenheid gecreëerde concentratiekampen (!). Die de Duitsers overigens hadden afgekeken van de Britten die dergelijke kampen tijdens de Tweede Boerenoorlog (1899-1902) in Zuid-Afrika hadden opgericht.
 

Politionele acties

Zoals zo vaak draait het ook bij de reactie van Turkije weer om een van de meest voorkomende irritante eigenschappen bij de mens: een schrijnend gebrek aan zelfkritiek en een pijnlijk onvermogen om gemaakte fouten te kunnen toegeven. Al dekt het woord “fouten” natuurlijk bij lange na de lading niet als je weet dat we hier praten over de moord op naar schatting rond de miljoen (!) Armeense mannen, vrouwen en kinderen.
De Turken spreken liever over “de Armeense kwestie”. Net als dat de Nederlandse regering de tijdens de Indonesische Onafhankelijksoorlog (1945-1949) begane oorlogsmisdaden tot op de dag van vandaag liever omschrijft als “politionele acties”. Nee, ook wij Hollanders blinken bepaald niet uit in een open, zelfkritische kijk op onze geschiedenis. Denk daarbij bijvoorbeeld ook maar eens aan Srebrenica. 

Vervelende cognitieve dissonantiegevoelens

Doden die vallen tijdens oorlogen en conflicten en daaruit voortvloeiende hongersnoden en andere ontberingen, daar kunnen wij mensen prima mee leven (excusez le mot). Want daar zijn twee partijen bij betrokken en waar twee vechten, hebben twee schuld, nietwaar?
Maar ervoor uitkomen dat “wij” of onze (verre) voorouders los van onze vijanden échte (oorlogs) misdaden hebben begaan door moedwillig mannen, vrouwen en kinderen te martelen, verkrachten en/of vermoorden, is toch hele andere koek. Dat ligt een stuk gevoeliger en bezorgt ons van die vervelende cognitieve dissonantie- en schaamtegevoelens waarvoor we inmiddels echter gelukkig een perfecte manier hebben gevonden om er weer even snel vanaf te komen: bagatelliseer en ontken onmiddellijk alle geleverde feiten.
Persoonlijk volg ik deze tactiek om het geweten te zuiveren totaal niet, aangezien ik niet begrijp waarom ik me verantwoordelijk zou moeten voelen voor misdaden die (verre) voorouders ooit zouden hebben begaan. Ik geloof onmiddellijk dat als ik met behulp van mijn stamboom terugga in de tijd dat ik - net als ieder mens - vroeg of laat een ver familielid ga tegenkomen die verschrikkelijke dingen heeft gedaan. 
 

Angst voor compensatieclaims

Behalve uit gevoelens van schaamte is er natuurlijk een wellicht nog belangrijkere, politieke en juridische reden om misdaden en genocides koste wat het kost te blijven ontkennen: de angst voor compensatieclaims.
Officieel erkennen dat er een genocide heeft plaatsgevonden, is wachten op compensatieclaims van nabestaanden en dat kan zeker bij rond de miljoen slachtoffers al snel oplopen tot bedragen waar geen enkele overheid op zit te wachten.
 

De Armeense kwestie-variant: shit happens

Dit alles verklaart waarom Turkije voor de Armeense kwestie-variant heeft gekozen voor haar eigen interpretatie van de gebeurtenissen: de verhalen over een zogenaamde genocide kloppen niet en zijn sterk overdreven, aangezien het hier gewoon ging om een uit de hand gelopen burgeroorlog waar aan beide kanten veel slachtoffers zijn gevallen. 
Als de Turken zou worden gevraagd naar hun versie van de gebeurtenissen dan zou deze wel eens als volgt kunnen luiden: tijdens het uitvoeren van een nationalistische politiek ondervonden de toenmalige machthebbers tegenstand van een groep lastige Armeniërs (waaronder diverse Armeense intellectuelen) waardoor zij zich tot ingrijpen genoodzaakt voelden. Helaas leidde dit ingrijpen tot meer Armeense tegenstand, kwam van het een het ander en voordat men besefte wat er gebeurde was men in een situatie verzeild geraakt die men juist wilde voorkomen: vol met geruzie, (burger) oorlog en ander negatief gedoe waardoor er opeens aan beide kanten vele slachtoffers vielen te betreuren.
Ja, zo gaat dat. Shit happens zullen we maar zeggen.
 

Feiten

Zoals altijd beperk ik me liever tot de historische feiten: in 1913 greep een extremistisch Jong-Turks triumviraat (driemanschap) de macht. De machthebbers waren vooral na het verlies van de Balkanoorlogen (1912-1913) en de zeer gecompliceerde situatie daarna door het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog zeer nationalistisch geworden waardoor ze een panturkische₁ samenleving nastreefden waarin zij geen plaats meer zagen voor niet-Turkse volkeren.₂ 
Na de moord op 24 april 1915 op vele honderden Armeense intellectuelen zonder enige vorm van proces gingen de politieke machthebbers over op het massaal deporteren van de Armeense bevolking richting gecreëerde concentratiekampen aan de huidige Iraakse en Syrische grenzen. De massale deportatie ging gepaard met uithongering, uitputting, zware mishandelingen, verkrachtingen, verbrandingen, verdrinkingen, onthoofdingen, ophangingen en executies waardoor slechts weinigen van de Armeniërs overleefden.₃ Gebeurtenissen waarvan behalve van overlevenden ook van bijvoorbeeld diverse Duitse militairen en diplomaten (toenmalige bondgenoten van het Ottomaanse Rijk) getuigenverklaringen zijn.₄
 

Genocide of geen genocide, that's the question

Genocide of geen genocide, that’s the question. Als we kijken naar de in het verdrag inzake voorkoming en bestraffing van genocide gehanteerde definitie zoals die in 1948 door de Verenigde Naties is aangenomen, valt of staat het antwoord op deze vraag met de wijze waarop de passage “gepleegd met een bedoeling” wordt geïnterpreteerd. Volstaat voor de conclusie dat de misdaden gepleegd zijn met een bedoeling de vaststelling dat die bedoeling wel blijkt uit wat er historisch is gebeurd of moet die bedoeling ergens zwart op wit zijn vastgelegd? Van welke interpretatie Turkije uitgaat, mag duidelijk zijn. Omdat er tot op heden geen officiële documenten zijn aangetroffen waarop staat dat de Ottomaanse machthebbers het plan hadden om alle Armeniërs uit te roeien, zal Turkije nooit akkoord gaan met het woord “genocide”.
 

In en in triest

Persoonlijk vind ik de vraag of wat er gebeurd is nou wel of niet een genocide mag worden genoemd eerlijk gezegd totaal irrelevant. Al begrijp ik maar al te goed dat juristen daar anders over zullen denken.
Kijkend naar de feiten kan niemand er omheen dat er destijds door de Ottomanen honderdduizenden Armeniërs - én niet te vergeten Assyriërs, Arameeërs en orthodoxe Grieken - moedwillig en doelbewust op een vreselijke manier zijn omgebracht omdat men - om welke reden dan ook - blijkbaar iets tegen hen had (netjes gezegd).
Dat de wereld vervolgens een eeuwlang gaat discussiëren over de vraag of dit nou wel of niet een genocide mag worden genoemd, vind ik in en in triest en vooral respectloos naar alle slachtoffers en nabestaanden. Het heeft natuurlijk ook iets absurds: op een moment dat je als groep bezig bent om een andere bevolkingsgroep uit te roeien (= genocide) zonder dat je het van tevoren zwart op wit hebt aangekondigd, heet het opeens geen uitroeien/genocide meer. Mmm, apart.


De kernvraag

Waar het wat mij betreft in deze discussie helemaal niet om gaat, is de vraag of de Turken/Ottomanen verantwoordelijk zijn voor de dood en moord van/op rond de miljoen Armeense mannen, vrouwen en kinderen omdat de overheid officieel opdracht heeft gegeven tot het uitroeien van deze bevolkingsgroep.
De kernvraag is korter en simpeler: zijn ze hiervoor verantwoordelijk, ja of nee? Een (retorische) vraag die ook voor de Turken niet zo moeilijk te beantwoorden zal zijn: ja!
Wat vervolgens rest is de vraag hoe je met de verantwoordelijkheid moet omgaan voor iets wat (verre) voorouders ooit hebben misdaan. Accepteren, namens je (verre) voorouders excuses aanbieden en de dialoog open aangaan met nabestaanden over hoe we met z’n allen om moeten gaan met deze tragedie lijkt mij het meest voor hand liggend. 
 

