woensdag 29 juni 2016

243. Openheid leidt tot minder kwetsbaarheid (1/2)

Privé - Sport - Familie/Gezin - Jeugdsentiment - Open/Gesloten  

 





 

Sentimenteel persoon

Mijn dochter is gestopt met acrogym. Onlangs had ze haar laatste twee wedstrijden en sloot ze deze leuke sport af met een tweede plaats bij de demowedstrijd voor turn-/acrogymclubs. Opnieuw was de demo mooi en origineel, maar hij haalde het niet bij de superoefening van vorig jaar toen het team de wedstrijd won (zie column 193).
Dat mijn dochter stopt, doet mij meer dan haar. Met dit soort dingen ben en blijf ik nu eenmaal een behoorlijk sentimenteel persoon (zie ook column 143). Ik bewaar goede herinneringen aan het halen, brengen en kijken naar de wedstrijden en ik zal de bezoekjes met mijn dochter na de trainingen aan de ijssalon op de hoek erg gaan missen.
Nieuwsgierig als ik altijd ben, vraag ik me af wat er achter dit soort sentiment zit dat altijd naar boven komt op een moment dat een fijne fase wordt afgesloten. Het antwoord daarop is echter natuurlijk niet zo ingewikkeld: moeite hebben met het vergaan van de tijd. De een zal meer last hebben van (jeugd) sentimentele en nostalgische gevoelens van iets belangrijks of dierbaars te zijn kwijtgeraakt (
Grieks: nostos = terugkeer en algos = droefheid, pijn, lijden) dan de ander. En helaas ben ik hierin meer “de een”. Niet voor niets wordt vooral in de spirituele wereld het ultieme geluk gezocht in leven in het nu.
 

Moeilijk te doorgronden

Waarom mijn dochter precies met acrogym is gestopt, weet alleen zij. Mijn dochter is nogal moeilijk te doorgronden. Ooit vroeg haar hockeycoach aan mij of ik tips had over hoe hij mijn dochter kon bereiken omdat hij haar niet kon peilen, waarop ik zei dat ik hem een hand kon geven. Ik weet vaak ook niet wat er in haar hoofd omgaat. Wat die geslotenheid betreft, lijkt ze erg op haar moeder bij wie ik datzelfde gevoel ook altijd had.
Zelf ben ik naarmate ik ouder ben geworden steeds meer een open boek geworden. Wat overigens absoluut niet wil zeggen dat ik links en rechts maar aan Jan en alleman mijn levensverhalen vertel. Maar voor mensen die oprechte interesse tonen en die mij beter kennen, geldt dat ze me van alles en nog wat kunnen vragen (in zoverre ik het ze zelf niet al heb verteld) en ik zal overal een eerlijk antwoord op geven. Daar ben ik niet moeilijk in. Ik houd zelf enorm van openheid en directheid en van beestjes bij de naam noemen en ik heb helemaal niets met taboes.
 

Gemengde gevoelens met privacy

Mijn ex-vrouw vond mij te direct en was van mening dat je bepaalde vragen gewoon niet stelt omdat ze brutaal en impertinent zijn en ze de privacy aantasten. Met het woord “privacy” zal ik altijd gemengde gevoelens blijven hebben. Natuurlijk heb ook ik behoefte aan privacy en in sommige opzichten zelfs veel meer dan anderen. Maar dan vooral in de betekenis van alleen willen zijn.
Ik ben graag op zijn tijd (lees: regelmatig) alleen. Zo vind ik het bijvoorbeeld helemaal niets om met mooi zomers weer in mijn kleine tuintje te zitten op een moment dat iedereen om mij heen ook in de tuin zit, omdat je dan alles van elkaar hoort. En niet omdat ik iets te verbergen zou hebben, maar gewoon omdat ik dat niet prettig vind.
Jaren geleden was ik ooit op vakantie in Zweden en zaten we in een huisje met een grote tuin aan de rand van een bos waarin je kon verdwalen - wat we dan ook prompt een keer deden - en waarbij de eerste buren op een paar kilometer afstand zaten. Zoals we daar woonden zou ik het liefst altijd willen wonen, aangezien ik dan ultiem kan genieten van ongerepte natuur én privacy. Waarbij ik “ongerepte natuur” definieer als iets wat wij in Nederland niet of nauwelijks kennen: om je heen kijken en nergens enige vorm van “beschaving” (lees: mensheid) zien. Wat dat betreft woon ik in het verkeerde land en had ik veel liever in bijvoorbeeld de Ardennen of Scandinavië gewoond.
Wanneer je kijkt naar de betekenis van privacy in de zin van het niet willen delen van bepaalde informatie met anderen, heb ik weer veel minder met privacy dan de meesten. Met mensen die op dit punt altijd heel erg op hun privacy gesteld zijn, vraag ik me altijd af wat ze toch in godsnaam te verbergen hebben.
Ervan uitgaande dat ieder mens wel iets te verbergen heeft waarvan hij niet wil dat anderen het weten, heb ik daar gelukkig niet veel last van. Ik leid verder geen dubbelleven met lugubere geheimen of lijken in de kast of kelder (die ik niet heb: noch een kelder noch lijken), al kun je daar natuurlijk tegenin brengen dat je juist mensen die dat beweren niet moet vertrouwen. In elk geval is de kans groot dat als chanteurs zich bij mij melden, ze met de staart tussen de benen moeten afdruipen omdat ik zal zeggen van “prima, maak maar bekend, daar schaam ik me verder niet voor”.
Dat ik zo ben, komt wellicht doordat ik - vooral kijkend naar toen ik jong was - ik van nature een vrij gevoelige, kwetsbare inslag heb en ik deze kwetsbaarheid alleen maar zou vergroten als ik me maar steeds achter mijn privacy zou verschuilen. Ik vermoed dat mensen die zeer gehecht zijn aan hun privacy en die er aldus alles aan doen om die privacy te beschermen dat doen vanuit de gedachte dat ze dan veiliger en minder kwetsbaar zijn. Ondanks dat ik die gedachte begrijp, denk ik zelf dat het omgekeerde vaker waar is. Namelijk dat meer openheid leidt tot minder kwetsbaarheid. Hoe opener ik ben en hoe meer dit gepaard gaat met mijn zelfkritische kant, hoe minder kwetsbaar ik zal zijn. Daar ben ik van overtuigd. Want wie open en zelfkritisch is, zal minder snel geraakt en gekwetst (kunnen) worden. Althans zo denk ik erover. Al sta ik uiteraard open voor andere meningen...

Deel twee volgt meteen hierna.
 








Tonko


Wil je reageren op deze column? Ik hoor graag jouw mening!
Klik onderaan dit blog op "(Geen) opmerkingen" en plaats je reactie.

 
Foto: Tonko
 

Geen opmerkingen:

Een reactie posten