"Yes we may make mistakes, but we never regret"

Ik zeg het niet vaak, maar de paus had helemaal gelijk. Als je het kwaad ontkent of verbergt, laat je een wond bloeden zonder het de kans te geven om te genezen. Zelf zou ik het nog iets stelliger willen formuleren: wie het kwaad ontkent, ontketent het juist.
Het bagatelliseren en ontkennen van de volkerenmoord op de Armeense bevolking of dit menselijk drama weten te reduceren tot het belachelijke niveau van een discussie over de betekenis van het woord “genocide” is totaal respectloos naar alle omgekomen Armeense mannen, vrouwen en kinderen, de overlevenden en hun nabestaanden. Je kunt moord omschrijven als een onfortuinlijk moment van verstandsverbijstering of verlies van zelfbeheersing of hoe dan ook; het blijft gewoon moord.
Misschien vat een van de drie toenmalige machthebbers, Talaat Pasja, de Turkse houding sinds 1915 over de Armeense genocide wel het best samen. Toen de Amerikaanse ambassadeur in Istanboel Henry Morgenthau bij hem protest aantekende tegen de deportatie van de Armeense bevolking en hem ervan probeerde te overtuigen dat hij daarmee een grote fout beging, antwoordde Pasja: "Yes, we may make mistakes, but we never regret."
     
 
 
 



Tonko

 

Wil je reageren op deze column? Ik hoor graag jouw mening!
Klik onderaan dit blog op "(Geen) opmerkingen" en plaats je reactie.

 
₁ Pan-Turkisme is het streven naar de eenheid van de Turkse volkeren
₂ Naast de Armeense slachtoffers vielen er ook nog honderdduizenden doden te betreuren onder Assyriërs, Arameeërs en orthodoxe Grieken.
₃ Voor haar dood in 1983 overhandigde Hayriye Talat Brafali, de weduwe van Talat Pasja (een van de toenmalige drie machthebbers), officiële documenten uit de tijd van het toenmalig Ottomaanse Rijk aan de Turkse journalist Murat Bardakçi. In de documenten zijn onder andere bevolkingsstatistieken te vinden waaruit blijkt dat er net voor 1915 1.256.000 Armeniërs in het Ottomaanse Rijk leefden en twee jaar later in 1917 nog maar 284.157. Een verschil van bijna een miljoen.
₄ Zie bijvoorbeeld: http://www.shlama.be/shlama/content/view/228/200/
₅ In dit verdrag wordt onder een genocide verstaan: “Een van de volgende handelingen, gepleegd met de bedoeling om een nationale, etnische, godsdienstige groep, dan wel een groep, behorende tot een bepaald ras, geheel of gedeeltelijk als zodanig te vernietigen:
(a) het doden van leden van de groep;
(b) het toebrengen van ernstig lichamelijk of geestelijk letsel aan leden van de groep;
(c) het opzettelijk aan de groep opleggen van levensvoorwaarden die gericht zijn op haar gehele of gedeeltelijke lichamelijke vernietiging;
(d) het nemen van maatregelen, bedoeld om geboorten binnen de groep te voorkomen;
(e) het gewelddadig overbrengen van kinderen van de groep naar een andere groep.
₆ Over het Duitse plan om de joden in de Tweede Wereldoorlog uit te roeien bestaan bijvoorbeeld wel officiële documenten, zoals bijvoorbeeld over de Wannseeconferentie in 1942 waar de nazi's overleg voerden over het vinden van een definitieve oplossing voor het "jodenprobleem".
₇ Zie de boeiende VARA-documentaire "Bloedbroeders" waarin de Turks-Nederlandse journalist Sinan Can en de Armeens-Nederlandse musicalacteur Ara
Halici gezamenlijk op zoek gaan naar de waarheid omtrent de Armeense genocide.


  

dinsdag 14 april 2015

187. Over het paard getilde geldwolven

Actualiteit - Zelfverrijking - Nature/Nurture

 




Yefgeni Kafelnikov

Ooit maakte de Russische tennisser Yefgeni Kafelnikov de "briljante" opmerking dat hij vond dat tennisprofs te weinig geld verdienden. "Want golfers verdienen veel meer dan wij", zo  redeneerde hij.
Het beeld dat sommige Russen na de val van het IJzeren Gordijn domme over het paard getilde geldwolven zijn geworden, werd bevestigd door Marat Safin die zijn collega en landgenoot gelijk gaf. Gelukkig werd Kafelnikov flink de oren gewassen door toenmalige wereldtoppers Andre Agassi en Pete Sampras die hem duidelijk maakten dat hij beter zijn mond kon houden.
 

Fabrieksarbeider in Bangladesh

Kijken we naar het Nederland van nu dan kun je concluderen dat onze topbankiers de Yefgeni Kafelnikovs van het bankwezen zijn die met afgunst en dollartekens in de ogen verlekkerd zitten te kijken naar de golfers: hun collega’s bij de grote internationale banken die hard lachen om de “lage” salarissen en bonussen bij de Nederlandse banken.
Ach, het is maar voor welk referentiekader je kiest. Een topbankier zou voor de grap zichzelf eens moeten vergelijken met een arme fabrieksarbeider in Bangladesh die ongeveer dertien uur per dag, zes dagen en tachtig uur in de week en meer dan driehonderd dagen per jaar kleding maakt voor het rijke westen.  Waar hij dan omgerekend ongeveer acht cent per uur, één dollar per dag, 24 euro per maand en driehonderd euro per jaar voor krijgt.
Als je je daarmee vergelijkt, moet je je wel ontzettend dom voelen om te gaan klagen dat andere topbankiers meer miljoenen verdienen dan jij. Dan lijkt een bonusje van pakweg honderdduizend euro bij een verlieslijdend bedrijf opeens helemaal niet zo gek.
Al zal zo’n topbankier daar waarschijnlijk tegenin brengen dat hij het geld letterlijk en figuurlijk hard heeft verdiend. Ten eerste vanwege zijn kwaliteiten en ten tweede omdat hij er keihard voor heeft gewerkt. Alsof alle anderen uit zijn omgeving, laat staan uit de rest van de wereld, deze kwaliteiten niet (kunnen) hebben en/of allemaal minder hard werken dan hij.
 

Geluk verwarren met vakmanschap

Geluk verwarren met vakmanschap is en blijft een veelgemaakte ingeburgerde fout. Wie denkt dat succes geheel voortkomt uit talent, doorzettingsvermogen en hard werken vergist zich en vergeet voor het gemak de allerbelangrijkste factor: geluk.
Geluk in de nature (hersens/IQ, gezondheid etc.) en nurture (opvoeding, leefomgeving etc.) omstandigheden gecombineerd met het geluk onderweg in het leven (bijvoorbeeld op het goede moment op de goede plaats zijn) zijn in de eerste plaats bepalend voor de kans op succes.

Wie als topbankier oprecht denkt dat hij hetzelfde succes zou hebben bereikt als hij zoon van de fabrieksarbeider in Bangladesh zou zijn geweest, werpe het eerst een steen (of mag het zeggen). Misschien een leuk idee voor een nieuw televisieprogramma: carrièreruil. Laat een topbankier en een fabrieksarbeider een weekje van baan ruilen en film hun ervaringen.
 

Het vrouwtje Piggelmee-syndroom

Geen mens lijkt het in zijn hoofd te halen om zijn eigen inkomen en vermogen te vergelijken met mensen om hem heen die het minder hebben dan hij. Laat staan met mensen die ver-van-mijn-bed wonen en die praktisch niets hebben. Wat hen echter niet minder mens maakt.
Nee, we blijven er allemaal de voorkeur aan geven om daar te kijken waar het gras groener is, want dát willen we bereiken en pas dan kunnen we gelukkig zijn. Ik noemde dat ooit het vrouwtje Piggelmee-syndroom (zie column 6): je bent nooit tevreden, je wilt altijd meer. Reden waarom de grootste strebers zich gemiddeld altijd minder gelukkig voelen dan de meeste anderen: er is altijd wel iemand te vinden die een (nog) groter huis, duurdere auto en mooiere partner heeft dan jij.
Grappig feit is ook dat mensen gelukkiger blijken te zijn als ze zeg €60.000 euro per jaar verdienen en iedereen in hun directe omgeving €40.000 dan als ze €80.000 zouden verdienen en de rest een ton.
 

Mmm, apart

Ironisch is dat ik me behalve aan het vreselijk egocentrische graaigedrag ook enorm stoor aan alle ophef erover.
Graaigedrag bestaat al zo lang als de mens en geld/banken bestaan, maar alleen in crisistijd vinden we blijkbaar dat er iets aan moet worden gedaan. Dus zo lang als wij het slecht hebben, vinden we dat niemand verder het recht heeft om te graaien. Maar als wij het (ook) goed hebben, lijken onze bezwaren plotsklaps verdwenen te zijn (zie ook column 51). Mmm, apart. Of komt dat wellicht doordat er in velen van ons Yefgeni Kafelnikovjes schuilen die als ze eenmaal de kans krijgen zullen grijpen wat ze grijpen kunnen?

Wie van u zonder gevoelens van hebzucht is, werpe het eerste muntje weg... en zal het meest gelukkig zijn!
 




Tonko

 

Wil je reageren op deze column? Ik hoor graag jouw mening!
Klik onderaan dit blog op "(Geen) opmerkingen" en plaats je reactie.



vrijdag 3 april 2015

186 De ver-van-mijn-bed-show-wet

Actualiteit - Drama/Tragedie - TV/Film/Docu






Hoe verder weg het nieuws, hoe irrelevanter

“Op donderdag 2 april 2015 heeft een man vier studenten doodgeschoten op de Universiteit van Amsterdam.” Als een dergelijk drama gisteren daadwerkelijk zou zijn gebeurd, zouden al onze actualiteitsprogramma’s meteen vol met gasten en “deskundigen” hebben gezeten die op het allerlaatste moment waren opgetrommeld. Dagen-, wekenlang zou dit drama ons nieuws hebben gedomineerd.
Maar voor (minstens) 147 afgeslachte studenten in het verre Kenia gelden andere wetten. Bijvoorbeeld de ver-van-mijn-bed-show-wet: hoe verder weg het nieuws, hoe oninteressanter en irrelevanter voor ons en hoe minder aandacht er aan wordt besteed.
 

Oppervlakkig

In DWDD heb ik Matthijs van Nieuwkerk niets over het drama in Kenia horen zeggen. In RTL Late Night werd alleen heel kort het laatste nieuws vermeld. Al mag je van dit infotainmentprogramma natuurlijk ook niet meer verwachten. Het programma benadrukte haar oppervlakkige imago nog maar weer eens door wel veel aandacht te besteden aan iets waar heel Nederland op schijnt te zitten wachten: de start van een nieuwe realitysoap rondom het seks, drugs en rock&roll leven van de (uiteraard) ondergetatoeëerde vader en zoon Tony&Tony. Wie kent ze niet? Een retorische vraag uiteraard...
Ook in Pauw werd het nieuws alleen even kort besproken met Peter VanderMeersch, hoofdredacteur van de NRC. De voorkeur van dit programma ging verder uit naar belangrijkere items als “Boete voor omroep Max” en “Straatmuzikanten op auditie?”. Het is maar waar je als actualiteitenprogramma je prioriteit legt.
 

The Passion

Gelukkig werd er wel overal in meer of mindere mate aandacht besteed aan The Passion, het jaarlijks op Witte Donderdag terugkerend Bijbels muziekevenement.
De organisatoren EO, KRO, de Rooms-katholieke en Protestantse kerk en het Nederlands Bijbel genootschap moeten in hun sas zijn met de steeds groter wordende populariteit van dit evangeliespektakel. Waardoor het geloof inmiddels bezig is met een indrukwekkende comeback en de kerken in het hele land weer aan het volstromen zijn als nooit tevoren. Tenminste, ik mag aannemen dat dat gebeurt want dat zal toch de insteek zijn van deze miljoenen kostende productie. Als The Passion niet veel meer zou doen dan het aantrekken van liefhebbers van muziek(sterren), televisiespektakels en BN’ers zou het haar doel natuurlijk volledig voorbij schieten.
Prachtig hoor The Passion, over lief zijn tegen elkaar, vergevingsgezindheid, vrede op aarde, verzoening en harmonie. "Alles nu wat gij wilt, dat u de mensen doen, doet gij hun ook aldus" (Mattheüs 7:12). Vrij vertaald: wat gij niet wilt dat u geschiedt, doe dat ook een ander niet (wat overigens nergens zo in de bijbel staat).
Ik dank God dat ik leef in een land waarin ik op Witte Donderdag lekker ongestoord kan genieten van The Passion en al die prachtige zingende BN’ers in plaats van lastig gevallen te worden door irrelevante nieuwsfeitjes uit ver-van-mijn-bed-landen. Hallelujah, praise the Lord!





Tonko

 

Wil je reageren op deze column? Ik hoor graag jouw mening!
Klik onderaan dit blog op "(Geen) opmerkingen" en plaats je reactie.


donderdag 2 april 2015

185. Kinderen zijn eigenlijk net mensen

Privé - TV/Film/Docu - Scheiden






Siemon de Jong

Zappend op een zondagmorgen zag ik weer een aflevering van het mooie VPRO-kinderprogramma Taarten van Abel waarin kinderen met banketbakker "Abel" (Siemon de Jong)  een taart maken voor een speciaal iemand uit hun omgeving.
Omdat er achter de reden om dit te doen vaak bijzondere verhalen schuil gaan, leidt dit tot boeiende gesprekken tussen Abel en het betreffende kind. In deze aflevering draaide het om een pubermeisje van twaalf dat ruzie had gemaakt met haar beste vriendin.
Het meisje had nogal een kort lontje waardoor ze wel vaker in de problemen kwam. Dan ging ze schelden, slaan of schoppen en had ze even later alweer spijt, maar was het kwaad wel al geschied. Ook nu had ze in haar boosheid dingen geroepen die ze niet meende. Haar vriendin voelde zich er echter zo door gekwetst dat ze het meisje meteen had geblokkeerd met WhatsApp. Een beter signaal dat de vriendschap serieus in gevaar is, kun je als puber niet afgeven.
 
 

Mooie kwaliteit

Ik had meteen een zwak voor het meisje. Moeite hebben met het beheersen van je woede maakt je nog geen slecht mens (lees ook column 177). En zeker niet als je daarbij de mooie kwaliteit bezit om je eigen fouten te durven erkennen. Haar bereidheid om zich kwetsbaar op te stellen, werd gelukkig beloond. Het vriendinnetje reageerde heel schattig en onder het genot van een stuk taart kon de vriendschap weer worden voortgezet.
Steeds als ik dit programma zie, denk ik van: dat zou ik ook kunnen. En willen. Het lijkt me prachtig. Die persoonlijke gesprekken met die kinderen voeren, bedoel ik dan. Klein detail is dat je met taarten maken weinig aan mij hebt. Als zo’n meisje met mij een taart maakt, loopt ze het risico om alles alleen maar erger te maken. Dan krijgt ze die taart waarschijnlijk in haar gezicht: “Dacht je nou echt met zo’n afgrijselijke mislukte taart onze vriendschap te kunnen redden?”

 

Puur en authentiek

Ik vind het altijd leuk om gesprekken aan te gaan met vrienden/-innen van mijn kinderen. Al ligt ook bij mij het ene kind me natuurlijk beter dan het andere. Diepgaande gesprekken voeren met volwassenen doe ik ook graag, maar met een kind heeft het iets speciaals en ontroerends.
Boeiend is de vraag hoe het komt dat ik me in gesprekken bij kinderen vaak iets vrijer en meer op mijn gemak voel dan bij volwassenen. Het zal ermee te maken hebben dat wat ik zo mooi vind aan kinderen is dat ze nog zo puur en authentiek zijn. Cynisch geformuleerd zou je ook kunnen zeggen dat kinderen nog niet zo verdorven zijn als volwassenen.
Hoe hard kinderen ook tegen elkaar kunnen zijn, vind ik ze daarin in elk geval directer en eerlijker dan volwassenen. De hardheid van volwassenen zit veel meer onderhuids, is subtieler en hypocrieter en daardoor des te kwetsender. Als een kind gemeen tegen je doet, merk je dat meteen. Als een volwassene dat doet, kan het zomaar voorkomen dat je pas achteraf beseft hoe gemeen je bent behandeld.


Goede combinatie

Toevallig had ik de afgelopen maand een aantal leuke gesprekken met vriendinnen en hockeyteamgenootjes van mijn dochter en met een vriend van mijn oudste zoon. Met de vriendin van mijn jongste zoon heb ik sowieso regelmatig boeiende gesprekken door de goede combinatie: zij is heel open en ik stel graag directe vragen.
Tegenover de vriendinnen en teamgenootjes van mijn dochter stelde ik vragen die menig ouder waarschijnlijk nooit zou stellen. Zo ontstond in de auto richting een hockeywedstrijd een leuk gesprek met een meisje waarvan de ouders lange tijd geleden gescheiden zijn. Omdat ze een Hollandse vader heeft en een Servische moeder vroeg ik haar naar de in haar ogen belangrijkste verschillen tussen Serviërs en Nederlanders. Uiteraard wilde ik ook weten in hoeverre ze vond dat ze op haar moeder en op haar vader leek. Dat het gesprek uiteindelijk ook op het onderwerp scheiden uitkwam, mag geen verrassing heten. Als co-ouder was ik natuurlijk nieuwsgierig naar haar ervaringen met het co-ouderschap van haar ouders. 
 

Scheiden

Omdat helaas veel kinderen gescheiden ouders hebben, komt het onderwerp scheiden sowieso vaker ter sprake met vrienden van mijn kinderen. Toevallig kwam mijn oudste zoon onlangs met een vriend thuis wiens ouders net hadden aangekondigd te zullen gaan scheiden, wat wederom leidde tot een boeiend gesprek over hoe zo’n jongen dit beleeft.
Hij vertelde dat zijn ouders vrijwel niets loslieten over de (aanstaande) scheiding en dat hij dat heel vervelend vond. Waarop mijn zoon zei dat dat ook gold voor zijn moeder. Mijn ex-vrouw heeft naar wat ik van mijn kinderen begrijp altijd weinig losgelaten over onze scheiding, omdat zij vindt dat dat tot het terrein van haar privacy behoort en kinderen in haar ogen niet alles hoeven te weten. Wat uiteraard haar goed recht is.
Zelf ben ik hierin echter heel anders. Ik ben juist een groot voorstander van openheid richting mijn kinderen. Met als valkuil dat ik ongetwijfeld soms te open zal zijn. Maar dat heb ik liever dan dat ik te gesloten ben en ik mijn kinderen het gevoel geef ze op afstand te houden.
Ik vertelde mijn zoon en zijn vriend dat ouders op dit punt nu eenmaal heel verschillend kunnen zijn. Als tip gaf ik de jongen mee dat als hij last zou krijgen van vervelende, emotionele botsingen tussen zijn ouders hij ze moest adviseren om in hun gesprekken altijd gevoel en verstand van elkaar te scheiden en daarbij alleen vanuit het laatste te praten. Veel makkelijker gezegd dan gedaan natuurlijk, maar het is wel de meest verstandige methode om te hanteren.
 

Aandoenlijk

Zoals wel vaker wil de ironie dat vanuit trieste aanleidingen vaak de boeiendste en persoonlijkste gesprekken ontstaan. Tijdens een ander gesprek met een drietal vriendinnetjes van mijn dochter vertelde één meisje ook over de scheiding van haar ouders. Waarop een ander meisje spontaan losliet dat haar ouders de laatste tijd ook veel ruzie maakten en zelfs al naar een relatietherapeut waren geweest. Zeer aandoenlijk en sneu om te horen, maar aan de andere kant ook wel weer mooi om te constateren dat zij zich blijkbaar zo vrij en op haar gemak voelde om dit met ons te delen.
Mijn overtuiging is dat kinderen het meest open naar je zullen zijn als ze merken dat je geen spel speelt, dat je ze serieus neemt (en dus niet als kleuters behandelt) en dat je oprecht in ze geïnteresseerd bent.
 
Ach ja kinderen, het zijn eigenlijk net mensen...





Tonko

 

Wil je reageren op deze column? Ik hoor graag jouw mening!
Klik onderaan dit blog op "(Geen) opmerkingen" en plaats je reactie.

 
 

zondag 29 maart 2015

184. Formule 1 is de onrechtvaardigste sport

Actualiteit - Sport - (On)Rechtvaardigheid

 




Geschiedenisboeken

Door zijn zevende plaats in de Grote Prijs van Maleisië is Max Verstappen de geschiedenisboeken ingegaan als jongste Formule 1-coureur ooit die WK-punten wist te behalen.
Ik houd van veel sporten, maar daar valt de gemotoriseerde sport niet onder. Kijken naar auto’s die alsmaar rondjes rijden, vind ik saai. Al besef ik maar al te goed dat dat enorm subjectief is. Een ander zal het weer saai vinden om te kijken naar mijn sport: twee mensen die met een racket een bal naar elkaar toe slaan.
 

Saai en onbenullig

Als je er zo over na- en doordenkt (wat niet verstandig is), zijn veel sporten trouwens vrij saai en onbenullig. Toen ik een afgrijselijk slecht Nederlands elftal zaterdagavond tegen Turkije wanhopig lange ballen naar voren zag trappen, begon ik mij ook serieus af te vragen waarom ik in godsnaam naar dit dodelijk saaie spelletje aan het kijken was.
Ach, laten we eerlijk zijn: elke sport waar we naar kijken, bestaat voor het overgrote deel uit bewegingen die keer op keer herhaald worden en die qua uitvoering weinig afwijken van wat we al vele malen eerder hebben gezien. Kijken naar sport is vaak niets anders dan keer op keer dezelfde patronen aanschouwen en daarbij wachten totdat er iets spannends en afwijkends gebeurt. Maar goed, geldt dit niet in feite voor de meeste dingen in het leven, of ben ik nou toch iets te cynisch...?


Topsport per definitie onrechtvaardig

Toch is er behalve de enorme saaiheid nog een andere reden waarom ik gemotoriseerde sporten nooit interessant zal vinden en dat draait om een van mijn favoriete thema’s in mijn columns: (on)rechtvaardigheid.
Waar ik als voorstander van rechtvaardigheid altijd een fel tegenstander ben geweest van doping in de topsport, had mijn ex-vrouw altijd een andere mening. Zij constateerde heel nuchter dat topsport per definitie al onrechtvaardig is. Wat natuurlijk klopt als een bus: de combinatie van genen (nature) en omgevingsfactoren (nurture) bepaalt of jij een topsporter kunt worden. Als jij dat niet mee hebt, kun je het schudden. Want wat heb je eraan als je de genen hebt om de beste tennisser of autocoureur van de wereld te worden als je leeft in een of ander godverlaten plaatsje in Afrika?
Omdat topsport toch al onrechtvaardig is en je doping sowieso nooit kunt tegenhouden, vond mijn ex-vrouw dat doping uit het illegale circuit moest worden gehaald. Ook al begrijp ik dit standpunt, begrijp ik ook het mijne: juist omdat het leven onrechtvaardig is, vind ik dat je moet proberen om daar waar je kan het een stukje rechtvaardiger te maken. Door bijvoorbeeld te streven naar het houden van eerlijke, dopingvrije sportwedstrijden. 
 

Kansloos voor succes

Formule 1 is de onrechtvaardigste sport ter wereld. Deze stelling durf ik gerust te verdedigen. Niet als het gaat om het gebruik van doping overigens, al zal ook dat waarschijnlijk ook in de Formule 1-wereld wel eens voorkomen.
Wat de Formule 1-wereld onrechtvaardig maakt, zijn een aantal zaken. Ten eerste kun je in de Formule 1 alleen maar de top behalen als je bij de beste Formule 1-teams zit. Deze teams hebben het meeste geld en dus de beste sponsoren, het beste personeel en last but not least de beste auto's met het beste materiaal. Lukt het niet om in een van de paar beste teams te komen, dan ben je kansloos voor succes. Goed materiaal (boven talent!) bepaalt tenslotte het verschil tussen winst en verlies. Als Michael Schumacher zijn wedstrijden had gereden in een Formule 1-wagen van een onbekend merk, dan had niemand de beste man gekend. Zo simpel is het.
 

Tour de France 1989: acht seconden

De gedachte dat het in Formule 1-wedstrijden kan voorkomen dat de beste coureur van het veld helemaal achterin rijdt, omdat hij simpelweg in de slechtste auto zit, vind ik bizar. Stel je eens voor dat bijvoorbeeld Roger Federer en Sven Kramer de beste waren geweest enkel omdat zij ten opzichte van hun concurrenten het beste materiaal hadden gehad. Dat zou toch te gek voor woorden zijn geweest!
Natuurlijk zijn er wel meer voorbeelden uit de sportgeschiedenis waarbij materiaal het verschil tussen winst en verlies bepaalde.
Het mooiste voorbeeld hiervan vind ik de Tour de France van 1989. Met vijftig seconden achterstand op de nummer één Laurent Fignon begon Lemond de afsluitende tijdrit over 24 kilometer. Iets wat normaal gesproken voor Lemond een vrij kansloze missie zou zijn geweest, aangezien Fignon een uitstekende tijdrijder was en 24 kilometer voor een tijdrit niet al te lang is.
Maar Greg Lemond had een geheim wapen: als enige in het peloton reed hij de tijdrit met een aerodynamisch triatlonstuur, wat als voordeel heeft dat je minder luchtweerstand hebt tijdens het fietsen. Het stuur leverde Lemond veel tijdwinst op waardoor hij zijn achterstand van vijftig seconden toch nog wist om te buigen in een voorsprong van acht seconden. Feit is dat als Fignon dit triatlonstuur óók had gebruikt, hij en niet Lemond deze Tour had gewonnen. 
 

Inkopen bij topteam

De tweede reden waarom de Formule 1-wereld onrechtvaardig is, heeft te maken met de wijze waarop een coureur tot een Formule 1-topteam kan toetreden. Wie de stap richting wereldtop van de Formule 1 wil maken, zal veel geld moeten meenemen om zich bij een topteam te kunnen inkopen. Echt waar! Veel beroemde Formule 1-coureurs waren zonder rijke ouders, suikeroompjes of gulle, rijke sponsors helemaal nergens geweest. Wie de boeiende film “Rush” (2014) over de rivaliteit tussen de Formule 1-coureurs James Hunt en Niki Lauda heeft gezien, weet bijvoorbeeld dat de carrière van Lauda pas echt begon toen hij zich eenmaal bij een topteam wist in te kopen.
De dag dat ik interesse krijg in de Formule 1, zal de dag zijn waarop de Formule 1-coureurs wat afkomst en materiaal betreft volledig gelijke kansen hebben om te winnen. Wat inhoudt dat ze dan allemaal in precies hetzelfde soort auto rijden en we oprecht kunnen roepen “May the best man win!”
Ik zeg het niet graag, maar mijn ex-vrouw had gelijk en de elitaire Formule 1-wereld bewijst het: (ook) topsport is niet rechtvaardig. Geef mij maar een wedstrijd met Flinstones-achtige trapauto’s: eerlijk en allesbehalve saai!
 




Tonko

 

Wil je reageren op deze column? Ik hoor graag jouw mening!
Klik onderaan dit blog op "(Geen) opmerkingen" en plaats je reactie.

 

 

donderdag 26 maart 2015

183. En de Neus leek juist zo'n leuke vent!

Actualiteit en privé - Criminaliteit

 





Knuffelcrimineel

Ach nee, topcrimineel Willem Holleeder blijkt een foute man te zijn. Uit opnames van telefoongesprekken horen we onder andere hoe hij zijn zus Sonja met de dood bedreigt. De neus blijkt dus toch niet te deugen. Wat een verrassing. Dat had ik nou echt nooit verwacht van onze favoriete "knuffelcrimineel". Een term die met dank aan (nu dus voormalig) vriend Willem wellicht nog de Dikke Van Dale gaat halen.
 

Twan Huys' College Tour

Wat een ophef. Opeens keren mensen nu Holleeder de rug toe die hem eerst omarmden. Zoals oud-eindredacteur van de Revu (vroeger: Nieuwe Revue) Erik Noomen die Willempie in 2012 als columnist had aangenomen. Niet dat Noomen dit voor zichzelf had gedaan of voor futiliteiten als sensatie, geld of succes. Nee, hij had dit echt puur en alleen maar gedaan vanuit een menselijk oogpunt: “Omdat iedereen een tweede kans verdient.” Wat een geweldig sympathiek, nobel en empathisch gebaar toch van die Erik Noomen. Chapeau!
Misschien komt Twan Huys nu binnenkort ook wel met de mededeling dat als hij had geweten dat Willem zo’n stoute jongen was geweest die zijn zussen en neefjes te pas en te onpas met de dood liep te bedreigen, hij hem natuurlijk nooit zou hebben uitgenodigd voor College Tour.
Natuurlijk was ook Twan destijds helemaal niet met zijn ego, succes of kijkcijfers bezig geweest, maar waren zijn gedachten enkel bij de studenten die hij nuttige adviezen gunde van een ex-crimineel. Wat is er nou mooier dan een criminele spijtoptant die van zijn fouten heeft geleerd voor een zaal vol studenten te zetten waar die hen kan waarschuwen voor de verleidingen van het criminele circuit?      
Wat jammer toch dat in zo’n prachtig land als het onze waarin wij met alle liefde de grootste criminelen het voordeel van de twijfel gunnen zo’n boefje als Willem Holleeder zich geroepen voelt om ons vertrouwen te beschamen. En de Neus leek juist zo’n leuke vent!
 

Doodsbedreiging

Het zal wel weer aan mij liggen, maar toch begrijp ik al die ophef niet over die geluidsfragmenten waarop te horen is hoe Willem zijn zussen bedreigt. Ik ben geen jurist, maar als we iedereen in dit land zouden kunnen opsluiten op basis van vergelijkbare grove taal en bedreigingen zoals Holleeder heeft uitgekraamd dan vrees ik dat we heel veel gevangenissen tekort zullen komen.
Ooit nam ik mijn kinderen op een zondag mee naar een buurtfeestje bij een speeltuin waar ik voor mijn werk bij een woningcorporatie even mijn gezicht moest laten zien.
Dat meenemen van mijn kinderen had ik beter niet kunnen doen. Een Tokkie-achtige man met een IQ waar mijn katten om moeten lachen, had een paar glazen teveel op en besloot de gelegenheid aan te grijpen om nog een appeltje met mij te gaan schillen. Iets wat voortkwam uit frustratie over het feit dat ik hem eerder een aantal keren had aangesproken op de geluidsoverlast die hij richting omwonenden veroorzaakte.
Wat voor onzin hij allemaal uitkraamde weet ik niet meer, maar het kwam er technisch op neer dat hij me met de dood bedreigde. Hij riep iets in de richting van dat als hij me ooit nog een keer op straat zou tegenkomen hij me zou afmaken of zo. Veel impact had zijn bedreiging niet omdat ik wist wie het zei, maar op mijn kinderen maakte zijn uitbarsting wel de nodige indruk.
Een dag later op kantoor werd mij geadviseerd om er aangifte van te doen, maar dat heb ik echt geen seconde overwogen. Zoals normale mensen iets van “En nu houd je op!” tegen iemand zeggen waarop ze boos zijn, zo roepen dit soort mensen “Ik maak je af!” Het is slechts een verschil in niveau. Dat deze man in zijn leven al vele mensen op dezelfde wijze heeft bedreigd als ik (en nog zal gaan bedreigen), lijkt mij geen gewaagde veronderstelling.
 

Manier van communiceren

Natuurlijk wil ik hiermee niet zeggen dat als die man Willem Holleeder was geweest, ik ook geen aangifte had gedaan. Met de reputatie van een Holleeder zou dat nogal naïef zijn. Maar zelfs bij Holleeder durf ik te stellen dat hij vele malen vaker iemand met de dood zal hebben bedreigd dan dat hij dat daadwerkelijk heeft waargemaakt of - beter gezegd - heeft laten uitvoeren. Het is gewoon een kwestie van welke manier van communiceren je hanteert.
Nee, met mijn wijze van communiceren zit een carrière als topcrimineel er helaas niet in. Al zou ik wel een goede knuffelcrimineel kunnen zijn. Zo lang als daarbij zou worden geaccepteerd dat mijn criminele carrière zich heeft beperkt tot het stelen van wat snoepzakjes in de supermarkt tijdens mij puberteit. 
Dat zou nog eens een onvergetelijke College Tour opleveren!


 

Tonko


 


Wil je reageren op deze column? Ik hoor graag jouw mening!
Klik onderaan dit blog op "(Geen) opmerkingen" en plaats je reactie.

De Neus
 

dinsdag 24 maart 2015

182. Wie helpt Sepp Blatter uit de droom?

Actualiteit - Sport - Liegen en bedriegen/Hypocrisie

 



John Lennon

John lennon van de Beatles verklaarde in 1966: “We are more populair than Jesus now.” Hij vroeg zich af wat er eerder ging verdwijnen: het christendom of rock-‘n-roll.
Lennon was een slimme man met een apart soort humor die prima in staat bleek om de relativiteit van al die absurde Beatlemania in te zien. Zijn uitspraak zorgde met name in de conservatieve Verenigde Staten voor een enorme ophef, waarbij oproepen werden gedaan tot het boycotten van de Beatles en het verbranden van hun platen. 
Een iets minder slimme man, Sepp Blatter van de FIFA, deed afgelopen week een klunzige poging om de legendarische uitspraak van John Lennon te overtreffen: De FIFA heeft door de positieve emoties die het voetbal losmaakt meer invloed dan welk land op aarde of welke godsdienst dan ook. We bewegen de massa. We willen dit gebruiken om meer vrede, gerechtigheid en gezondheid in de wereld te creëren.”
 

Extreme narcist of psychopaat

Het trieste voor Blatter is dat deze uitspraak in tegenstelling tot die van Lennon weinig ophef zal veroorzaken. Waar Lennon zowel geniaal als populair was en hij mede daardoor zeer serieus werd genomen, geldt dat allesbehalve voor Blatter.
Het lijkt mij vreselijk om te leven in een werkelijkheid die voor jou heel anders is dan die van iedereen om je heen. Bijvoorbeeld als je een extreme narcist of psychopaat bent. In het eigen geïsoleerde wereldje van Blatter staat de FIFA voor een organisatie die vrede, gerechtigheid en gezondheid brengt in de wereld. Adolf Hitler had over de NSDAP precies hetzelfde kunnen zeggen.

Machtsmisbruik, corruptie en fraude

Misschien leven we wel in een multiversum waarin ergens in een van de ontelbare parralelle universa inderdaad een wereld te vinden is waarin de FIFA wordt beschouwd als de brenger van vrede, gerechtigheid en gezondheid. Maar als dat universum bestaat, zal het er wel een zijn waarin hun voorzitter niet Sepp Blatter heet.
Vooralsnog kennen we echter nog maar één universum en daarin staat de FIFA helaas voor de heer Blatter voor iets compleet anders. Wie op deze aarde aan de FIFA denkt, denkt vooral aan zaken als machtsmisbruik, corruptie, fraude, vriendjespolitiek en zelfverrijking. En laten dat grappig genoeg nou net die factoren zijn die we kunnen beschouwen als een van de grootste vijanden van vrede, gerechtigheid en gezondheid.
 

God

Wie helpt Sepp Blatter in godsnaam een keer uit de droom en verlost hem uit zijn lijden? Misschien God Himself? Als goede vriend van Blatter ligt dat tenslotte voor de hand. Tenminste naar ik mag aannemen, heeft God - net als Nelson Mandela bij leven - de grote eer om door Sepp Blatter te worden gerekend tot zijn beste vrienden. “Ik haal mijn energie uit mijn geloof. Ik geloof in God en ik geloof in mezelf”, aldus Blatter. Ik vermoed dat laatste overigens iets meer dan het eerste.
Als Lennon nu had geleefd, had hij beter kunnen roepen “We are more populair than Sepp Blatter”. Dan had niemand hem tegengesproken en was er geen Beatles-album verbrand. En Lennon had zich in dat geval ook niet hoeven af te vragen wat er eerder zou verdwijnen: het christendom of de FIFA. Met types als Sepp Blatter aan het roer graaft de FIFA zijn eigen graf. Leert de geschiedenis ons al niet dat het met de meeste dictators slecht afloopt? Adolf Hitler kan er (niet meer) over meepraten.
 



Tonko

 

Wil je reageren op deze column? Ik hoor graag jouw mening!
Klik onderaan dit blog op "(Geen) opmerkingen" en plaats je reactie.

 
 

vrijdag 20 maart 2015

181. Nothing lasts forever, inclusief K3

Privé - Familie/Gezin - Muziek

 


 

Regenboogjurkje

K3 stopt ermee. Een klap voor veel jonge meisjes in Nederland en België. Maar niet meer voor mijn dochter van twaalf. Alhoewel ze later K3 wellicht nog zal beschouwen als jeugdsentiment, vindt ze K3 nu stom en zo hoort dat ook.
Maar vroeger was mijn dochter een echte K3-fan. Als sentimentele vader heb ik nog ergens in een la haar K3-regenboogjurkje bewaard wat ik voor haar had gekocht tijdens een Studio 100 Zomerfestival. Waar we veel K3 hadden verwacht, maar ze uiteindelijk aan het eind slechts een paar minuten optraden.
 

Pure oplichting

Vanwege dit teleurstellende optreden besloot ik later dat jaar kaartjes te regelen voor een echt K3-concert. Een actie waarmee ik wederom iets van mijn naïviteit en geloof in de goedheid van de mens zou verliezen.
Op internet bood een bureau kaartjes aan voor vijftig euro per stuk. Omdat ik qua prijzen nergens meer van opkijk in deze tijd, besloot ik ze te kopen. Toen later de kaarten in mijn bus lagen, stonden ze op een andere naam dan de mijne. In mijn naïviteit dacht ik dat er een fout was gemaakt en belde ik het informatienummer dat op de kaartjes stond.
Daar werd ik al snel wakker geschud. Het bureau waar ik de kaartjes gekocht had, was niet een officieel verkoopadres. Het was een van de tientallen louche bedrijven die kaarten opkopen en voor veel winst weer doorverkopen. Pure oplichting. De mevrouw die ik aan de lijn had, vertelde me dat de officiële kaartjes twintig euro kostten en nooit meer en dat wat mij was overkomen jaarlijks heel veel mensen overkomt.
Voortaan moest ik bij het kopen van kaarten er goed op letten om dat alleen bij de officiële verkoopadressen te doen. Ook waarschuwde ze me ervoor dat het wel eens voorkwam dat iemand met zulke kaarten als ik niet eens binnen kwam, omdat het slechts kopieën waren van de officiële kaarten. In dat geval zouden we dus voor niets komen omdat “onze” stoelen dan al bezet zouden zijn door de kopers van de officiële kaarten.
Het incident droeg bij aan het ontstaan van mijn overtuiging dat er onder cynici veel gedesillusioneerde mensen zitten die van oorsprong juist goedgelovig waren, maar die door de ervaring erachter zijn gekomen dat de mens toch niet zo goed en eerlijk in elkaar steekt als ze altijd dachten.  


Handtekening

Omdat mijn dochter er natuurlijk niet onder mocht lijden dat ze zo’n domme vader had die zich zo eenvoudig had laten oplichten, ging ik met haar erheen alsof er niets was gebeurd. Gelukkig kwamen we gewoon binnen en als pleister op de wonde bleek dat we hele goede plekken vooraan hadden waardoor ik mooie foto’s kon nemen. Niet voor niets schijnt een deel van het succes van K3 te danken te zijn aan de populariteit van de drie vrouwen onder de vaders…
Mijn dochter genoot en - cliché - daardoor genoot ik ook. Na afloop probeerde ik in alle drukte nog voor mijn dochter bij de drie dames een handtekening te ritselen, wat echter alleen lukte bij Kristel. 
 

Ik ben verliefd op Leonardo

Grappig is dat ik merk dat het met muziek zo werkt, dat als je iets maar vaak genoeg hoort je het op den duur ook kan gaan waarderen. Het beste voorbeeld hiervan is de periode tijdens mijn diensttijd waarin ik steeds meereed met een jongen die continu muziek had aan staan van de symfonische rockband Marillion, waar hij groot fan van was. In het begin vond ik die muziek echt vreselijk, maar na verloop van tijd begon ik de melodieën echter te herkennen en zelfs te waarderen en het eind van het verhaal is dat ik na mijn diensttijd ook een liefhebber van Marillion was geworden.
Ook bij K3 begon ik op den duur sommige liedjes te waarderen. Ik weet zelfs nog mijn favorieten: “De Drie Biggetjes”, “Een Ongelooflijk Idee” en de enorme meezinger “Leonardo Dicaprio”: “Ik ben verliefd op Leonardo. Leonardo Di Caprio. Pak me vast, ik wil met je dansen. Net als op die grote boot” (verwijzing naar de film Titanic). Met de briljante zin waar ik altijd enorm om moet lachen: “We dansen tot die boot straks wegzinkt in de zee. Dan hebben wij de dansvloer enkel voor ons twee!” Het schattige Belgische accent maakt het nog extra grappig.

Helaas, nothing lasts forever. Inclusief K3. Het doet mij meer pijn dan mijn dochter.
 




Tonko

 

Wil je reageren op deze column? Ik hoor graag jouw mening!
Klik onderaan dit blog op "(Geen) opmerkingen" en plaats je reactie.

Foto: Tonko
 

woensdag 18 maart 2015

180. Soms lijken dingen niet alleen simpel...

Actualiteit - Politiek/Macht - Links/Rechts

 




Lekker jong

Vandaag waande ik me weer eens lekker jong in het stembureau. Dat kwam ten eerste omdat ik er overdag was op een moment dat de gemiddelde leeftijd van de aanwezige stemmers al aanzienlijk hoger ligt dan ’s ochtends of ’s avonds. De andere reden om mij jong te voelen was gelegen in het simpele feit dat het stembureau dit keer voor de verandering in een verzorgingshuis was gevestigd.
 

Bob de Rooij

Verwend als ik ben in dit land, heb ik nog nooit in een rij hoeven wachten om te stemmen. Tot vandaag. Met dank aan het trage tempo van de voor me in de rij staande, zittende (scootmobiel), steunende (rollator) en kreunende senioren. Die dan vervolgens in het stemhokje natuurlijk ook nog eens enorm begonnen te stoeien met de gigantische stembiljetten die niet alleen open moesten worden gevouwen maar na het rood krassen ook weer in de oorspronkelijke staat moesten worden teruggevouwen.
Ik moest even denken aan een filmpje van vroeger met Bob de Rooij (Paul de Leeuw) die een oud vrouwtje voor hem in de rij “helpt” bij de pinautomaat: “U bent zeker bejaard hè. Alle tijd hoor! Wat is uw pincode? Vertrouwt u me soms niet? Ach gossiepossie, uw bankpasje is ingeslikt. Gaat u maar naar huis, ik los het wel op!”
 

Postduiven gebruiken om whatsappjes te versturen

Waarom de stemcomputers zijn afgeschaft, is mij een raadsel. Onderzoek op internet leert mij dat dat komt doordat de computers ooit zijn afgekeurd, aangezien ze elektromagnetische straling afgeven die op tientallen meters afstand zouden kunnen worden opgevangen en geanalyseerd. Waardoor het stemgeheim niet langer zou kunnen worden gegarandeerd.
Aha, nu begrijp ik het helemaal. We moeten niet het risico willen lopen dat we straks met bendes criminelen opgescheept zitten die om de zoveel jaar vlakbij stembureaus gaan
posten met als doel om op illegale wijze te achterhalen wie wat heeft gestemd. Dat heb je de poppen aan het dansen en ontstaat een samenleving waarmee vergeleken het kalifaat een waar paradijs is.
Ik heb niets tegen de goede oude tijd, maar in deze moderne tijd met een rood potloodje een stembiljet invullen vind ik net zoiets als postduiven gebruiken om je whatappjes te versturen. Dat kan toch echt niet meer. Bij een moderne democratie hoort gewoon een moderne stemcomputer, punt. Of gaan we straks ons spaargeld ook weer in een oude sok onder ons kussen leggen? 
 

Respectloos

Maar potlood of niet, ik heb weer gestemd. Zoals altijd. Omdat ik vind dat dat je plicht is in een democratie. Niet stemmen beschouw ik als respectloos richting al die mensen op deze wereld die geen stemrecht hebben en die er een moord voor zouden doen om te leven in een democratie zoals de onze.
 

Een kind kan de was doen

Zoals altijd heb ik ook weer links gestemd. Voor velen een taboe, maar ik doe gelukkig niet aan taboes. 
Grappig is dat kinderen vaak de neiging hebben om dingen heel simpel voor te stellen daar waar het allemaal veel gecompliceerder in elkaar steekt. Zo dacht ik als kind altijd heel simpel dat rechtse mensen meer aan zichzelf dachten en aan geld en materie en minder aan de sociaal zwakkeren en het milieu en de dieren en de natuur. Maar nu ik volwassen ben en braaf voor elke verkiezing de stemwijzer invul kom ik erachter dat… het inderdaad zo simpel is!
Steevast komen bij mij na het invullen van de stemwijzer alle rechtse partijen keurig onderaan te staan en alle linkse partijen bovenaan. Toeval? Nee natuurlijk niet, want het is zo logisch als wat.
Als je de vragen zo invult dat je steeds kiest voor opties die de sociaal minder bedeelden (bijvoorbeeld ouderen, werklozen, asielzoekers), de sociale woningsector, natuur, milieu en dieren, de kunst en cultuursector ten goede komen, kom je bij de linkse(re) partijen uit. En als je meer kiest voor de opties waarin voorrang wordt gegeven aan winst voor de economie en het bedrijfsleven, het bouwen van nieuwe woningen en recreatiegebieden in bestaande natuurgebieden, het aanleggen van nieuwe snelwegen en het verhogen van de maximale snelheden en de bouw van kerncentrales kom je weer bij de rechtse(re) partijen uit. Een kind kan de was doen! Soms lijken dingen niet alleen simpel, maar zijn ze het ook.
Zonde dat de stemcomputer is verdwenen, want anders had de lezer met hulp van georganiseerde bendes cybercriminelen kunnen achterhalen op welke kleine linkse partij ik heb gestemd. Maar dat het er een is die het goed voor heeft met de sociaal zwakkeren, natuur, milieu en vooral dieren staat vast. 
 




Tonko

 

Wil je reageren op deze column? Ik hoor graag jouw mening!
Klik onderaan dit blog op "(Geen) opmerkingen" en plaats je reactie.




woensdag 11 maart 2015

179. Ik ben gefascineerd door het kwaad

Actualiteit - Religie en geloof - Goed/Kwaad 

 





Waar zin een kopje kleiner gemaakt wordt
IS waanzin

(Tonko)

  

Achtergrond column:


  • I.S. verspreidt nieuwe video waarin een I.S. jongetje een Palestijn executeert.
  • Boko Haram zweert trouw aan I.S.
  • IKON (2DOC) zendt de veelbesproken documentaire "India's Dochter" uit over de Indiase studente Yyoti Singh die eind 2012 overleed na in een bus barbaars te zijn verkracht en mishandeld door een groep mannen.




Seriemoordenaar

Ik ben gefascineerd door het kwaad.

Een uitspraak die je op verschillende manieren zou kunnen interpreteren.
Nee, ik ben niet stiekem een seriemoordenaar die in zijn kelder naast allerlei krantenknipsels over moord en doodslag ook nog een aantal half levende en dode slachtoffers in een diepe put heeft verstopt. Om te beginnen mis ik daarvoor een kelder. Al hoor ik Josef Fritzl nu al zeggen: “Wo ein Wille ist, ist auch ein Weg.” Maar ook al was ik wel een seriemoordenaar, dan nog ga ik dat hier natuurlijk niet aan de grote klok hangen.
 

Objectief goed en kwaad?

Meer genuanceerd gezegd, ben ik eigenlijk vooral gefascineerd door de eeuwenoude filosofische vraag of er een objectief goed en kwaad bestaat. Waarbij ik eerlijk toegeef dat ik binnen deze discussie de enorme slechtheid die in de mens zit en die vooral in extreme omstandigheden als bijvoorbeeld oorlogen naar boven komt, het meest boeiend vind.
Reden waarom ik als ik een acteur zou zijn liever de rol van slechterik zou willen spelen dan die van held. Al is dat in het echte leven gelukkig een heel ander verhaal.
 

Te danken aan mijn vader

De fascinatie voor het kwaad heb ik mede te danken aan mijn vader die zelf gefascineerd was door de in zijn ogen personificatie van het kwaad: Adolf Hitler. Discussies met mijn vader aangaan over mijn standpunt dat Stalin ook bepaald geen lieverdje was - getuige zijn hogere plaats op de “wereldranglijst” voor grootste massamoordenaars aller tijden - had weinig zin. Stalin was en bleef voor hem de man die in elk geval Hitler had verslagen.  
 

Nee, er bestaat geen objectief goed en kwaad

Op de vraag of er een objectief goed en kwaad bestaat, weet ik inmiddels gelukkig het juiste antwoord. Nee, er bestaat natuurlijk geen objectief goed en kwaad. Daar twijfel ik echt geen seconde meer aan. 
Wat als slecht of goed wordt beschouwd in het ene land, hoeft nog niet als slecht of goed te worden gezien in het andere land. Tezamen met de opvoeding door je ouders bepaalt de cultuur waarin je opgroeit voor een groot deel je kijk op goed en kwaad.
Nou zou ik de eerste op deze wereld zijn die wil geloven dat ieder mens diep in zijn hart haarfijn weet wat goed is en wat slecht en dat we het daarover met z’n allen eens zijn. Maar in tegenstelling tot vroeger kan de ouder en wijzer geworden ik dat helaas niet meer. Hooguit geloof ik dat dit geldt voor een select groepje zeer intelligente mensen dat in staat is om elke situatie op basis van de ratio (zelf) kritisch en op een afstand zo objectief mogelijk te bekijken en te beoordelen: wat is eerlijk, wat is rechtvaardig, wat is goed en wat is slecht?
Het overgrote deel van de mensheid is echter niet in staat om op een onafhankelijke wijze (zelf) kritisch na te denken en neemt liever alles klakkeloos aan wat ze van hun omgeving hebben meegekregen.


De verantwoordelijkheid van een verkrachting ligt bij de vrouw

Aldus kan ik concluderen dat jouw definitie van goed en kwaad afhankelijk is van waar je opgroeit.
Zo bestaan er in deze wereld landen waarbij het door velen als heel normaal wordt gezien om als man je recht op te eisen om vrouwen te mogen verkrachten die zo stom zijn om te denken dat ze zomaar in de namiddag en avond in het wild mogen rondlopen. Terwijl je toch behoort te weten dat als je dat als vrouw doet je erom vraagt om verkracht te worden. Of zelfs vermoord als je daarbij ook nog eens zo stom bent om te gaan tegenstribbelen in plaats van rustig je lot te ondergaan.
De verantwoordelijkheid voor een verkrachting ligt bij de vrouw en niet bij de man. Dat is in dit soort culturen een wijdverbreide mening. Het is allemaal maar van welke (culturele, pedagogische) kant je het bekijkt en hoe je goed en kwaad definieert. Ook het verkrachten van een bedelaarster van vijf jaar oud wordt daar door velen niet gezien als iets ergs, aangezien het leven van zo’n meisje toch geen waarde heeft.
 

Schone maagden met volle borsten

In andere culturen wordt het weer als doodnormaal beschouwd als je alle andersdenkenden onthooft, verbrandt, de kelen doorsnijdt, doodschiet, van gebouwen afgooit of stenigt. Of je ontvoert hun dochters om ze als (seks)slavinnen te gebruiken.  
Ze zeggen dat hun God dat allemaal zo wil. Hij schijnt er ook aantrekkelijke beloningen voor te hebben uitgeloofd om dat voor elkaar te krijgen: schone maagden met mooie ogen en volle borsten. En ik maar steeds denken dat je als God toch Almachtig bent en je dus voor dit soort triviale klusjes geen hulp nodig zou moeten hebben om ze te bewerkstelligen. Noem me simpel, maar ik zou als Opperwezen gewoon één keer met mijn vingers knippen om voor elkaar te krijgen wat Ik wil. En voor de honderdste keer: Ik zou het kwaad ook niet hebben geschapen om al die ellende te besparen. Maar Go(e)d, wie ben ik? Of wordt zelfs God ouder, gebrekkiger en hulpbehoevender en kan Hij het niet langer meer op eigen kracht bolwerken?

Most Evil Organisation of the 21st Century

Het mag duidelijk zijn dat ik met mijn fascinatie voor het kwaad elke week wel een column zou kunnen schrijven over de Islamitische Staat (IS) of Boko Haram. Twee terreurorganisaties die al een tijdje met elkaar strijden om de begerenswaardige titel “Most Evil Organisation of the 21st Century”.
Een strijd waarin - sorry Boko Haram broeders - de IS overigens dik op punten voor ligt. Wat vooral de verdienste is van hun goed draaiende propagandamachine. Wil Boko Haram zich internationaal beter op de kaart van het ultieme kwaad neerzetten dan zullen ze toch meer hun wandaden moeten gaan filmen en verspreiden. Een tip die ze zomaar gratis van mij krijgen. Al heb ik een nóg betere tip: bekeer je tot het goede.
Overigens heeft Boko Haram inmiddels gekozen voor een ander alternatief: ze hebben zich trouw verklaard aan de IS met als doel zich bij hen te kunnen aansluiten. Dat zou nog eens een waar duivelspact zijn. Al zullen zij het ongetwijfeld zelf liever willen omschrijven als een Allahs-pact. Het ontbreken van een objectief goed en kwaad is één ding, maar die twee termen compleet door elkaar halen is een kunst die (gelukkig) behalve de IS en Boko Haram maar weinigen is gegeven.    
 

Daarvoor is Allah te groot

De Koran van IS en Boko Haram lezend, kun je stellen dat de moslims hun God/Allah (nog) meer op een voetstuk plaatsen dan de christenen. Daar waar in de bijbel nog wordt gesproken van een mens die naar het beeld van God is geschapen (Genesis 1:27), wordt die vergelijking in de Koran bewust nergens gemaakt. Daarvoor is Allah te groot. Niemand kan op Allah lijken en daarom zal elke vergelijking met Hem bij voorbaat al zinloos zijn.
Toch is het geen gekke veronderstelling dat als God/Allah bestaat, wij in meer of mindere mate gelijkenis met Hem zullen vertonen. Tijdens het scheppen had Hij tenslotte alleen Zichzelf als voorbeeld. Wat dan ook meteen in één moeite zou verklaren waarom er kwaad in de wereld is: eenvoudigweg omdat ook in God kwaad zit. Of boor ik hier een taboe aan? 


Slecht nieuws

Mocht mijn simpele theorie kloppen dat God en de mens wel eens gelijkenis met elkaar zouden kunnen hebben, dan is dat wat mij betreft zeer slecht nieuws. Dat zou betekenen dat ik dus maar moet afwachten of God is zoals ik zou willen dat Hij is: goed en liefdevol en eerlijk en rechtvaardig.
 

Allah met het wel erg superkorte lontje

Dan moet ik me net als bij ieder mens ook bij “Hem” gaan afvragen of Hij écht deugt of niet. Of Hij oprecht is als Hij aardig doet of dat dat slechts onderdeel is van een tactiek waarachter opportunisme, hypocrisie en politieke spelletjes schuilgaan.
Dan zou voor God dus dezelfde willekeur gelden als voor alle mensen. Iets waarvoor ik mijn kinderen al tijden waarschuw via mijn levensles nummer twee: overal zijn goede en slechte mensen, richt je daarbij zoveel mogelijk op de goede en vermijd de slechte.
Stel nou eens voor dat die ene God meer tot de slechte dan tot de goede categorie blijkt te behoren. Dat het bijvoorbeeld zo’n vreselijke sadistische en wraakzuchtige God is als uit het Oude Testament of - nóg erger - de Allah met het wel erg superkorte lontje uit de Koran (interpretatie) van de IS en Boko Haram.
 

Van mij mag God bestaan; op één voorwaarde...

Van mij mag God bestaan, maar op één voorwaarde: dat objectief goed en kwaad ook bestaan en dat God dus goed is op de manier zoals wij allemaal diep in ons hart "goed" definiëren.
 





Tonko

 

Wil je reageren op deze column? Ik hoor graag jouw mening!
Klik onderaan dit blog op "(Geen) opmerkingen" en plaats je reactie.

 
 

dinsdag 10 maart 2015

178. De kunst van het eromheen lullen

Actualiteit - Politiek/Macht - Liegen en bedriegen/Hypocrisie
 





Communiceren soms zinloos en overbodig

Ik heb een hekel aan arrogantie en daarom spijt het mij oprecht te bekennen dat ik soms van die momenten heb dat ik iets zie en denk van ben ik nou zo slim of is iedereen zo dom? Of doet iedereen zo dom, maar ziet iedereen gewoon hetzelfde als ik? En als dat inderdaad zo is dan rest nog de interessante vraag waarom iedereen zich dan in godsnaam zo voor de domme aan het houden is, want ik volg het even niet.
Soms vind ik communiceren enorm zinloos en overbodig. En dan met name op van die momenten waarop er heel veel tijd wordt gestoken in het doorpraten over zaken waarbij het - in elk geval voor mij - al meteen duidelijk is hoe de vork in de steel zit.
Een goed voorbeeld om te illustreren wat ik bedoel, is het opstappen van de twee vermaarde VVD- politici, minister Ivo Opstelten en staatssecretaris Fred Teeven van Veiligheid en Justitie in verband met het “niet juist informeren” van de Tweede Kamer over een in 2001 gesloten deal tussen Justitie en topcrimineel Cees H.


De essentie van het verhaal

Normaal zou ik de lezer nu eerst achtergrondinformatie en vooral feiten geven over wat er precies gebeurd is, maar in dit geval vind ik dat veel te onbenullig omdat het alleen maar afleidt van de essentie van het verhaal. Je kunt er namelijk lang of kort over praten maar die essentie is zo simpel als wat: Fred Teeven heeft gelogen en Ivo Opstelten heeft gelogen en helaas voor hen is dat nu uitgekomen en moeten ze opstappen.
Binnen de politiek geldt nu eenmaal de ongeschreven wet dat als je over belangrijke zaken hardop liegt tegenover de Tweede Kamer en men komt daar achter dat je dan de politieke consequenties zult moeten aanvaarden. Anders gezegd: je moet opstappen. Om deze reden zagen de heren Opstelten en Teeven geen andere keus dan hun ontslag in te dienen.
Wat mij betreft zou het voor Opstelten en Teeven het meest voor de hand hebben gelegen dat ze beiden hun ontslag hadden toegelicht met de mededeling dat het hun speet dat ze hadden gelogen, desnoods met de toevoeging dat ze het niet zo bedoeld hadden en dat er een goede reden voor was bla, bla, bla.


Geen spoor van zelfkritiek

Natuurlijk gebeurde dit niet. Opstelten is niet voor niets een politicus pur sang en dus kwam er zo’n typische nietszeggende politieke verklaring waarin veel werd gepraat maar niets werd gezegd. De kunst van het eromheen lullen. Een kunst gebaseerd op hypocrisie waarmee je het in de politiek heel ver kunt schoppen en tevens - of moet ik zeggen Teevens - de reden waarom ik nooit politicus kan worden.
Dat er in zijn verklaring geen spoor van zelfkritiek te bespeuren viel, mag geen verassing genoemd worden, want Opstelten zelf trof natuurlijk geen enkele blaam.
De verklaring van Teeven was nóg mooier: hij had eigenlijk alleen maar zijn ontslag ingediend, omdat de minister dat had gedaan en hij besefte dat dan hetzelfde van hem werd verwacht. Aan zijn houding was duidelijk te zien dat hij het er totaal niet mee eens was, want hij had toch niets fout gedaan?
Geweldig, wat een schijnheilige wanvertoning. Maar het allerergste van alles vind ik nog wel om te zien wat er daarna allemaal gebeurde.
In alle talkshows begon iedereen druk met elkaar te praten en analyseren over wat er nou precies was gebeurd en hoe dit toch zover had kunnen komen. Alsof we met allemaal domme, IQ-loze idioten te maken hebben die niet begrijpen dat Opstelten en Teeven gewoon hebben gelogen.
Je kunt nog zo lang als je wilt woorden als liegen, bedriegen of jokken blijven ontwijken en daarvoor in de plaats mooie andere termen gebruiken als “niet juist informeren” of “meer ontsluiten van informatie” et cetera, maar dat verandert helemaal niets aan het feit dat de heren gewoon hebben gelogen, punt. 


Zoeken naar alternatieve verklaringen

Dus waarom zo lang het beestje niet bij de naam willen noemen en hierover door blijven praten als de zaak zo klaar is als een klontje? Komt dat omdat al die mensen het dan toch echt gewoon niet zien of heeft het er wellicht mee te maken dat sowieso veel mensen geneigd zijn om te liegen, maar ze dit liever niet zo willen noemen. Waardoor ze ook in het geval van Opstelten en Teeven best bereid zijn om mee te helpen zoeken naar alternatieve verklaringen.
Net als vrijwel elk soort gedrag van de mens, is ook het gedrag van Opstelten en Teeven simpel te verklaren. Hoe meer mensen geneigd zijn om te liegen, hoe minder zelfkritiek ze zullen hebben en des te minder ze weer geneigd zullen zijn om toe te geven dat ze hebben gelogen op een moment dat het uitkomt. Mensen met veel zelfkritiek zullen veel minder geneigd zijn om te liegen aangezien die zich kwetsbaar durven op te stellen waardoor ze er niet zoveel moeite mee zullen hebben om toe te geven als ze een keer iets fout hebben gedaan. 


Zelfberschermingmechanisme

Liegen komt vrijwel altijd (leugens om eigen bestwil uitgezonderd) voort vanuit het ego: je hebt iets gedaan waarvan je weet dat veel anderen dat zullen afkeuren of waarvoor je je zelf wellicht schaamt en daarom ben je maar niet eerlijk naar je omgeving om er zelf beter uit te komen. Het is niets meer en niets minder dan een zelfbeschermingmechanisme. Maar overigens wel een  onlogisch zelfbeschermingmechanisme, aangezien je met het erkennen van leugens naar je omgeving toe er op de lange duur alleen maar beter uit zult komen. Kijk bijvoorbeeld maar naar voormalig president van de Verenigde Staten Bill Clinton die populairder werd toen hij eenmaal erkende dat hij zich had laten pijpen door een stagiaire. Nee, gelukkig (excusez le mot) lul ik nergens omheen en noem ik de beestjes graag bij hun naam.
 

Kleine kleuters

Ach, politici zijn soms net kleine kleuters. Waarschijnlijk waren Ivootje en Fredje vroeger al van die deugnieten die met de koekkruimels  nog in hun mondhoeken tegenover hun moeder verklaarden dat ze echt niet aan de koektrommel hadden gezeten. “Mama, je bent echt niet juist geïnformeerd!”





Tonko

 

Wil je reageren op deze column? Ik hoor graag jouw mening!
Klik onderaan dit blog op "(Geen) opmerkingen" en plaats je reactie.